Home

Hoe zelfgebreide sexy niemendalletjes de ultieme tegenhanger werden van fast fashion

Breien braaf? Het tegendeel, volgens deze feministische en antikapitalistische yarn sluts. Met hun zelfgebreide kleding en sexy niemandalletjes vormen ze een nieuwe beweging binnen de modewereld – en dat trekt ook de aandacht van topmodel Kendall Jenner.

Lisa Bouyeure schrijft voor de Volkskrant over internetcultuur en mode. Simoon Hermus is techredacteur voor de Volkskrant. Ze schrijft onder meer over sociale media en kunstmatige intelligentie

Onder aanmoediging van de fotograaf drapeert Sophia Wintermans zich over een kleine ronde tafel. Ze ligt op haar bed, leunt tegen de muur, poseert dan weer voor het raamkozijn van haar kleine Amsterdamse appartement. Bollen garen in alle kleuren puilen uit kastjes en manden.

De plantenpot naast Wintermans’ bed draagt een gehaakte hoes in hetzelfde pastelgeel als haar zelfgemaakte outfit: een kort strak rokje en een top van losjes gehaakte vierkantjes en rondjes, in handwerkkringen bekend onder de naam granny squares en granny circles. Maar deze outfit is niet oma-achtig. De vele openingen in het haakwerk onthullen dat Wintermans geen ondergoed draagt. Ze poseert als een volleerde pin-upgirl met rode blosjes op haar wangen.

Lappen natte tweed

Wintermans (25) is de oprichter van het platform Knits and Notes en organiseert evenementen waar breiers en hakers samenkomen om te handwerken en naar muziek te luisteren. Tijdens een minor modestudies aan de Universiteit van Amsterdam was ze gefascineerd geraakt door de combinatie van handwerken en muziek. Door de vrouwen die eeuwenlang op het ritme van Schots-Gaelische volksliedjes lappen natte tweed tegen een tafel sloegen om ze zachter en steviger te maken. Of door de installatie Soundweaving van de Hongaarse kunstenaar Zsanett Szirmay, die ouderwetse borduursels naar geluid vertaalt. Maar los daarvan had Wintermans zo vaak alleen zitten breien dat ze wel wat gezelschap kon gebruiken.

Animo is er genoeg. Tijdens de pandemie, toen men koortsachtig op zoek ging naar manieren om zich binnenshuis te vermaken, kreeg handwerk een enorme impuls. In 2020 verdubbelde de internationale knutselmarktplaats Etsy haar omzet van bijna 600 miljoen dollar naar ruim 1,3 miljard. De eigenaar van een Delftse wolwinkel vertelde het AD dat ze in 2018 financieel bijna ten onder ging, maar dat haar omzet drie jaar later was vervijfvoudigd.

Ook jongeren sloegen aan het handwerken en fristen het imago ervan op. ‘How knitting became cool’, kopte de BBC in het eerste coronajaar. Een deel van de jonge handwerkers bleef trouw aan hun nieuwe hobby – ook toen de clubs weer opengingen.

Omdat breien en bier drinken elkaar niet hoeven uit te sluiten, organiseerde Wintermans in mei 2023 het eerste Knits and Notes-evenement in bar Murmur in Amsterdam-Noord (afgeragde loods, stijlvol publiek). Zo’n vijftig jonge breiers en hakers streken met tassen vol wol neer op het zonnige terras. Een dj draaide plaatjes, de wijn was oranje. Naast dit soort bijeenkomsten volgden er ook lezingen, een filmvertoning (met het zaallicht aan) en een festival. Tijdens het Amsterdam Dance Event in oktober werd er in het Volkshotel gebreid aan lange tafels vol flessen wijn. Bij de dj-booth breiden een vrouw in een naveltruitje en een man in een lange zwarte rok al dansend verder.

Feministisch en sexy

Knits and Notes is nu een stichting met elf teamleden en een stagiair. Je zou kunnen zeggen dat oprichter Wintermans een breiclub runt, zoals ook het Nationaal Ouderenfonds dat door heel Nederland doet. Maar Knits and Notes is net anders dan Breicafé Wolkom te Ermelo of De Grijze Pennen uit Boxmeer. De doelgroep is jong, randstedelijk, hoogopgeleid, feministisch en sexy, en maakt net zo lief dikke wollen truien als minuscule topjes.

Er is ook een onmiskenbare overeenkomst tussen de Grijze Pennen en het gros van de Knits and Notes-gangers: borsten. Bij beide clubs zijn de meeste bezoekers vrouw. Toch is er maar één club die deze maand een kalender getiteld Knits and Tits uitgeeft. Voor de foto’s poseerden Wintermans en elf andere vrouwen thuis in zelfgebreide of -gehaakte niemendalletjes.

Lucy, het februarimodel, heeft zwart stekeltjeshaar en draagt een gebreid bondageharnas. Haar tepels zijn bedekt met stickers en ze hangt aan een paaldanspaal. Blader door naar augustus waar Ileana, benen in de lucht, zich over een grote witte stoel heeft gevlijd. Ze draagt een rood broekje en een minuscule gehaakte triangelbikini. De kalender wordt op 9 december in Paradiso in Amsterdam gepresenteerd. Bezoekers kunnen de tekst ‘Yarn Slut’ laten zeefdrukken op meegebrachte kledingstukken. Indierockband The Klittens treedt op.

Reuring in het handwerkwezen

Want hoewel de poses van de twaalf vrouwen niet zouden misstaan op de naaktkalenders die brandweerkazernes en bouwketen sieren, is de Knits and Tits-kalender voor een ander publiek gemaakt. Bezoekers van Knits and Notes-evenementen zijn niet zelden queer en intersectioneel feminist. Ze denken na over hoe alle soorten onrecht met elkaar samenhangen en stellen vragen als: waarom wordt een traditioneel vrouwelijk ambacht als knutselen gezien en een traditioneel mannelijk ambacht als kunst? Naast tits toont de kalender behaarde benen, cellulitis en een kort neongroen kapsel.

Em Revill, de fotograaf van de kalender, vindt het logisch dat zelfgemaakte kleren juist onder deze groep zo populair zijn. ‘Als je buiten de norm valt, merk je dat het kapitalisme voor jou niet werkt.’ Revill verwijst naar bell hooks, het pseudoniem (zonder kapitalen) van de Amerikaanse schrijver en activist Gloria Watkins, die korte metten maakte met het witte jarenzeventigfeminisme. Zij sprak van een white supremacist capitalist patriarchy om aan te geven dat racisme, klassisme en seksisme niet los van elkaar te zien zijn.

Concreet voorbeeld: een westerse vrouw krijgt een hoger salaris als ze aantrekkelijk wordt gevonden, blijkt uit meerdere studies. Hoe meer gebreide truien ze daarvan koopt, hoe meer fabrieksarbeiders (vaak vrouwen van kleur) er worden uitgebuit. De witte man aan de top van menig winkelketen spint er juist garen bij. Maar er is dus een alternatief: zelf met pennen en naalden in de weer gaan. Daarvoor moeten we de uitbater van dat sympathieke wolwinkeltje wel even los zien van het economische systeem.

Tegengif

Elke vorm van zelfvoorzienendheid en slow fashion is meer dan welkom. De wereldwijde kledingproductie is tussen 2000 en 2015 verdubbeld. Gemiddeld bezitten mensen 60 procent meer kleding dan vijftien jaar geleden. Elk item is 50 procent minder gedragen voor het wordt weggedaan, berekende eco-website theroundup.org. Veel vingers wijzen naar de almaar sneller draaiende microtrendmolen van winkelketens als Zara en Shein, waardoor de nieuwste collectie na een paar weken alweer hopeloos passé op de vuilnisbelt belandt.

Volgers van influencers willen van elk kledingstuk weten waar het te koop is; het liefst met een linkje erbij zodat ze die leuke ribbroek met één klik in hun winkelmandje kunnen gooien. Merken blijven (ongevraagd) dozen vol spullen opsturen naar influencers, die zo dagelijks in compleet nieuwe outfits verschijnen. Een paar dagen later trekt de beïnvloede consument thuis precies hetzelfde uit het plastic.

Hoewel socialmediaplatformen te verwijten valt dat ze hyperconsumptie aanwakkeren, bieden ze ook tegengif voor wie op zoek is naar een alternatief. ‘Breifluencers’ als de Britse Evvia Gonzales (@loupystudio, 146 duizend Instagramvolgers) verheffen handwerken tot een jaloersmakende levensstijl waarin uitsluitend duurzame materialen voorkomen en vaker dezelfde kleding dragen juist cool is.

Terwijl generatiegenoten sinds corona weer schoorvoetend onder de tl-buizen van hun kantoorpanden kruipen, fotografeert Gonzales zichzelf op een rotspartij langs de Australische kust, een bol handgesponnen wol met breinaalden over haar bruinverbrande knieën gedrapeerd. Ze verdient haar geld met het verkopen van haar handgemaakte kleding, en brei- en haakpatronen voor mensen die haar outfits zelf willen maken.

En waar het algoritme volgens critici als de Amerikaanse journalist Kyle Chayka onze smaak ‘vervlakt’ omdat we niet meer zelf op zoek gaan naar inspiratie, heeft het op mensen die zich al in een niche bevinden een heel andere uitwerking. Wie eenmaal een paar breifluencers volgt, ziet al snel de hele tijdlijn volstromen met wol, patronen en creaties. De relatief bescheiden handwerkgemeenschap wordt voor liefhebbers plots het centrum van hun internetbeleving. Maar ook mensen die zelf (nog) niet breien, kijken graag naar rustgevende video’s van handwerkers. Het algoritme signaleert dit, en geeft dit soort filmpjes een extra slinger. Zo wordt het evangelie verder verspreid.

Breifluencers

‘Kijken en leren hoe mensen dingen maken is een heel genre op TikTok en Instagram geworden’, zegt Maxime Mulder van het Amsterdamse handwerklabel Deparel. ‘Ze werd eerst boos toen ik een Instagram-account voor haar aanmaakte, daar had ze geen zin in’, zegt James Langley lachend. Mulder en Langley leerden elkaar kennen op de Rhode Island School of Design, beiden gefascineerd door de analoge breimachine – en elkaar, zo bleek. Ze kregen een relatie en experimenteerden met ontwerpen, Mulder stond model voor hun zelfgemaakte kleding.

‘Aanvankelijk hadden we nog geen honderd volgers, maar we kregen steeds meer plezier in experimenteren met foto’s en ons werk’, zegt Mulder. ‘Binnen no time stuurden meerdere beroemdheden ons berichten, het ging heel hard.’ Ze maken grafische, rekbare designs vol textuur en met kleurpatronen die doen denken aan rupsen, zoals die van het Nederlandse vlasbekuiltje. Rokken, tops en heel kleine ‘knitkini’s’ – bikini’s – van speciaal materiaal voor in het water.

Naar aanleiding van hun rupscollectie worden Mulder en Langley door het Canadese (luxe)modeplatform Ssense gevraagd om 115 kledingstukken te maken. Vanuit een piepkleine slaapkamer werken ze drie maanden door, ondertussen openen ze in alle haast een bankrekening om hun merk, Deparel, officieel van start te laten gaan. Terwijl oud-studiegenoten grotendeels naar New York trekken, verhuizen Mulder en Langley naar Amsterdam: een nieuwe omgeving, lagere huur en meer kans om zich te onderscheiden, gokken ze. Mulder heeft Nederlands-Indonesische wortels, Langley is in Engeland geboren.

En dan, twee jaar na hun eerste Instagrampost, wordt Langley door zijn zus gebeld. Schreeuwend. ‘Kendall Jenner heeft je knitkini aan!’ Van een bedompte kelder verhuizen ze naar de eerste verdieping in hun creatieve broedplaats. Houten balken, breimachines, de muren vol garenkegels. Twee assistenten buigen zich over hun werk, het IJ kaatst het daglicht door de hoge ramen glinsterend naar binnen. Dit begint ergens op te lijken.

Momentum te pakken

Handwerkmerken als Deparel hebben het juiste momentum te pakken voor hun kleding, die met 275 euro voor een knitkini niet goedkoop is. ‘Het kost me een volle dag om er eentje te maken’, zegt Mulder. Ze twijfelt of ze meer van het maakproces op Instagram zou moeten delen: dit soort video’s leveren een boel volgers op, maar ze zijn ook bang voor copycats. Fast-fashionketens als Shein stelen schaamteloos wat op sociale media populair is; en imiteren dus ook handwerk. Nu zijn de patronen van Deparel bewust zo ontworpen dat ze nooit helemaal mechanisch te reproduceren zijn, maar het Shein-achtige merk Halibuy kwam een heel eind.

De handwerkgemeenschap zelf is juist heel gemoedelijk, vinden Langley en Mulder. De dominantie van vrouwen lijkt hierin een rol te spelen. Ter illustratie: op internetforum Reddit zijn zowel handwerk- als gamegemeenschappen te vinden. Er zijn natuurlijk breiers en gamers van alle mogelijke genders, maar de eerste groep wordt gedomineerd door vrouwen, terwijl mannen in de tweede de boventoon voeren.

Beide gemeenschappen kennen een ruwe tweedeling: haken versus breien, en gamen op de computer versus op de console. In de gamegemeenschap wordt al meer dan tien jaar zó heftig gediscussieerd over welke van de twee beter is, dat men spreekt van een oorlog. Breiers en hakers vinden het allemaal prima, smaken verschillen.

Ook de onvangst van minderheden verschilt nogal. Waar sommige vrouwen in onlinegames een mannelijke stemvervormer gebruiken om niet te worden uitgescholden of lastiggevallen, krijgt een jongen die zijn eerste breiproject op Reddit deelt — een soort braakselkleurige rattenstaart — louter applaus. Zo ook een bonkige Amerikaanse veteraan die, voor hij ’s ochtends in een reflecterend hesje naar de bouwplaats vertrekt, de laatste hand legt aan een gebreid sneeuwpopje.

Tijdens het Amsterdam Dance Event zit kalendermodel Neisha Kaul, het januarimodel van de Knits and Tits-kalender, naast een vrouw die met een baby op schoot aan een nieuw breiproject begint. Kaul werkt in Londen als chefkok, maar is even terug in Nederland voor het Knits and Notes-feest in het Volkskhotel.

Plek opeisen

Zelf kan ze nog niet breien, dat is ze nu aan het leren. Op de foto draagt ze een kronkelig gehaakt schort dat ze baseerde op een patroon van Evvia Gonzalez. Het heeft de kleuren van de Tiranga, de Indiase vlag, en ze draagt er een smetteloos witte koksbuis overheen. Door het schort te haken, een kunstvorm die als vrouwelijk wordt gezien, eist Kaul symbolisch haar plek op in het door mannen gedomineerde chefswezen.

Verderop zit Mia Busse naast fotograaf Revill. De Duitse Busse studeert in Groningen aan de Minerva Academie. Mag ze Busses kalenderfoto’s alvast aan de verslaggevers laten zien, vraagt Revill. Voelt ze zich daar comfortabel bij? ‘Prima hoor’, antwoordt het julimodel, ‘als ze naar mijn tepels willen kijken.’

Het transparante, zuurstokroze jurkje dat ze op de foto draagt, heeft ragfijne bandjes. ‘Sorry dat ik je heb ge-exposed’, roept Revill ineens schuldbewust. Ze doelt niet op de vreemde ogen die naar Busses borsten en gespreide benen staren. Wat ze zojuist heeft onthuld is in deze kringen veel compromitterender: aan de achterkant van het ogenschijnlijk perfecte breisel, intiemer kan haast niet, wordt de boel met spelden bijeengehouden.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next