Home

Verrassende overname van Aleppo is een dreun voor het verzwakte Syrische regime

Syrische rebellen hebben binnen een paar dagen Aleppo, de grootste stad van Syrië, en de hele provincie Idlib in handen gekregen. Hun opmars is een dreun voor het regime.

schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.

De plotselinge opmars van rebellen in het noordwesten van Syrië is het afgelopen etmaal onverminderd doorgegaan. Op diverse plekken in het centrum van Aleppo, de grootste stad van het land, waren strijders te zien die onbelemmerd opereerden. Het regeringsleger was nergens te bekennen.

Opstandelingen werden gefilmd bij het hoofdbureau van de politie en de middeleeuwse citadel in het oude stadshart. Ze verscheurden en verbrandden posters van de Syrische president Bashar al-Assad en schoten in de lucht om hun zegetocht te vieren.

De opstandelingengroep Hayrat Tahrir al-Sham (HTS) zei zaterdag tegen persbureau Reuters de hele provincie Idlib onder controle te hebben. Dit nadat de jihadistische strijders tientallen dorpen en de stad Maraat Al-Numan, ten zuiden van de provinciehoofdstad Idlib, hadden veroverd. Dat was het laatste nog resterende steunpunt van het regeringsleger. Vanuit de provincie, die al jaren grotendeels in handen was van de rebellen, werd de aanval op Aleppo woensdag ingezet.

Duizenden burgers ontvluchtten zaterdag Aleppo per auto, enkele uren nadat opstandelingen de belangrijkste wijken hadden overrompeld, vertelden inwoners aan Reuters. Ze gingen vooral in zuidelijke richting naar de stad Salamiya en naar de mediterrane havenstad Latakia. De snelweg naar de hoofdstad Damascus was afgesloten.

Overname Aleppo

Het Syrische leger kondigde zaterdag een ‘tijdelijke troepenterugtrekking’ uit Aleppo aan om een ​​tegenoffensief voor te bereiden tegen de ‘terroristen’. De terugtrekking zou deel uitmaken van een ‘hergroepering’ in afwachting van versterkingen. De legerwoordvoerder gaf toe dat tientallen soldaten zijn gedood of gewond geraakt in hevige gevechten met opstandelingen in Aleppo en Idlib.

De verrassende overname van Aleppo is een blamage voor Assad. In 2016 werd de stad door het Syrische leger op de rebellen veroverd, na een maandenlange, verwoestende stadsoorlog waaraan ook de Russische luchtmacht, Iraanse milities en eenheden van het Libanese Hezbollah deelnamen. Het was een keerpunt in de burgeroorlog. Sindsdien was het rustig gebleven in de stad.

Ook in de provincie Idlib werd de afgelopen paar jaar betrekkelijk weinig gevochten. Het was het toevluchtsoord geworden van strijders van de oppositie die zich elders in het land hadden overgegeven en, met instemming van Assads regering, naar Idlib waren getrokken.

HTS, veruit de sterkste rebellengroep in Idlib, heeft gebruikgemaakt van diverse factoren die het Syrische leger hebben verzwakt. De Russische strijdkrachten, de belangrijkste steunpilaar van het regime, worden in beslag genomen door de oorlog in Oekraïne. Hezbollah, dat jarenlang zijn meest ervaren strijders inzette om het Syrische regime te helpen, kreeg in Libanon zware klappen te verduren van het Israëlische leger en moet nu alles op alles zetten om in eigen land weer op te krabbelen.

Het bevriende Iran heeft vooralsnog door de confrontatie met Israël eveneens genoeg aan zichzelf. Bovendien heeft Israël de afgelopen zeventig dagen zijn aanvallen op Hezbollah en aan Iran gelinkte doelen in Syrië opgevoerd.

De opmars naar Aleppo volgde op weken van sluimerende gewelddadigheden, waaronder aanvallen van de regering op door de oppositie gecontroleerde gebieden. Turkije, dat sommige Syrische oppositiegroepen steunt en de strook tussen Idlib en de Turkse grens in handen heeft, faalde in zijn diplomatieke pogingen om de Syrische aanvallen te doen stoppen. Die werden gezien als schending van een door Rusland, Turkije en Iran gesteunde overeenkomst uit 2019 om het conflict te bevriezen.

Sprekend vanuit het hart van de stad op het Saadallah Aljabri-plein, zei oppositiestrijder Mohammad Al Abdo tegen persbureau AP dat het zijn eerste keer in dertien jaar was dat hij terug was in Aleppo. Zijn oudere broer werd toen, aan het begin van de oorlog, gedood. ‘Als God het wil, zal de rest van de provincie Aleppo worden bevrijd’, zei hij.

Syrisch-Koerdische strijders

Twee wijken van Aleppo zijn nog altijd in handen van Syrisch-Koerdische strijders, die in de Syrische burgeroorlog altijd een soort neutrale middenpositie hebben ingenomen. Volgens de autoriteiten van het autonome Koerdisch gebied in het noordoosten van het land zijn bijna drieduizend mensen, de meesten van hen studenten, in hun gebied aangekomen nadat ze waren gevlucht voor de gevechten in Aleppo.

Volgens het in Brussel gevestigde Kurdistan National Congress (KNC) worden de Koerdische gebieden in het noordoosten acuut bedreigd door aanvallen van jihadistische groeperingen die samenwerken met Turkije. Terwijl HTS oprukt rond Aleppo, zou het door Ankara gesteunde Syrische Nationale Leger (SNA) een grote aanval voorbereiden op de steden Tal Rifaat en Ain Issa. Het Turkse leger voert daar beschietingen uit op de grond en vanuit de lucht, aldus het KNC. Turkije zou de grens hebben geopend voor jihadistische strijders die zich willen aansluiten bij de strijd.

Tal Rifaat is de verblijfplaats van enkele honderdduizenden Koerdische vluchtelingen die in 2018 gedwongen werden te vluchten na het Turkse offensief tegen Afrin in het noordwesten. Daarna vestigden zich met steun van Turkije tienduizenden mensen van Arabische afkomst in de regio. De Koerdische bevolking in Afrin is sindsdien een minderheid. Volgens het KNC worden ook de twee Koerdische wijken in Aleppo bedreigd door de opmars van HTS.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next