Vechtscheidingen, burenruzies of arbeidsconflicten: de Communistische Partij China gaat persoonlijke problemen van burgers ‘diepgravend onderzoeken’. Na een reeks massamoorden door verbitterde individuen heeft het Chinese ministerie van justitie intensievere surveillance van vrijwel de gehele bevolking aangekondigd.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze was 18 jaar correspondent in Beijing.
Twee weken geleden vielen er 35 doden toen een man op een groep sporters inreed in de Zuid-Chinese stad Zhuhai. De stoppen van de 62-jarige bestuurder waren doorgeslagen na zijn echtscheiding. Een paar dagen later hakte een student uit ontevredenheid over zijn stagevergoeding in op voorbijgangers bij zijn school, met acht doden als gevolg.
Zo waren er dit jaar meer gevallen van ‘sociale wraak’, zoals geweld van gefrustreerde individuen tegen willekeurige onbekenden in China wordt genoemd.
Het dodental door ‘sociale wraak’ dit jaar is het hoogste van de afgelopen decennium. Experts wijten deze toename aan sterk gestegen spanningen door schrijnende sociale ongelijkheid en gebrek aan bestaanszekerheid door tegenvallende economische groei.
Ondanks uitbreiding van de capaciteit voor psychische zorg zijn er in een moderne stad als Shanghai volgens het wetenschappelijk tijdschrift The Lancet voor een bevolking van 24 miljoen mensen slechts 1.100 psychiaters beschikbaar. Op praten over psychische klachten rust een taboe.
Sinds de Chinese leider Xi Jinping zich vorige week persoonlijk met de massamoord in Zhuhai bemoeide, zijn staatsorganisaties voor openbare veiligheid in rep en roer. Xi zette het veiligheidsapparaat en de ambtenarij onder druk door te verordonneren dat de geweldsgolf ‘bij de bron’ moet worden aangepakt via Xi’s favoriete methode.
Dat is zogeheten ‘Fengqiao-ervaring’, een begrip uit de Culturele Revolutie (1966-1976), toen burgers in het plaatsje Fengqiao werden gemobiliseerd om ‘klassenvijanden’ op te sporen en te bestrijden. Deze assistentie van burgers scheelde de politie werk, was destijds de gedachte.
De Fengqiao-ervaring ligt gevoelig, wegens de pijnlijke herinneringen aan willekeurige politieke vervolging tijdens de Culturele Revolutie, die vrijwel elke Chinese familie heeft getroffen. Xi haalde het begrip echter in 2013 uit de mottenballen. Eerst werd de methode toegepast op drugsgebruikende beroemdheden, buitenlandse spionnen en critici van de Communistische Partij. Tijdens de pandemie werd de Fengqiao-ervaring breed ingezet om naleving van Xi’s coronabeleid te controleren.
Na de pandemie zijn partijorganisaties op het laagste niveau, de buurtcomités die het doen en laten van mensen in hun wijk monitoren, aangevuld met ‘buurtwerkers’. Iedere buurtwerker verzamelt informatie over vijftien tot twintig huishoudens, bemiddelt bij conflicten en meldt sociale onvrede bij de partij. Nieuwsorganisatie Radio Free Asia maakte vorig jaar uit personeelsadvertenties op dat er per stad enkele duizenden mensen voor deze baan werden geworven.
Op last van Xi wordt deze fijnmazige surveillance nu ingezet voor de opsporing van burgers die zich zouden kunnen ontpoppen tot potentiële massamoordenaars. Dat blijkt uit verslagen van recente vergaderingen van het ministerie van openbare orde en de magistratuur. Na de massamoord in Zhuhai stuurden verschillende Zuid-Chinese gemeenten vrijwilligers en ambtenaren af op ruziemakende buren en twistende echtelieden om namens de staat te bemiddelen.
Volgens het ministerie van justitie richten de maatregelen zich op ‘moeilijk communicerende’ eenlingen ‘zonder partner en kinderen, werk of stabiel inkomen en zonder huis, auto of ander vermogen’. Ook burgers die kampen met misgelopen investeringen, liefdesverdriet en andere ‘emotionele onevenwichtigheden’, psychiatrische aandoeningen en frustratie over tegenslag worden extra in de gaten gehouden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant