Ruim 1,7 miljoen mensen van 16 jaar of ouder zijn dit jaar slachtoffer geweest van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van het CBS en Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) over 2024.
Dit is een lichte daling ten opzichte van 2022, de laatste keer dat een grootschalige enquête werd uitgevoerd. De resultaten zijn vergelijkbaar met de cijfers van 2020.
De enquête is ingevuld door ruim 25 duizend respondenten. Op basis van deze enquête schat het CBS dat 1,3 miljoen Nederlanders huiselijk geweld hebben ervaren, een aantal dat vergelijkbaar is met eerdere jaren.
Offline seksuele intimidatie is de meest voorkomende vorm van grensoverschrijdend gedrag, blijkt uit de maandag verschenen Prevalentiemonitor Huiselijk Geweld en Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag.
Zo’n 8 procent (bijna 1,2 miljoen ) van de 16-plussers voelt zich slachtoffer. Online seksuele intimidatie trof 5 procent (ruim 760 duizend) en fysiek seksueel geweld 4 procent (ruim 520 duizend).
Vrouwen en non-binaire of genderqueer personen zijn vaker slachtoffer van seksueel grensoverschrijdend gedrag en huiselijk geweld. Vrouwen rapporteerden ruim twee keer zo vaak slachtoffer te zijn dan mannen: 16 procent tegenover 7 procent.
Onder non-binaire en genderqueer personen (NBGQ) was dit zelfs 31 procent. Bijna een derde van de bi-plus vrouwen die meededen aan de enquête gaf aan slachtoffer te zijn van seksuele intimidatie. Heteroseksuele mannen meldden de minste gevallen, met 6 à 7 procent.
Huiselijk geweld werd meestal gepleegd door de partner of de ouder, gaven de slachtoffers aan. Bij psychisch geweld meldde 41 procent van de slachtoffers dat hun partner de pleger was, terwijl dit voor fysiek geweld 31 procent betrof.
Als het gaat om psychisch geweld in huiselijke kring worden ook ouders vaak genoemd als agressor. Broers, zussen, kinderen of andere familieleden worden minder vaak als daders gezien.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant