Feyenoord speelt dinsdagavond in Manchester tegen Manchester City, lang gezien als de armlastige arbeidersclub in de schaduw van de populaire en succesvolle rivaal Manchester United. Maar City floreert de laatste jaren, dankzij oliegeld. Bij wie ligt de sympathie in de stad?
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Doordat Manchester City plots vijf nederlagen op rij leed, is het de laatste tijd wat rustiger in de appgroep vol Cityfans waar de Nederlandse voormalig assistent-coach van Manchester United René Meulesteen deel van uitmaakt. Maar de laatste jaren ging het er vaak ‘helemaal los’ na wéér een succes voor Manchester City, stadsrivaal van United en dinsdagavond tegenstander van Feyenoord in de Champions League.
Zo werden The Skyblues de laatste vier jaar kampioen van Engeland, een unicum. Meulensteen: ‘Als excuus schreven ze: René, je hebt jarenlang mijn leven geruïneerd. Nu is het paybacktime.’
‘The noisy neighbours’ is een van de bijnamen van Manchester City, gemunt door oud-Unitedmanager Sir Alex Ferguson. City was lang: veel lawaai, bitter weinig succes. Manchester United reeg onder Ferguson, langdurig bijgestaan door Meulensteen, de successen aaneen met liefst dertien landstitels en twee Champions Leagues tussen 1992 en 2013.
De enige troef die Citysupporters destijds hadden was dat City echt de club van de stad was. Unitedsupporters, die kwamen vooral uit Londen of het buitenland en konden Manchester nog niet aanwijzen op de kaart, stelden ze.
Manchester City investeert van oudsher veel in de lokale gemeenschap. Het promootte de club in de arbeidersbuurten, entreekaarten waren goedkoper, in de jaren zeventig werd al de eerste kidsclub opgericht en in 1988 een vrouwentak. United deed dat laatste pas in 2018. Op Maine Road hing het authentieke Engelse voetbalgevoel.
United was wereldwijd populair. Dat begon al in 1958 nadat een groot deel van de selectie het leven liet na de vliegtuigramp in München, gevolgd door een langdurige queeste om alsnog de Europa Cup I te winnen. Dat lukte in 1968 met enkele overlevers van München, waaronder manager Sir Matt Busby en sterspeler Bobby Charlton.
City werd in datzelfde jaar nog landskampioen, maar gleed steeds verder af. Het schoot zichzelf een paar keer enorm in de voet zoals aan het slot van het seizoen 1995-1996 toen de spelers vanaf de kant doorkregen dat ze genoeg hadden aan een 2-2-gelijkspel tegen Liverpool voor handhaving en niets meer ondernamen. Dat bleek niet te kloppen en City vloog eruit.
Typisch City, dat in 1937 al eens als kampioen van Engeland degradeerde hoewel het de meeste doelpunten had gemaakt (80). Oud-manager Joe Royle dropte de term City-itis vanwege alle onheil, alsof het een ziekte betrof. Met galgenhumor sloegen Citizens zich door het leven.
‘City had niet nog langer zonder succes moeten blijven, want dan was het nooit meer teruggekomen. United was ook in Manchester zelf de populairste aan het worden,’ stelt historicus Gary Adams die een boekenplank over beide clubs vol schreef.
Onder Ferguson braken veel plaatselijke talenten door, er was plek en comfort zat op Old Trafford (inmiddels 74 duizend plaatsen).
Maar United worstelt sinds het vertrek van Sir Alex in de competitie, in Europa en met de eigen identiteit. In het stadion werd jarenlang een openlijke strijd gevoerd tegen de eigenaren, de Amerikaanse Glazer-familie, die de club commercieel uitmolk, maar Old Trafford en de sportieve koers verwaarloosde. Onder meer Louis van Gaal en Erik ten Hag sneuvelden.
Meulensteen: ‘United-fan ben je voor het leven. Maar jongeren kiezen vaak voor een club die wint en mooi voetbal speelt. Dat lukte ons toen met United, dat lukt City de laatste jaren onder Pep Guardiola ook.’
Duizelingwekkende cijfers zijn er genoteerd sinds City in 2008 wordt volgestopt met oliegeld vanuit Abu Dhabi. Acht landstitels sinds 2012. Twee jaar geleden vierden ook zij hun treble (Champions League, FA Cup, landstitel) zoals United dat in 1999 deed. De enorme opwinding over de huidige nederlagenreeks zegt iets over de hegemonie.
Meulensteen, die nog steeds in Engeland woont, merkt dat City-fans meer praatjes hebben, zelfverzekerder door Manchester lopen. Zelfs in Londen dragen jongetjes en meisjes het lichtblauwe shirt van Manchester City met achterop Haaland, Rodri of De Bruyne.
Na al die jaren van chaos en defaitisme oogt Manchester City bijna té perfect, de sfeer in het in 2003 betrokken Etihad Stadium is tegenwoordig vrij lauw, omdat een overwinning is ingecalculeerd en de werkende klasse is verdwenen vanwege de hoge toegangsprijzen, al zie je dat bij meer Engelse topclubs. Zeker op Champions League-avonden klinken er andere accenten dan plat Manchesters, veel andere talen zelfs. Wereldwijd is er een heel clubnetwerk uitgerold, overal zijn fanclubs uit de grond gepompt, City heeft er nu zelfs meer dan United.
Supporters van andere clubs hopen en masse dat City gestraft wordt in een door de Premier League aangespannen rechtszaak. Het overkoepelende competitieorgaan noteerde liefst 115 financiële overtredingen. De uitspraak wordt begin komend jaar verwacht.
Het draagt bij aan de belegeringsmentaliteit die onder City-supporters en -clubofficials heeft postgevat. ‘Pannick in the streets of London’ stond er op een enorm spandoek. Het is een ode aan een van de bekendste door City ingehuurde topadvocaten Lord Pannick.
Ook clubeigenaar sjeik Mansour wordt gekoesterd, weet historicus Adams. Zijn Abu Dabi United Group stak niet alleen geld in spelers en managers, maar ook in stenen. Het Etihad (momenteel 55 duizend plaatsen) wordt almaar uitgebreid, er kwam een hypermodern jeugdcomplex en er werden zeshonderd huizen in een van de armste buurten gebouwd.
Maar succes is de katalysator van die populariteit. Ondanks de vormcrisis is Feyenoord daarom gewaarschuwd. Nu de achterstand op Liverpool, waar City zondag op bezoek gaat, al acht punten is, moet het voor The Skyblues in de Champions League gebeuren.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant