Er zijn meer mensen met endometriose dan er mensen zijn met astma. En toch kostte het Karlijn Kistemaker 24 jaar om met de ziekte gediagnosticeerd te worden. Over die tijd, vol onbegrip en verkeerde diagnoses, maakte ze de voorstelling Buikzwam.
‘Ik ben bij zes verschillende huisartsen geweest, heb zeventien consulten gehad en zo veel diagnoses en behandelingen ondergaan dat het lachwekkend werd. Uiteindelijk heb ik, na 24 jaar, dankzij een Instagrambericht van Birgit Schuurman, ontdekt dat ik endometriose heb’, vertelt theatermaker Karlijn Kistemaker (38).
Bij endometriose bevindt zich weefsel dat lijkt op baarmoederslijmvlies buiten de baarmoeder. De chronische aandoening gaat gepaard met veel nare symptomen zoals een pijnlijke menstruatie en ovulatie, vermoeidheid, bekkenpijn en pijn tijdens de seks. In sommige gevallen leidt het tot onvruchtbaarheid. Uit onderzoek blijkt dat een op de tien menstruerende personen lijdt aan endometriose. Dat zijn bijna vijfhonderdduizend mensen in Nederland en 200 miljoen mensen wereldwijd. Dat zijn meer mensen dan met astma of reuma, en evenveel mensen als met een Netflixabonnement.
Het was een absurde manier om achter haar diagnose te komen, vertelt Kistemaker. Bijna even bizar als al die artsen die niet weten wat endometriose is, of dat zo weinig mensen iemand lijken te kennen met de ziekte. Waar zijn al die honderdduizenden patiënten dan? En waarom duurt het in godsnaam zó ongelofelijk lang om gediagnosticeerd te worden met een ziekte die zó veel mensen hebben?
Kistemaker werkt bij Theater Oostpool in Arnhem aan haar nieuwe voorstelling Buikzwam, die op 1 december in première gaat. In de foyer vertelt ze erover. Want hoe maak je theater over zo’n persoonlijk, verborgen en vooral ook fysiek onderwerp? En waarom is het belangrijk om dat te doen?
Voor de tekst van de voorstelling putte Kistemaker uit haar eigen ervaringen met huisartsen, doktoren, gynaecologen en vrienden, struinde ze internetfora af en interviewde ze andere mensen met endometriose. Mensen die soms dagelijks geconfronteerd worden met pijn. Pijn en onbegrip. Kistemaker citeert de reacties: ‘Je moet je niet te veel aanstellen. Niet te veel zeuren, anders ben je al snel een zeikerd. Kop op, en je moet wel een beetje leuk doen.’ Dat onbegrip maakte Kistemaker woedend. Zo veel mensen met endometriose krijgen geen medicijn. ‘Of je moet je baarmoeder laten verwijderen, of eindeloos aan een anticonceptiepil waar je helemaal wappie van wordt. Alles is kut.’
Toch wordt haar nieuwe voorstelling allesbehalve een klaagzang. De voorstellingsfolder spreekt zelfs van een ‘droogkomische solo’. Het is typerend voor Kistemakers uitgesproken theaterstijl, die al eerder zichtbaar was in haar theatertwaalfluik, Missie Márquez (2015-2021), naar het boek Honderd jaar eenzaamheid (1967), van Gabriel Garcia Márquez. Op zoek naar een manier om theater te maken van dat grootschalige, ongrijpbare meesterwerk, ontwikkelde Kistemaker een kenmerkende theatertaal, waarin ze het magisch realisme van Márquez vertaalde naar toneel. Magische gebeurtenissen werden op een alledaagse manier verteld en triviale details juist tot enorme proporties opgeblazen.
Destijds vertelde ze er in de Volkskrant over: ‘Ik speel met theatercodes en doorbreek die. We spelen een scène uit het boek na, en dan duiken er ineens figuren op uit mijn eigen leven. Echte mensen, die we tot in het absurde uitvergroten.’
Ook voor haar nieuwe voorstelling, Buikzwam, dienden de absurditeiten zich als vanzelf aan, vertelt Kistemaker. ‘In dat hele traject rondom endometriose maakte ik dingen mee waarvan ik dacht: dat verzin je niet achter je bureau.’
Ze noemt doktoren die met echo-apparaten in je buik rondroeren en ondertussen onverstaanbare dingen mompelen. Gynaecologen die het cryptisch hebben over ‘chocoladecysten’ en vervolgens niets uitleggen. ‘Dat zijn dus géén vleeskleurige petitfours gevuld met chocopasta’, aldus Kistemaker, ‘maar cysten waarin het oude bloed dat je lichaam niet kan verlaten zich verzamelt.’
De vergelijking is tekenend voor Kistemakers associatieve manier van denken. Zo hebben al die nare slijmvliesverklevingen volgens haar ook wel iets weg van een zombiefilm. Ze vergelijkt het met het decor van zombieserie The Last of Us, met bloed en slijm, witte webben, schimmeldraden en korstmos.
In haar vooronderzoek sprak Kistemaker een vrouw die haar baarmoeder had laten weghalen, maar haar eierstokken nog heeft. ‘Dus dan vallen die eitjes elke maand in het niets. Daar heb ik dan meteen een beeld bij van een soort grot met een duikplank en springende eitjes’, zegt Kistemaker. ‘Je hoeft het maar op te schrijven en het is klaar.’
En zo baant Kistemaker zich, vrij associërend op toneel, een weg door dit belangrijke thema. Bizarre dokterstaferelen, bloed, slijm en cysten worden niet geschuwd. Haar verteltoon brengt lichtheid, wat de zwaarte van het onderwerp juist extra nadruk geeft. Het is de reden dat Kistemaker zo van theater houdt. ‘Je kan heel dicht bij je publiek komen, herkenbaarheid creëren en tegelijkertijd heel erg lachen om al dat ongemak en al die rare wendingen van het leven.’
Kistemaker hoopt dat haar publiek straks een beetje verward de zaal uit loopt. ‘Dat ze hebben gelachen en dat ze nu weten wat endometriose is, maar dat ze ook even de zwaarte hebben gevoeld, en de omvang van het probleem.’
En die wonderlijke titel? ‘Ik ben die chocoladecysten van mij een keer gaan googelen, en dan zie je toch een soort zwammen,’ zegt Kistemaker. En ‘buikzwammen’, die bleken ook nog een bestaande paddenstoelensoort te zijn. Paddenstoelen bovendien, die op zeker moment ontploffen, waarbij de sporen van de zwam naar buiten worden geblazen. De vergelijking was makkelijk gemaakt. ‘De voorstelling gaat er ook over dat ik altijd mijn mond heb gehouden, terwijl ik dat allemaal in me heb groeien’, zegt Kistemaker, ‘maar nu doe ik mijn mond open, dus ben ik eigenlijk ook een beetje een ontploffende buikzwam.’
Op de vraag of deze voorstelling ook nadrukkelijk feministisch of politiek bedoeld is, komt geen sluitend antwoord, maar wel een laatste anekdote, over een gynaecoloog die vertelde dat de baarmoeder niet peervormig is. Het vrouwelijk lichaam wordt vaak vergeleken met peren, kersen, papaya’s, perziken en snoepjes. ‘Maar de baarmoeder’, zegt Kistemaker, ‘heeft de vorm van een vuist. En daarmee wil ik graag op tafel slaan.’
Buikzwam van Kompagnie Kistemaker is te zien van 30/11 t/m 22/12 in Arnhem en Amsterdam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant