Home

Geen rondspringende pieten, muziek of gegil: prikkelarm Sinterklaas vieren is in opkomst

Dansende pieten, pepernoten die je om de oren vliegen en de belofte van cadeautjes: voor sommige kinderen heeft het sinterklaasfeest veel te veel prikkels. In Eibergen organiseert het sinterklaascomité daarom een prikkelarme viering.

is binnenlandverslaggever van de Volkskrant.

Voorzichtig schuifelen de broertjes Jip (9) en Thijs (6) een sobere ruimte in de Eibergse dorpsbibliotheek binnen. Een kamer zonder slingers, pakjes of muziek. Maar mét Sinterklaas. ‘Dag Jip en Thijs!’, zegt de goedheiligman. De jongens, die beiden een autismespectrumstoornis hebben, en Jip daarnaast een verstandelijke beperking, zeggen niet veel. Ze glunderen vooral.

Sinterklaas is hun favoriete feest, zegt vader Martijn van der Pluijm, en met oordoppen in gaan Jip enThijs nog weleens naar de intocht. ‘Dat vinden ze geweldig. Maar door al die indrukken zijn ze na afloop van slag. Dan huilen ze van ontlading.’

Doel vandaag is om dat te voorkomen. De Sint, bewust al op zijn paarsfluwelen troon neergestreken vóór de komst van de kinderen, heeft alleen het hoognodige bij zich: één Piet (met pepernoten natuurlijk), het grote boek en zijn staf. Zo elimineert het Eibergse sinterklaascomité zoveel mogelijk prikkels, opdat prikkelgevoelige kinderen Sinterklaas in alle rust kunnen ontmoeten.

Een-op-een

Het Gelderse dorp staat daarin niet alleen: de prikkelarme sintviering wint terrein. Het Overijsselse Wierden heeft sinds een aantal jaar een ‘prikkelarme zone’ tijdens de sinterklaasintocht, alleen toegankelijk voor mensen die dat nodig hebben. Luchtvaartmuseum Aviodrome in Lelystad ontdeed de sintactiviteiten één dag van zoveel mogelijk prikkels en net als in Eibergen ontmoeten kinderen in het Brabantse Steenbergen de Sint een-op-een.

‘Sinterklaas is voor iedereen’, zegt de Eibergse organisator Janneke Olthof. ‘Maar in de praktijk is dat lang niet altijd het geval: de muziek, de andere kinderen en de rondrennende Pieten zijn voor kinderen met een beperking al snel te veel. Of ze voelen zich voor het blok gezet, als pieten hun onverwacht vragen of ze een liedje willen zingen.’

Van dat alles heeft Daan (13) geen last. De jongen met downsyndroom rent meteen op Sinterklaas af. Die steekt zijn hand uit, maar Daan valt hem al in de armen. Als de tiener even later vrolijke, onverstaanbare keelgeluiden produceert, vraagt Sint hem toch om een liedje te zingen. Ook dat brengt Daan niet van zijn stuk: in plaats van te zingen, begint hij uitbundig te dansen.

Nu is Daan wellicht niet zozeer gevoelig voor prikkels, maar de persoonlijke ontmoeting met de Sint doet hem duidelijk goed. Hij heeft moeite met praten, en Sinterklaas luistert aandachtig. Zo is hij verliefd op Marthe van K3, vertelt hij de Sint, en zat hij tot voor kort op paardrijden.

Onvoorspelbaarheid

‘Het sinterklaasfeest draait volledig om het onvoorspelbare’, zegt Jeanet Thiewes van de Nederlandse Vereniging voor Autisme. ‘Het is altijd de vraag wanneer de Sint en zijn Pieten precies langskomen en ze halen fratsen uit, zoals het overhoop halen van de school. Die spanning is kinderen soms te veel, vooral als ze een prikkelverwerkingsstoornis als autisme hebben.’ Dat ‘te veel’ leidt bijvoorbeeld tot woedeaanvallen. Of een kind dat juist volledig in z’n schulp kruipt en niet meer naar school wil.

Het Sinterklaasjournaal doet er nog een schepje spanning bovenop: afgelopen week werd Sint met een ambulance naar het ziekenhuis gebracht. ‘Het moet er echt af’, zegt de dokter als twee Pieten bij hem komen kijken, en ze buigt zich met een slijptol over haar patiënt. De Pieten schreeuwen het uit van angst – pas in de volgende aflevering blijkt dat de Sint uit het gips werd bevrijd.

De jongens die de Sint vandaag ontmoeten, vragen er meteen naar: ‘Heb je au?’ wil Daan weten. ‘Nee, ik voel me weer kiplekker’, zegt de Sint. ‘Het komt altijd goed.’ Dat laatste is belangrijk om te benadrukken als een kind Het Sinterklaasjournaal té spannend vindt, zegt Thiewes. ‘Maar bij kinderen met autisme heeft het alleen zin als je ook zegt wannéér het goedkomt. En je weet: dat is in ieder geval voor 5 december.’

Planning

De rode draad in haar advies is dan ook: maak het feest voorspelbaarder. ‘Bijvoorbeeld door het kind alvast te vertellen wat het van Sinterklaas krijgt. En door een planning te maken van de weken dat Sinterklaas in het land is, waarop je duidelijk aangeeft wanneer hij aankomt, wanneer hij op school langskomt, wanneer de kinderen hun schoen mogen zetten en wanneer hij weer vertrekt. Want dat vertrek valt vooral kinderen met autisme vaak zwaar.’

Zo ook Jip en Thijs, vertelt hun vader. ‘Ook na 5 december willen ze zich blijven verkleden als piet. En ze missen Sinterklaas.’ Bedenk daarom een afscheidsritueel voor de Sint, zegt Thiewes. ‘Bijvoorbeeld door op pakjesavond een afscheidsbrief van Sinterklaas te geven. Of, dat is helemaal mooi, door naast een intocht ook een uittocht te organiseren.’

Vader Van der Pluijm: ‘Wij proberen de focus te verleggen naar kerst. Daarna naar Oud en Nieuw. En dan weer naar de krokusvakantie. Zo leven we van de ene naar de andere gebeurtenis.’

Bij steeds meer van die evenementen wordt rekening gehouden met kinderen die niet goed tegen prikkels kunnen. Zo zijn er kermisuitbaters die een prikkelarm uurtje inlassen en tijdens sommige carnavalsoptochten wordt een prikkelarme straat afgesproken, waar de wagens hun lichten en muziek uitzetten. ‘Het is zo gaaf dat ze de kans krijgen om er dan toch bij te zijn’, zegt Van der Pluijm. ‘Want dat is niet vanzelfsprekend.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next