Overal in ons land wordt glasvezel aangelegd. Op plekken waar dit net is gebeurd, steken gekleurde plastic sprietjes uit de stoep. Maar het duurt vaak maanden en soms zelfs jaren voordat die sprietjes weer uit de stoep verdwijnen.
De aanleg van een glasvezelkabel in de straat is meestal in een dag klaar. In de ochtend wordt een sleuf door de straat gegraven waarin de glasvezelkabel wordt gelegd. Aan het eind van de dag is die sleuf weer dicht en steekt voor elke woning een gekleurd sprietje uit de stoep.
Die gekleurde sprietjes zijn de uiteinden van de glasvezelkabels, die uiteindelijk naar de woningen gelegd moeten worden. Maar het aansluiten van woningen op de glasvezelkabel heeft wat meer voeten in aarde.
"Bedrijven die glasvezel aanleggen, moeten afspraken maken met bewoners om de glasvezelkabel in de woning aan te sluiten", legt glasvezelexpert Rudolf van der Berg van consultancybureau Stratix uit. "Daarnaast is er een beperkt aantal monteurs, waardoor het lang kan duren voordat de glasvezelkabel in de woning ligt."
De glasvezelkabel in een woning aansluiten kost honderden euro's per woning, weet Van der Berg. Daarom kiezen sommige bedrijven ervoor om alleen woningen aan te sluiten waarvan bewoners de glasvezelkabel willen gaan gebruiken.
Bij andere woningen blijven de gekleurde sprietjes dan gedurende lange tijd uit de grond steken. Daardoor duurt het maanden en soms zelfs jaren voordat alle gekleurde sprietjes weer uit de stoep zijn verdwenen.
Het aansluiten van appartementencomplexen en flats is nóg lastiger. Bedrijven die glasvezel aanleggen, moeten daarvoor niet alleen afspraken maken met de bewoners, maar ook met de gebouweigenaren of Vereniging van Eigenaren.
Maar het komt ook voor dat bedrijven ervoor kiezen om alleen een glasvezelkabel door de straat te leggen en woningen nog niet aan te sluiten. "We noemen dat handdoekje leggen", zegt Van der Berg. "Door alvast een glasvezelkabel in de straat te leggen, claim je als het ware de straat en verklein je de kans dat een concurrent er een glasvezelkabel legt."
Het is niet helemaal duidelijk op hoeveel plekken er op dit moment nog gekleurde sprietjes uit de grond steken. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) registreert alleen bij hoeveel gebouwen glasvezel door de straat loopt. Dat zijn er nu zo'n 7,7 miljoen. Maar de toezichthouder weet niet hoeveel gebouwen daadwerkelijk op de glasvezelkabel zijn aangesloten.
Wel weet de ACM hoeveel glasvezelabonnementen er actief zijn: op dit moment bijna drie miljoen. Een simpele rekensom leert dan dat zo'n 4,7 miljoen glasvezelaansluitingen momenteel niet in gebruik zijn. Dat kan opgedeeld worden in gebouwen die al wel een aansluiting hebben en plekken waar de glasvezelsprietjes nog uit de grond steken.
Daarnaast zitten er volgens Van der Berg ook dubbeltellingen in de cijfers van de ACM. Er zijn steeds meer gebieden waar meerdere glasvezelkabels door een straat lopen. Maar ook woningen die op meerdere glasvezelkabels zijn aangesloten. In dat geval telt een woning dubbel of soms zelfs driedubbel in de cijfers mee.
Source: Nu.nl economisch