Home

Hoe diversiteit tastbaar werd via de zwarte revolutie bij het Arsenal van coach Arsène Wenger

Onder succescoach Arsène Wenger werd diversiteit normaal bij de bekende Londense voetbalclub Arsenal. Het boek Black Arsenal toont hoe dat voor een hele generatie zwarte Britten voelde als thuiskomen.

Het gevoel van thuiskomen is het tastbaarst als je het niet verwacht, op de kleine, toevallige momenten die warmte uitstralen. Een kruidige geur uit de keuken. Het geluid van een bal die tegen een muur kaatst. De omhelzing van een geliefde na een lange dag.

Thuis. Voor veel voetbalfans roept hun club dat gevoel op. Het soort thuiskomen dat in het boek Black Arsenal in levendige pennenstreken wordt beschreven. Everyday conviviality, aldus academicus Paul Gilroy in het boek, een verbondenheid die sterker is dan nationale identiteit. Vrij vertaald: alledaagse gezelligheid. Maar of dat de definitie omvat?

Het is te makkelijk om te stellen dat Black Arsenal een ode is aan zwarte spelers. De 306 pagina’s tellende ontdekkingsreis langs voetbal en zwarte Britse culturele geschiedenis is meer dan dat. Het boek bestaat uit verschillende essays over historische momenten en persoonlijke verhalen, ondersteund door paginagrote foto’s en pakkende typografie, en is zorgvuldig samengesteld door auteur Clive Chijioke Nwonka en redacteur Matthew Harle. Door middel van verhalen en ervaringen tonen zij hoe de club een belangrijk maar onderbelicht onderdeel van de moderne, zwarte Britse cultuur en identiteit werd. Representatie speelt daarbij een belangrijke rol.

Migrantenfamilies

Arsenal werd opgericht in het zuiden van Londen in het stadje Woolwich, maar verhuisde wegens beperkte faciliteiten en financiële noodzaak naar Islington in Noord-Londen, vlak bij de underground, waardoor de club bereikbaarder werd voor een groter publiek. Het Arsenal Stadium – in de volksmond Highbury, naar de buurt – verrees in een wijk waar vooral na de Tweede Wereldoorlog migrantenfamilies hun plek vonden in een land dat hen vaak niet wilde accepteren. Voor velen was het stadion een plek van hoop, waar men even ontsnapte aan de dagelijkse realiteit van racisme en economische ongelijkheid. Op de tribunes zongen de zwarte fans liederen, hingen hun vlaggen op – niet alleen als steun voor de club, maar ook als een vorm van culturele weerstand. Het was een statement: wij horen hier, wij zijn thuis.

Nwonka legt met precisie uit hoe zwarte Londenaren, hoewel vaak gemarginaliseerd, een diepgaande invloed hadden op de cultuur rond Arsenal. Zij brachten muziek en ritmes mee uit de Caraïben, verhalen uit Afrika, en gemeenschapszin. Zo ontstond een identiteit die synoniem bleek aan die van de Arsenalfan. En dat gaat ondanks de overkoepelende naam, Black Arsenal, dieper dan huidskleur en laat ruimte voor stemmen van alle kleuren. De trots die het boek Black Arsenal uitstraalt, terwijl het de grenzeloze diversiteit van de club optekent, is krachtig en tastbaar, niet allerminst omdat ik mezelf erin weerspiegeld zie.

Mijn ouders werden geboren in Paramaribo, ikzelf in Amsterdam in het toenmalige AMC – misschien waren zij Woolwich, ben ik Islington – en het boek doet me denken aan luie zomerdagen op Kwakoe met schaafijs in het gras, terwijl buurjongens een bal trappen op hetzelfde veld waar spelers als Clarence Seedorf, Edgar Davids en voor hen Stanley Menzo ooit voetbalden, voordat ze voor Ajax uitkwamen. Aan Annie’s Place aan de Agatha Christiesingel in de Venserpolder, waar authentieke Surinaamse gerechten worden bereid en waar ingelijste Ajax-shirtjes aan de muur hangen. Aan Bob Marley en de reggaecultuur, die zo verweven is met de Bijlmer en Surinamers, én met Ajax. Black Arsenal voelt als het lezen van mijn eigen herinneringen en ervaringen, verteld door de stem van een ander. Zo werkt representatie nu eenmaal, ook binnen het voetbal.

Racisme

Het is een van de redenen dat Nwonka meerdere mensen uitnodigde om bij te dragen aan het boek, in plaats van het zelf te schrijven zoals aanvankelijk zijn plan was. Zo schrijft levenslange fan David Forrest over de veelbesproken wedstrijd die Arsenal speelde tegen het beruchte Barnsley, waarin zwarte Arsenal-spelers werden blootgesteld aan grove racistische beledigingen.

En vertelt oud-spits Ian Wright, die deze wedstrijd speelde, hoe een Barnsley-supporter jaren later contact met hem zocht om zijn excuses aan te bieden. De chef met de mooie naam komt aan het woord – Stardious Christie, die buiten het stadion de traditionele Jamaicaanse jerk chicken verkoopt, evenals schrijver Rodney Hinds, die het Arsenal memoreert dat onder leiding van Arsène Wenger op 28 september 2002 met negen zwarte spelers in de basiself aantrad tegen Leeds. Nog zo’n bepalend moment dat Arsenal een stevig fundament geeft binnen de zwarte cultuur, en waar het boek vol mee staat.

Wenger creëerde bij Arsenal een omgeving waarin Afrikaanse en Caraïbische spelers konden floreren. Hij dwong hen niet in een standaard Europees keurslijf, maar bouwde zijn team rond hun unieke talenten – en dat maakte Arsenal niet alleen succesvol, maar ook revolutionair.

Onder Wenger werden spelers als Patrick Vieira, Kanu en Thierry Henry meer dan voetbaliconen: ze werden symbolen van trots en verbinding voor zwarte gemeenschappen. Voor zwarte Britten was dit herkenning en representatie in de krachtigste vorm: spelers die hun roots uitdroegen en succesvol waren op hun eigen voorwaarden. Wenger maakte diversiteit normaal en daarmee veranderde hij Arsenal én de zwarte gemeenschap. Dat gaf een hele generatie zwarte Britten hoop en het besef dat je, ongeacht je afkomst, ergens bij kunt horen. Ergens kunt thuiskomen.

Thuiskomen kun je niet vangen, niet afdwingen. Het zit in momenten, in het gewone. Juist dat gewone heeft een enorme impact: hoe vaker je iets ziet, hoe meer het verweven raakt met je beeld van wat gangbaar is.

Arsenal biedt een thuis zonder zich expliciet in te zetten als symbool van inclusiviteit. En daarin schuilt de kracht. Het zien van zwarte spelers, generatie op generatie, maakt diversiteit niet bijzonder, maar vanzelfsprekend. Black Arsenal toont hoe dat werkt, hoe voetbal onbewust iets diep menselijks kan veranderen. Het roept de warmte van herkenning op, die je voelt als je jezelf in een verhaal ziet, niet als uitzondering, maar als onmiskenbaar onderdeel van het geheel.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next