Vijf jaar na de verwoestende brand heeft de gerestaureerde Notre Dame vandaag de deuren geopend, met de Franse president Macron als eerste gast. De eeuwenoude schoonheid van de beroemde Parijse kathedraal is in ere hersteld.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
‘Ongelofelijk’, zei Macron toen hij vrijdagochtend voor het eerst de Notre Dame binnenliep. Na zijn live uitgezonden rondleiding stroomden nog eens zo’n 1.300 andere bezoekers binnen, stuk voor stuk mensen die bijdroegen aan de ambitieuze restauratie van de afgelopen vijf jaar. Macron, ‘oneindig dankbaar’, sprak hen toe: ‘Jullie hebben de as getransformeerd tot kunst.’
Zo’n plechtig dankwoord is op zijn plaats. Nadat het eikenhouten dak van de kathedraal in 2019 in vlammen opging en de negentiende-eeuwse torenspits omviel, beloofde Macron dat de Notre Dame in slechts vijf jaar in ere hersteld moest worden. Die deadline werd gehaald dankzij talloze donaties, samen naar schatting goed voor zo’n 846 miljoen euro. Dat was 140 miljoen euro meer dan nodig werd geacht.
‘Zeer verheugd’ is ook Koen Ottenheym, hoogleraar architectuurgeschiedenis aan de Universiteit van Utrecht. ‘Wat een geruststelling, dat zo’n vreselijke brand wel degelijk te herstellen is.’ Wat hem het meest opvalt aan de Franse televisiebeelden is hoe ‘spierwit’ het interieur nu is. De kathedraal, volgens Ottenheym ‘de ziel van Frankrijk’, is weer spic en span. ‘Alsof het weer het jaar 1190 is, en de bouw net is afgerond.’
De restauratie is volgens Ottenheym ‘perfect’ uitgevoerd. De historische waarde van de kerk is maximaal behouden, meent hij. Dat lukte doordat het stenen gewelf van de kathedraal overeind bleef na de brand en zodoende de algehele structuur intact gehouden werd. ‘Na acht eeuwen heeft het gewelf zijn belangrijkste dienst bewezen’.
Tijdens de rondleiding van Macron bleek dat het altaar, het orgel (het grootste van Frankrijk) en de glas-in-loodramen van de Notre Dame weer in hun oorspronkelijke staat verkeren. Belangrijke symbolen van de kathedraal zijn ook uit de vlammen gered en gerestaureerd, zoals een veertiende-eeuws standbeeld van Maria met Christus en de vele schilderijen die in de kerk hingen. Het huzarenstuk van de restauratie is misschien wel het houten dak. Dit is, net als het origineel, opgebouwd uit eikenbomen uit heel Frankrijk.
De brand heeft Parijs volgens Ottenheym de kans gegeven de Notre Dame, die al eeuwen in slechte staat verkeerde, nieuw leven in te blazen. Ook wat niet verwoest is, is volledig schoongemaakt. Door eeuwenlange slijtage en het branden van kaarsen was het interieur bedekt met een voor kerken kenmerkende laag roet.
‘Vroeger was de Notre Dame een soort historische grot’, vertelt de hoogleraar. ‘Het zal voor bezoekers wel een shock zijn om de kerk zo schoon aan te treffen.’
Wel voegt Ottenheym toe dat wanneer middeleeuwse Parisiens dit puntgave, witte interieur zouden zien, ze de mouwen waarschijnlijk even zouden opstropen. ‘De pilaren en het interieur waren oorspronkelijk bont beschilderd’, vertelt hij. ‘Maar dat past niet meer in het moderne beeld van kathedralen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant