Devika Partiman richtte in 2017 de actiegroep Stem op een Vrouw op. Als u nu denkt: daar hoef je toch geen actie meer voor te voeren, lees dan haar gelijknamige boek, waarin ze inspirerend en met historische voorbeelden onderbouwd, ten strijde trekt tegen de weerstand.
Ianthe Sahadat is journalist bij de Volkskrant, met bijzondere aandacht voor emancipatiebewegingen.
Devika Partiman, oprichter en directeur van stichting Stem op een Vrouw, beleefde een cruciaal feministisch ahamoment in een museumzaaltje in Paramaribo. Stem op een Vrouw zet zich, sinds 2017, in voor (meer) vrouwen in de politiek via onderzoek, trainingen, mentorschap en campagnes.
Eind 2016 was ze voor familiebezoek in Suriname, vertelt Partiman (36), gezeten in de lichte ruimte waar de actiegroep kantoor houdt. Aan de muur een kleurrijke verzameling protestborden. ‘Psst meisje, die zetel staat je goed’, staat op een paars exemplaar.
Daar, in Fort Zeelandia, dat nu het Surinaams Museum huisvest, in een zaaltje over de politieke historie van het land, viel Partimans oog op een flyer uit 1996 met daarop: Kies bewust, stem op een vrouw. Vooral de toelichting van de vrouwenbelangenorganisatie die de flyer had gemaakt, zette Partiman aan het denken. ‘De strekking was: vrouwen vormen de helft van de bevolking, van de stemgerechtigde kiezers, maar macht hebben we niet. Politiek gaat over volksvertegenwoordiging. Waarom mag een meerderheid van mannen dan over onze levens en rechten beslissen?’
De redenering liet haar niet meer los. Ze vond het niet alleen ‘belachelijk’, maar – na de eerste verkiezing van Trump in de Verenigde Staten en het onmiddellijke tornen aldaar aan een vrouwenrecht zoals dat op abortus – ‘ook beangstigend’ hoe weinig zeggenschap vrouwen over hun eigen levens en rechten hebben.
Terug in Nederland besluit Partiman een actie op te zetten rond stemmen op vrouwen bij de dan naderende verkiezingen voor de Tweede Kamer. Ze weet al aardig hoe het werkt, campagne voeren, door haar werk voor campagnebureau BKB en, achter de schermen, bij actiegroep Zwarte Piet is Racisme (later Kick Out Zwarte Piet). Via werk, vriendinnen en Facebook komt op een donderdagavond in januari 2017 een clubje van vijftien vrouwen – en een enkele man – bijeen. Stem op een Vrouw is geboren.
Dat we elkaar acht jaar later spreken op de dag van Trumps herverkiezing – zoals later zal blijken – voelt even omineus als symbolisch. Hoewel Partiman droogjes constateert dat ze de verkiezingsuitkomst in de VS niet nodig heeft ‘om te weten tegen welke conservatieve krachten we het moeten opnemen’.
In oktober verscheen Partimans boek Stem op een vrouw. Daarin doet ze vlammend en eloquent verslag van de vaak eentonige strijd die een bestaan op de barricaden beheerst. Ook is het boek een ode aan de vele zusters die haar voorgingen in de vrouwenstrijd. Van Aletta Jacobs en Corry Tendeloo, tot feministen uit de Caribische delen van Nederland, zoals de Curaçaose historica Jeanne Henriquez en de Surinaamse archivaris Carla Lont.
Stem op een Vrouw voert sinds de Kamerverkiezingen van maart 2017 elke verkiezingstijd – van Europees tot gemeentelijk – campagne om kiezers die op een vrouw willen stemmen op te roepen dat voortaan strategisch te doen. Niet langer op de hoogste vrouw op de lijst, maar op een vrouw lager op de lijst, liefst net buiten de peilingen.
Waarom is dat belangrijk?
‘Uit kiesonderzoek bleek dat de meerderheid van de kiezers die bewust op een vrouw stemt, stemt op de hoogste vrouw op de lijst. Dat ging al generaties zo. Partijen weten dat, dus staat er voor deze groep kiezers een vrouw hoog op de lijst. Meestal op nummer 2, na de mannelijke lijsttrekker.
‘Die vrouw is al verzekerd van een plek. We wilden kiezers laten zien dat een stem op deze vrouw niets verandert aan de status quo van een mannelijke meerderheid in de politiek. Wie meer vrouwen in de politiek wil, kan beter stemmen op een vrouw lager op de kieslijst, liefst net buiten de peilingen.
Sinds 2017 kwamen zo’n zevenhonderd vrouwen extra met voorkeurstemmen in gemeenteraden, provincie- en waterschapsbesturen, het Europees Parlement en de Kamer terecht. In 2022 kwamen maar liefst 459 vrouwen extra de lokale politiek in, waardoor het percentage vrouwelijke gemeenteraadsleden steeg van 31 naar 37.
Jullie hebben succes.
‘Dat kun je natuurlijk niet alleen aan ons toeschrijven, maar we spelen absoluut een rol, die credits durf ik wel te nemen. Wat ik vooral wil benadrukken: alle individuele stemmers hebben samen een beweging gemaakt die ervoor zorgt dat over alle partijkleuren heen meer vrouwen de kans krijgen om politiek van zich te laten horen.’
We voeren al meer dan 150 jaar hetzelfde gesprek, schrijf je. Wat bedoel je daarmee?
‘In mijn werk als activist moet ik vaak reageren op precies dezelfde stellingen die generaties feministen eerder al toegeworpen kregen: ‘Het gaat om de kwaliteit, niet om gender’, ‘Vrouwen willen zelf niet’, ‘Op een vrouw stemmen is discriminatie’.
‘Er is in 150 jaar van alles gebeurd op het gebied van emancipatie, van kiesrecht, de afschaffing van handelingsonbekwaamheid, en van gelijke voogdijrechten tot abortusrecht. Maar in het begrip van mensen over waarom emancipatie, representatie en gelijkheid belangrijk zijn, lijkt soms niets veranderd. De meeste tegenwerpingen zijn daar op terug te voeren.
‘Mannen kunnen toch ook voor vrouwenrechten opkomen, bijvoorbeeld. Ja, dat kan. Maar alle belangrijke mijlpalen die sinds de invoering van het algemeen kiesrecht behaald zijn voor vrouwenrechten, zijn geïnitieerd door de vrouwenbeweging en bepleit door vrouwelijke politici.’
Om medewerkers te beschermen moet onvermeld blijven waar het kantoor van Stem op een Vrouw zich precies bevindt. Actievoeren voor gelijkheid valt niet bij iedereen in goede aarde, ervoer Partiman onlangs nog. Na afloop van een college dat ze studenten gaf over de impact van online haat op vrouwelijke politici en de democratie, vond ze in haar inbox een bericht getiteld ‘je kkr moeder’.
De zeer gewelddadige, seksistische en persoonlijke boodschap die volgde – verzonden van een anoniem, nergens anders gebruikt mailadres via een VPN-verbinding en zodoende ontraceerbaar – citeerde ze in Stem op een vrouw.
Waarom deed je dat?
‘Omdat het goed is om af en toe te laten zien om wat voor berichten het gaat. Al is er altijd twijfel: in hoeverre geef je haat een podium? Daarom hoeft de tekst niet in de krant. Want de bedoeling van zulke berichten is niet dat die ene vrouw, de ontvanger, wordt geïntimideerd, maar dat ook jij, en iedere vrouw die meeleest, schrikt. En helaas werkt dat.’
Bijna 90 procent van de vrouwelijke politici krijgt in haar loopbaan te maken met ‘haat, geweld, agressie en dreigementen, online en in het politiek debat’, las ik in je boek. Dat zijn absurde aantallen.
‘Bij vrouwen is de haat bovendien meer op de persoon gericht, op hun uiterlijk en hun vrouw-zijn; er worden seksistische woorden gebruikt zoals ‘heks’, ‘hoer’ en ‘zeikwijf’, en de bedreigingen zijn soms seksueel grensoverschrijdend. Zoals het toewensen van verkrachting.
‘Het meemaken van intimidatie kan ertoe leiden dat politici zich minder vaak uitspreken, van sociale media af gaan, minder zelfvertrouwen en energie hebben. Of dat ze stoppen met hun functie. En het schrikt andere vrouwen met politieke aspiraties ook nog eens af.
‘Neem een politicus als Kaag. De hoeveelheid haat die zij vanaf het eerste moment kreeg, maakt een baan natuurlijk vele malen moeilijker. De partij was daar niet goed op voorbereid. Nog altijd heeft geen enkele landelijke partij een protocol hiervoor.’
Wat moet er in zo’n protocol staan?
‘Bij wie kan je dit melden? Waar kun je steun vinden? Hoe weet je of iets strafbaar is?
‘Ik sprak een medewerker die de sociale media beheerde van een politica die veel bedreigd werd. Zij kreeg gezondheidsklachten omdat zij dag in dag uit met zoveel drek werd geconfronteerd. Daar moet je ook aan denken als partij.
‘Wat je nu ziet: als Kamerleden wisselen, wisselen fractiemedewerkers en is kennis hierover weer verdwenen, dat moet echt beter. Er wordt te weinig over gepraat, iedereen maakt het mee, het wordt afgedaan als iets ‘wat er nu eenmaal bijhoort’.
Mensen zeggen: mijn kritiek op Halsema is geen seksisme, ik vind haar gewoon stom.
‘Ik vind vrouwen ook weleens stom. Maar in het geval van Halsema of Kaag moet je toch echt kijken waar je antipathie vandaan komt. Wetende dat zij in alle landelijke media door politici, Wilders voorop, en door opiniemakers worden afgezeken. Of op tv door een Johan Derksen, avond na avond. Vrouwen op zulke posities liggen altijd onder vergrootglas en het negatieve oordeel over hen heeft altijd te maken met hun vrouw-zijn.
‘Zodra je woorden en vooroordelen gebruikt die slaan op vrouwen als groep, is er sprake van seksisme. Dan gaat het niet meer over een individu, maar over het idee: vrouwen zijn inherent ergens minder geschikt voor. Zoals het stereotype van de hysterische, emotionele vrouw. Iemand een heks noemen is gewoon een dreigement. Heksen werden vervolgd. Er zit een hele historie van vrouwenonderdrukking onder veel woorden. Een man een eikel of klootzak noemen, draagt geen enkel historisch cliché in zich.’
Stemmen op een vrouw is geen omgekeerd seksisme, want dat bestaat niet, schrijf je. Waarom niet?
‘Omdat het geen gevolgen heeft als iemand zegt: ik vind mannen stom. Net zoals omgekeerd racisme niet bestaat. Je kunt niet naar boven discrimineren. Mannen worden niet ineens uitgesloten van belangrijke plekken op de arbeidsmarkt, ze worden niet lastiggevallen op straat, ten minste: niet omdat ze man zijn. Zeggen dat mannen stom zijn, leidt niet tot geweld tegen mannen door vrouwen. Hoe anders is dat bij vrouwenhaat.’
Wie actie wil voeren moet zich bovenal wapenen tegen weerstand, lees ik in je boek.
‘Een risico van activisme is dat veel tijd en energie gaat zitten in het proberen te pleasen van je tegenstanders, ze milder te stemmen. Dan raak je uitgeput. Daarom is het belangrijk dat je een overzicht hebt van wat er op je af zal komen. Dat leerde ik bij Zwarte Piet is Racisme.
‘Dus voor we met Stem op een Vrouw online gingen, zijn we bij elkaar gaan zitten. Oké, roep maar: stem op een vrouw, wat komt er in je op? Over het algemeen kun je je prima verplaatsen in de onderbuik van een ander. Toen we begonnen hadden we kant-en-klare antwoorden op tegenwerpingen. Ze waren onderbouwd met onderzoek, met goede argumentatie en geschreven in teksten die mensen konden volgen.’
Hoe ging dat bij Zwarte Piet is Racisme?
‘Daar wisten we niet wat ons overkwam toen onze bekendheid toenam en ook de tegenbeweging explodeerde. Op Facebook, toen nog hét sociale medium, kregen we honderden berichtjes en comments per dag. Die, achteraf gezien, terug te voeren waren op dezelfde vijf, zes argumenten. Hij is zwart van de schoorsteen, het is een kinderfeest, het is niet racistisch bedoeld, enzovoort. Maar die moet je wel kunnen weerleggen in een goed onderbouwd en begrijpelijk verhaal.
‘Het duurde maanden voor we daar onze draai in hadden gevonden met standaardantwoorden en historische research. In die tijd heb ik ook geleerd hoe gevaarlijk activisme is. Ik deed mijn werk bij de groep achter de schermen, voor de veiligheid waren we anoniem. We zijn nog steeds blij dat Jerry het heeft overleefd (Kick Out Zwarte Piet-voorman Jerry Afriyie en zijn gezin werden in 2020 met de dood bedreigd, red.).’
Heeft het eigenlijk zin om op negatieve berichten op sociale media te reageren?
‘Je reageert niet voor diegene die een zure reactie plaatst, maar voor de meelezers. Dat kunnen er heel veel zijn. Wij zijn vooral in verkiezingstijd actief op sociale media, met name op Instagram. TikTok hebben we geprobeerd, dat was verschrikkelijk. Daar zitten zoveel extreem conservatieve stemmen, heel jonge jongens die tekeergaan tegen alle vormen van emancipatie.
‘Scheldpartijen of discriminerende reacties halen we weg. Onze volgers, veel jonge vrouwen, zien online al genoeg drek. Maar als iemand jennerig schrijft: ‘Ik vind stemmen op een vrouw seksisme’, dan interpreteer ik dat als een vraag waarop ik antwoord kan geven. De schrijver van die reactie ga je niet overtuigen met inhoudelijke argumenten. Maar van die 24 duizend volgers leest een grote groep mee. Die denken misschien: hé, dat vind ik best een goed antwoord, dat kan ik ook gebruiken bij mijn kerstdiner of in een discussie met vrienden.’
De meest gehoorde tegenwerping is: ik stem gewoon op de beste. Wat antwoord jij dan?
‘Ik ook. Maar kwaliteit in de politiek is geen neutrale, objectieve maatstaf. Voor mij is kwaliteit misschien dat iemand empathisch is, of betrokken bij minderheidsgroepen. Een ander zoekt iemand die bedreven is in het schrijven van amendementen op wetgeving over IT.
‘Kwaliteit in de politiek is een optelsom. Er is niet één iemand de beste. In een democratie kunnen in theorie al die verschillende kiezers verschillende politici afvaardigen om hun stem te vertolken. Dat is niet hoe het nu is. De meeste kandidaten zijn bijvoorbeeld academisch opgeleid. Maar zij beslissen wel over het mbo. Hoeveel mbo’ers kennen al die wo-opgeleide politici eigenlijk, met wie zij een gelijkwaardige relatie hebben?
‘Op school leren we over Thorbecke en de grondwet van 1848, het begin van onze parlementaire democratie en het kiesrecht. Dat klinkt mooi, maar de realiteit was dat 3 procent van de rijkste mannen mee mocht beslissen. De koning en de adel waren bang om te worden vermoord als het volk in opstand kwam, dus besloten ze een klein beetje macht te delen. Zonder de strijd van arbeidersbewegingen en vrouwenbewegingen was er niets veranderd. Het algemeen mannenkiesrecht is maar twee jaar eerder ingevoerd dan het vrouwenkiesrecht.’
Wanneer heb je eigenlijk genoeg mensen verzameld voor een verandering?
‘Je hebt geen meerderheid nodig. Uit onderzoeken blijkt dat 3,5 procent van de bevolking als medestanders al voor een omslag kan zorgen. De verandering van Zwarte Piet begon ruim voordat de meerderheid van Nederland overtuigd was. Omdat een kleine groep mensen volhield en bleef herhalen: dit is hoe het zit. Je hebt maar een paar mensen nodig die luisteren, die dat serieus nemen.
Vervolgens zien witte ouders dat hun kinderen de roetpiet prima vinden en dat het feest voor zwarte kinderen leuker wordt, en zo worden zij weer een stem voor verandering in hun eigen omgeving – of houden ze in ieder geval op met hun weerstand. Want we zijn gewoontedieren. Niemand houdt van verandering. Maar zodra iets verandert, wennen we ook heel snel.’
Hoe meer zichtbaarheid, hoe meer verzet. Er zijn vrouwen, of lhbti’ers die denken: ging het maar wat minder over ‘mijn groep’ in het publieke debat. Begrijp je dat?
‘Als iemand zegt: kan het alsjeblieft niet de hele tijd over transrechten gaan, want ik vrees voor geweld tegen mijn kind, dan kan ik die legitieme zorg niet zomaar even terzijde duwen met de uitspraak dat het van belang is voor de emancipatie van een hele groep. Maar vechten voor die rechten is wél belangrijk – ook voor dat kind.
‘De tragiek van sociale bewegingen is: wat op de lange termijn vrijer maakt, veroorzaakt op de korte termijn vaak een backlash, dus minder vrijheid en veiligheid. Ik gebruik niet voor niets het woord ‘strijd’ in mijn boek. Vrouwen over de hele wereld hebben letterlijk en figuurlijk gevochten om hun stem te laten horen. En doen dat nog steeds.
‘De route naar emancipatie is niet leuk. Wat je aandacht geeft, groeit, zowel positief als negatief. Waar wordt gemorreld aan de status quo, is weerstand. Maar om meer vrijheid te bemachtigen moeten we er wel doorheen.’
Devika Partiman, Stem op een vrouw. Uitgeverij Cossee; 160 pagina’s, € 19,99.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant