Er zijn klimaatzaken tegen landen, er zijn klimaatzaken tegen bedrijven, en dan is er één klimaatzaak die de hele wereld aangaat. Die zaak gaat maandag van start bij het Internationaal Gerechtshof, dat zetelt in het Vredespaleis in Den Haag.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over het Middellandse Zeegebied en migratie, natuur en milieu.
Het begon allemaal op de eilandengroep Vanuatu. Als klimaatverandering zich ergens laat voelen, dan is het daar. Niet alleen verdwijnen delen van de eilanden langzaam onder de stijgende zeespiegel, ook razen er tropische cyclonen overheen, met een grotere heftigheid dan ooit, vanwege de opwarming van de aarde.
Na zo’n allesverwoestende cycloon, die de naam Pam kreeg en in 2015 rond de eilanden gierde, bedacht een groep rechtenstudenten: we moeten iets doen. Hoe kunnen we het internationaal recht gebruiken om bij andere landen klimaatactie af te dwingen?
Zo ontstond het idee om een klimaatzaak te beginnen bij het Internationaal Gerechtshof. En dat lukte: nu, bijna tien jaar later, staan de hoorzittingen op het punt te beginnen.
Maar liefst 98 landen en 12 internationale organisaties zullen de komende dagen in het Vredespaleis in Den Haag het woord voeren. Nog nooit kende een rechtszaak bij het Internationaal Gerechtshof zoveel deelnemers. ‘Je kunt zeggen dat dit de grootste rechtszaak in de geschiedenis van de mensheid is’, aldus Margaretha Wewerinke-Singh, universitair hoofddocent duurzaamheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Er zijn geen aangeklaagde partijen: de VN-landen hebben gezamenlijk uitleg gevraagd over de verantwoordelijkheid die landen hebben ten aanzien van klimaatverandering.
Wereldwijd worden honderden klimaatrechtszaken gevoerd. Wat maakt deze zaak bijzonder?
‘Juist omdat er zoveel zaken worden gevoerd, is deze zaak belangrijk’, zegt Wewerinke-Singh, die zelf als rechtendocent op Vanuatu werkte en vanaf het begin als adviseur bij de zaak betrokken was. ‘Die andere zaken zijn gericht tegen een staat, een project of een bedrijf. Een advies van het Internationaal Gerechtshof is anders, want dat heeft betekenis voor de hele wereld. Deze klimaatzaak kan al die andere klimaatzaken beïnvloeden.’
Ook Christina Eckes, hoogleraar en expert klimaatrechtszaken aan de Universiteit van Amsterdam, noemt de zaak ‘heel belangrijk’. ‘Dit gaat de hele wereld aan. En wat uniek is: staten als Vanuatu kunnen daadwerkelijk worden gehoord, als benadeelde. Dat is bij nationale- of Europese klimaatzaken niet zo. Die zaken gaan doorgaans over de rechten van de mensen binnen het eigen land of gebied, niet om de rechten van de volken die het meest onder de klimaatcrisis lijden, zoals de inwoners van Vanuatu.’
Waarover buigen de rechters zich?
Het Internationaal Gerechtshof bekijkt of landen het internationaal recht schenden door broeikasgassen uit te stoten – denk aan de universele rechten van de mens, het milieurecht of het zeerecht.
Er liggen twee deelvragen op tafel. Welke verplichtingen hebben landen om het klimaatsysteem en de mensen die lijden onder klimaatverandering te beschermen? En, in vervolg daarop: wat zijn de consequenties als ze toch significante schade toebrengen?
Het Internationaal Gerechtshof geeft een ‘adviserende mening’. Is dat niet vrijblijvend?
Nee. Het advies is weliswaar niet bindend, maar heeft grote morele autoriteit. ‘Een gewichtiger advies is in de wereld bijna niet te krijgen’, zegt Wewerinke-Singh.
Hoe ingrijpend kunnen de effecten van deze zaak zijn?
‘Ik hoop dat de uitkomst van deze zaak is dat de veroorzakers van klimaatverandering hun illegale gedrag direct moeten stoppen’, zegt Wewerinke-Singh. ‘Er kunnen dan geen nieuwe olie- en gasboringen meer zijn in landen die al veel broeikasgassen hebben uitgestoten, zoals Noorwegen. Ze zullen ook de al aangerichte schade moeten herstellen.’
Eckes is voorzichtiger. ‘Met de huidige geopolitieke situatie heeft het internationaal recht niet meer zoveel kracht als we vroeger dachten.’
Toch denkt ze dat kwetsbare landen als Vanuatu baat hebben bij het advies van de rechters. ‘Het hof kan er bijna niet omheen dat staten als Vanuatu schade lijden door de uitstoot van broeikasgassen elders op de wereld. Als dat wordt erkend, hebben ze een krachtig argument in handen om vergoeding te eisen voor die schade.’
Op de klimaattop in Bakoe is vorige maand afgesproken dat rijke landen 300 miljard dollar inleggen om arme landen te helpen. Moet het bedrag als gevolg van deze zaak wellicht omhoog?
Eckes verwacht niet dat het bedrag van 300 miljard direct omhoog moet. ‘Maar dat zullen kwetsbare landen misschien wel proberen, met een sterk advies als dit in de hand.’
Wewerinke-Singh kijkt er anders tegenaan. ‘Nederland is zo’n land dat al meer heeft vervuild dan is toegestaan. Door de uitspraak van deze rechters kan het zo zijn dat de uitstoot direct naar nul moet. Als Nederland dat niet doet, moet het op z’n minst ontwikkelingslanden helpen hun uitstoot te verlagen, met geld of technologie.’
Waarom gaven alle VN-landen hun goedkeuring aan deze aanvraag bij Hof? Voor sommige landen kan dit een kostbare zaak worden.
Dat is een kwestie geweest van zorgvuldig lobbywerk. Eerst benaderde Vanuatu de andere kleine eilandstaten, om zich achter deze rechtszaak te scharen. Vervolgens ook de Cariben en Afrika. Daarmee kwam de meerderheid van 193 VN-landen in zicht, zeker als je bedenkt dat sommige zich onthouden van stemming of niet komen opdagen.
Uiteindelijk wilde geen enkel land in de grote VN-vergadering de spelbreker zijn. Ook Rusland niet, dat al genoeg internationale problemen heeft. Of de VS, nu nog met de regering van Joe Biden. De adviesaanvraag werd met consensus aangenomen.
Wat begon in Vanuatu, mondt zo dus uit in Den Haag. De rechters doen waarschijnlijk in de loop van volgend jaar uitspraak.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant