De Kamer wil onderzoek naar de normen en waarden van Nederlanders met een migratieachtergrond. Daar gaat veel tegelijk mis.
Het kostte het kabinet inmiddels een staatssecretaris en de NSC-fractie twee Kamerleden, maar de regeringscoalitie blijft vastbesloten om van het recente antisemitische geweld in Amsterdam een breed integratiedebat te maken. ‘Dingen moeten wel benoemd worden’, is de mantra. Dat voornemen culmineerde deze week in de Tweede Kamer in een breed gedragen motie van VVD-Kamerlid Bente Becker (alleen GL-PvdA, D66, Denk, Volt en PvdD stemden tegen) die het kabinet oproept om voortaan ‘gegevens over religieuze en culturele normen en waarden van Nederlanders met een migratieachtergrond te gaan bijhouden’.
Dat komt bekend voor. Twintig jaar geleden gaf VVD-minister Rita Verdonk aan onderzoekers de opdracht om ‘vignetten’ te ontwerpen die de mate van integratie van groepen Nederlanders helder moesten maken. De rapen waren gaar, ook in de VVD, zeker toen voormalig partijleider Hans Dijkstal opmerkte ‘dat het verdacht veel op de Jodenster begint te lijken’.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Maar het debat doofde vanzelf weer uit. Onderzoek naar allerlei sociaal-economische verschillen tussen Nederlanders van diverse pluimage bleek al ruimschoots voorhanden. Bovendien wist Verdonk ook niet wat ze met die vignetten moest. Het integratiebeleid verloor na 2010 z’n aantrekkingskracht op politici, die zich toelegden op het immigratiedebat.
De VVD zet de klok nu dus twintig jaar terug, maar gaat een stap verder: toen ging het nog om sociaal-economische verschillen, nu gaat het om ‘normen en waarden’. En daar gaat veel tegelijk mis.
Aan sociaal-economische verschillen kan een overheid in principe wat doen (onderwijsbeleid, economische activering), maar een overheid die wat gaat vinden van de normen en waarden van haar burgers rijdt al snel een juridisch moeras in. Er zijn wetten en regels die zorgen dat iedereen naast elkaar kan bestaan, maar daarbuiten is het denken vrij.
Wat moet het kabinet nou als straks uit het bestelde onderzoek blijkt dat, bij wijze van spreken, Chinese Nederlanders iets minder zwaar hechten aan de vrijheid van meningsuiting en in gezinsverband bovengemiddeld veel moeite hebben met de acceptatie van homoseksualiteit?
Bovendien veronderstelt de Kamer dat er zoiets bestaat als een standaard. Wat wordt de meetlat? In de motie-Becker wordt een direct verband gelegd met de opvattingen in ‘religieuze gemeenschappen’. Zouden de christelijke partijen de motie ook hebben gesteund als ze hadden vermoed dat de overheid zich met de normen en waarden in hun achterbannen gaat bemoeien?
Daar wringt de schoen. Want de motie-Becker houdt het bewust vaag, maar de Kamer wil het uiteraard niet hebben over het welzijn van lhbti’s in Barneveld, over hardnekkig antisemitisme in de harde supporterskern van PSV of over de normen en waarden van de inwoners van Montferland die deze week hun eigen gemeenteraadsleden zwaar intimideerden. Al die mensen worden als individuen beschouwd die pas met de overheid te maken krijgen als ze de wet overtreden.
Slechts als er sprake is van wangedrag door jongeren met een migratieachtergrond wordt er gretig een integratieprobleem van gemaakt. Het risico van stereotypering neemt de Kamer op de koop toe. Alle verzekeringen van de afgelopen weken dat heus ‘niemand over één kam wordt geschoren’ verliezen door zo’n motie in één keer hun waarde.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant