De snelheid waarmee Hezbollah akkoord ging met een bestand in Libanon geeft aan hoezeer de beweging snakt naar een einde aan de oorlog. Na ruim een jaar vechten met Israël, is de ooit gevreesde beweging onthoofd en militair flink gehavend.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant, met defensie als belangrijkste specialisme.
‘Dit is niet meer hetzelfde Hezbollah. Wij hebben ze decennia teruggeworpen.’ Met die woorden kondigde de Israëlische premier Benjamin Netanyahu dinsdagavond in een tv-toespraak aan dat Israël akkoord ging met een wapenstilstand met Hezbollah. Tegelijkertijd vierden sommige aanhangers van Hezbollah het staakt-het-vuren juist als overwinning voor de militante Libanese beweging. Nu de wapenstilstand vannacht is ingegaan, doemt de vraag daarom op wat er nog over is van Hezbollah, en wat Israël militair heeft bereikt met de oorlog in Libanon.
Netanyahu en militaire leiders, zoals stafchef Herzi Halevi, spreken nog niet van een militair verslaan van Hezbollah, maar duidelijk is wel dat Hezbollah zware klappen heeft gekregen. Bij de aanhoudende Israëlische luchtaanvallen van de afgelopen maanden, werden op sommige dagen honderden Hezbollah-doelwitten onder vuur genomen. Van Tyrus in het zuiden tot de strategische Bekaavallei in het oosten van Libanon.
Op de grond werden raketlanceersystemen stuk voor stuk vernietigd, evenals raketopslagplaatsen, tunnels en commandocentra. Het leiderschap van Hezbollah, van voorman Hassan Nasrallah tot commandanten van het Radwan-elitekorps, was doelwit van een gerichte campagne om de beweging te ‘onthoofden’. Uren voor het bestand inging, werden nog 180 luchtaanvallen uitgevoerd om de militaire infrastructuur van Hezbollah nog verder te verzwakken.
De sjiitische beweging mag daardoor weliswaar flink verzwakt zijn, het is, in tegenstelling tot Hamas, nog steeds in staat Israël onder vuur te nemen met raketten. Vernietiging van Hezbollah, zo benadrukt Israël, was ook nooit het doel van de uitgebreide bommencampagne van de afgelopen maanden en de inval in Zuid-Libanon.
‘Onze missie is duidelijk: ervoor zorgen dat we de inwoners van Noord-Israël veilig kunnen terugbrengen naar hun huizen’, aldus Halevi over de naar schatting 70 duizend Israëliërs die door de voortdurende raketaanvallen uit het noorden zijn verdreven. ‘Elke infrastructuur die wordt vernietigd, brengt ons dichter bij ons doel: Hezbollah ernstig beschadigen.’
Hoezeer de raketmacht van Hezbollah is gehavend, is onduidelijk. Maar Israël en de VS zijn ervan overtuigd dat een fors deel van de raketten is vernietigd bij de luchtaanvallen. Voor de oorlog begon, werd geschat dat Hezbollah over zo’n 120 duizend tot zelfs 200 duizend raketten beschikte: van simpele raketten voor de korte afstand tot precisiegeleide raketten, die diep in Israël kunnen toeslaan.
Begin oktober schatten Amerikaanse en Israëlische functionarissen dat de Israëlische luchtmacht erin was geslaagd om de helft van het raketarsenaal te vernietigen met verwoestende precisiebombardementen. Maar in de weken daarna werd de luchtcampagne nog verder opgevoerd. Dat Hezbollah niet overging tot massale raketaanvallen op onder andere Haifa, werd in Washington en Jeruzalem gezien als een teken dat Hezbollah zwaar was getroffen.
Israël hield jarenlang rekening met zo’n nachtmerriescenario in het geval er oorlog met de strijdgroep zou uitbreken. Ook de liquidatie van belangrijke commandanten, onder andere van de raketeenheden, zorgde ervoor dat Hezbollah niet overging tot goed gecoördineerde tegenaanvallen.
Het gemak waarmee het machtigste wapen van Hezbollah ‘onschadelijk’ werd gemaakt, heeft ook Israël verbaasd. Hezbollah is nog steeds in staat raketten af te vuren, zo’n 300 per dag, maar bloedbaden in Israëlische steden zijn uitgebleven. Volgens Netanyahu zijn ‘de meeste van Hezbollahs raketten’ vernietigd maar exacte cijfers gaf hij dinsdag niet. Netanyahu: ‘Slechts drie maanden geleden zou dit als sciencefiction hebben geklonken. Maar dat is het niet.’
Ook een bloedige confrontatie met Hezbollah-strijders is na de inval in Zuid-Libanon uitgebleven. Israël had zich daar eveneens jarenlang op voorbereid, vanwege de gevoelige verliezen in 2006 bij de laatste grondoorlog met Hezbollah. Tot nu toe zijn bij de strijd in Zuid-Libanon 61 soldaten omgekomen, tegen zo’n 120 in 2006.
Hezbollah-strijders gingen de strijd in de dorpen in het zuiden uit de weg of trokken zich terug naar het noorden. Opmerkelijk was ook dat Israëlische eenheden grote hoeveelheden wapens aantroffen in huizen waaruit strijders zich in allerijl hadden teruggetrokken. Onder de wapens waren Russische Kornet-antitankraketten, waarmee Hezbollah in 2006 veel Israëlische soldaten wist te doden bij goed geplande hinderlagen.
Hezbollah, dat volgens Israëlische schattingen zo’n drieduizend strijders heeft verloren in de oorlog, moet nu ook noodgedwongen accepteren dat het een andere belangrijke troefkaart heeft verloren: Zuid-Libanon. De beweging moet zich volgens het bestand terugtrekken ten noorden van de Litani-rivier, waardoor het in theorie geen grondaanvallen meer kan uitvoeren op lsraëlische doelen bij de grens.
De vraag is of het Libanese leger, zoals afgesproken, kan voorkomen dat Hezbollah actief blijft in het zuiden. In ieder geval dreigt Israël bij voorbaat keihard terug te slaan als de militanten zich toch vertonen in het grensgebied. ‘Elk huis in Zuid-Libanon dat wordt herbouwd en waarin een terroristenbasis wordt gevestigd, zal worden gesloopt’, dreigde minister van Defensie Israel Katz. ‘Elke hergroepering door terroristen zal worden aangevallen, elke poging om wapens te smokkelen zal worden verijdeld en elke bedreiging voor onze troepen of Israëlische burgers zal onmiddellijk worden vernietigd.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant