De wereldtemperatuur steeg vorig jaar opeens scherp, omdat de wolken minder zonlicht weerkaatsten. Volgens Europese wetenschappers is dat zorgwekkend, want het kan betekenen dat de aarde sneller opwarmt dan wordt gedacht.
Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.
Ineens was het vorig jaar tienden van een graad warmer, er waren hittegolven op zee en de ijsmassa’s smolten in recordtempo. Dit jaar is het weer raak: 2024 wordt zo goed als zeker het eerste jaar dat de 1,5 graad opwarming sinds het pre-industriële tijdperk overschrijdt.
Een tijdelijke uitschieter? In vakblad Science komen wetenschappers van het Alfred Wegener Instituut en het Europese weeronderzoekscentrum ECMWF met een andere verklaring.
Lage wolkenvelden boven zee lijken sterker te reageren op de opwarming van de aarde dan gedacht, blijkt uit satellietmetingen. Ze vallen eerder uiteen waardoor meer zonlicht de oceaan bereikt en de opwarming versnelt, schrijft de groep onder leiding van klimaatwetenschapper Helge Goessling.
‘Zeer interessant, maar ook verontrustend’, reageert desgevraagd wolkenexpert Pier Siebesma (TU Delft, KNMI), na lezing van het nieuwe onderzoek. Volgens de huidige inzichten warmt de aarde ongeveer 3 graden op als de hoeveelheid CO2 in de dampkring zou verdubbelen. ‘Maar dat zou nu opschuiven richting de 4 graden. Best ernstig’, vindt Siebesma.
Zo zou het klimaatdoel om de opwarming te beperken tot hoogstens 2 graden, veel lastiger haalbaar worden. Volgens de huidige inzichten duurt het zonder extra klimaatbeleid tot ongeveer 2030 voordat de 1,5 graad wordt gepasseerd, en tot ongeveer 2045 voordat de 2 graden in zicht komt. Mét wolkeneffect is de 1,5 graad nu al overschreden en kan de 2 graden opwarming al voor 2040 worden gepasseerd.
‘Als een groot deel van de afname van het albedo (de weerkaatsendheid van de aarde, red,) inderdaad te wijten is aan terugkoppelingen tussen de opwarming van de aarde en lage wolken, moeten we in de toekomst een vrij intense opwarming verwachten’, zegt Goessling in een toelichting.
Bij het huidige beleid koerst het klimaat af op ongeveer 3 graden opwarming in 2100. Met wolkeneffect zou dat eind deze eeuw dus eerder tegen de 4 graden zijn.
Het gedrag van wolkenvelden is een van de grote onzekerheden in het klimaatonderzoek. Op een opwarmende aarde is er weliswaar meer verdamping, maar zouden lage wolken ook vaker uiteen kunnen vallen doordat ze worden ‘leeggezogen’ door droge lucht erboven.
‘Een heel subtiel effect’, zegt Siebesma. ‘Recente studies suggereerden dat de afname van lage bewolking boven zee niet zo heel groot zou zijn.’ Maar dat was voor de raadselachtige hitte van 2023. ‘Iedereen in ons veld verbaasde zich erover. Dit is een toename die eigenlijk buiten de statistieken valt’, zegt Siebesma.
Het Duitse team ontrafelde die extra opwarming. Zo was de zon actiever, was er een opwarmende El Niño, en spoot bij Tonga een zeevulkaan een immense hoeveelheid waterdamp hoog de dampkring in.
Tel al die factoren bij elkaar op en er blijft nog steeds zo’n 0,2 graad onverklaard, becijfert Goessling. Zo stuwde de actievere zon de temperatuur slechts 0,027 graden omhoog, en de El Niño 0,07 graad. De echte klapper, ontdekte de groep, is de toegenomen ‘dofheid’ van de aarde. Die dreef de warmte zo’n 0,23 graad extra op.
Ook schonere scheepsdiesel zal de weerkaatsing van wolken wat hebben afgeremd. Zwaveluitstoot door schepen maakt wolken namelijk witter. Dat zal zo’n 0,1 graad hebben gescheeld, laat Goessling weten. Dat is alweer te weinig om de plotse opwarming van afgelopen jaren te verklaren, stellen de Duitsers. ‘Een terugkoppeling van de lage bewolking lijkt logischer’, beaamt ook Siebesma.
Komende jaren moet blijken of er niet toch gewoon sprake is van een of ander tijdelijke, toevallige schommeling van de opwarming. Maar als dat niet zo is ‘kan de extra warmte van 2023 blijvend zijn’, schrijven de Duitsers. Landen zouden dan nog sneller hun uitstoot van broeikasgassen moeten terugschroeven om nog aan hun klimaatafspraken te kunnen voldoen.
Intussen zien klimaatwetenschappers steeds meer aanwijzingen dat de opwarming van de aarde versnelt. Probeer een rechte lijn te trekken door de jaartemperaturen sinds 1970 en de laatste 10 jaar liggen haast allemaal bóven die lijn, signaleerde de Amerikaanse klimatoloog Zeke Hausfather vorige week. Nasa-wetenschappers die werken met metingen van klimaatsatelliet Ceres zien intussen dat de dampkring gaandeweg steeds meer binnenkomende energie vasthoudt dan de aarde kwijtraakt.
De weerkaatsing van de aarde is in honderd jaar niet zo zwak geweest, blijkt uit de satellietmetingen in Science. ‘Dat is toch wel heel opmerkelijk, en geeft te denken’, zegt Siebesma.
Het is denkbaar dat de noordpool al over drie jaar ’s zomers tijdelijk ijsvrij is, blijkt uit deze week gepubliceerd onderzoek. Een zachte winter en een warme lente kunnen er in theorie al in 2026 voor zorgen dat de ijsbedekking van de noordpool zakt onder de één miljoen vierkante kilometer drijfijs, de grens die experts bij afspraak ‘ijsvrij’ noemen.
Dat zou geen directe merkbare gevolgen hebben. Het is wel ‘een gebeurtenis met groot symbolisch belang’, schrijven Zweedse en Amerikaanse onderzoekers in vakblad Nature Communications. De kans op een noordpool zonder ijs in 2026 is weliswaar klein, maar duikt soms wel degelijk op in de modelberekeningen, stellen de wetenschappers.
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant