D66 heeft donderdag het overleg met de regeringspartijen over de onderwijsbezuinigingen verlaten. De partij vindt dat het kabinet te weinig beweegt. Vier andere oppositiepartijen praten wel verder.
D66-leider Rob Jetten verliet donderdagochtend na een kort beraad de kamer van PVV-leider Wilders, waar opnieuw werd onderhandeld over de onderwijsbegroting. Hoewel woensdag bleek dat het kabinet bereid is 650 miljoen van de geplande onderwijsbezuinigingen af te halen en onder meer de langstudeerboete te schrappen, vindt Jetten dat volstrekt onvoldoende. De eis van de oppositie was om 1,3 miljard aan bezuinigingen te schrappen.
‘Ik ben blij dat we in de afgelopen weken meer over onderwijs hebben kunnen spreken dan ze tijdens de hele kabinetsformatie hebben gedaan’, aldus Jetten donderdagochtend. ‘Dat levert ook goede dingen op, zoals het schrappen van de langstudeerboete. Maar mijn inzet was ook goede lerarensalarissen, extra geld voor het mbo, voor jonge wetenschappers en voor baanbrekend onderzoek. Daar zie ik onvoldoende ruimte.’
D66 was met CDA, SGP, ChristenUnie en JA21 een van de partijen die vorige week aankondigden tegen de onderwijsbegroting te stemmen als het kabinet de voorgenomen bezuinigingen niet afzwakt. Zonder de steun van die vijf partijen krijgt de begroting niet voldoende steun in de Eerste Kamer.
Voor het kabinet is na het afhaken van D66 nog niet alle hoop vervlogen, want de resterende vier partijen hebben samen nog genoeg zetels om de begroting in de Eerste Kamer van een meerderheid te verzekeren. De vier laten naar verwachting later vandaag weten of zij nog rekenen op een akkoord.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant