Jutta Leerdam is zaterdag als tweede geëindigd op de 1.000 meter bij de wereldbeker in Nagano. De topschaatsster moest buigen voor wereldkampioene Miho Takagi. Joy Beune zette haar aanwijsplek op de 3 kilometer om in een bronzen medaille.
Leerdam is dit weekend niet in topvorm in Japan, omdat ze een week geleden nog in het Amerikaanse Dallas was voor het boksgevecht van haar vriend Jake Paul tegen Mike Tyson. Toch kwam ze zaterdag in de buurt van haar negende wereldbekerzege op de 1.000 meter.
De 25-jarige Nederlandse noteerde 1.14,96 op het zware ijs in de olympische hal van 1998. Daarmee was ze 0,36 seconden langzamer dan thuisrijdster Takagi (1.14,60).
Takagi is de regerend olympisch en wereldkampioene op de 1.000 meter. De dertigjarige Japanse kwam niet in de buurt van haar baanrecord (1.13,21), maar was wel voor de achtste keer de beste op de kilometer in de World Cup.
Angel Daleman liet nog maar eens zien waarom ze gezien wordt als een supertalent. De zeventienjarige Nederlandse, die in Nagano haar wereldbekerdebuut maakt, eindigde knap als vierde in 1.15,51. Ze kwam minder dan een halve seconde tekort voor het brons. Dat ging naar de Amerikaanse wereldrecordhoudster Brittany Bowe (1.15,17).
Antoinette Rijpma-de Jong eindigde als zevende (1.15,88), terwijl topshorttrackster Suzanne Schulting de achtste tijd klokte (1.15,89).
Op de 3 kilometer was er een derde plek voor Beune. De wereldkampioene allround was met 4.04,60 een kleine seconde langzamer dan winnares Ivanie Blondin (4.03,76). De Noorse Ragne Wiklund was vier duizendsten sneller dan de Nederlandse en kreeg het zilver.
Beune, die vrijdag ook brons pakte op de 1.500 meter, was twee weken geleden ziek tijdens het wereldbekerkwalificatietoernooi in Heerenveen en meldde zich af voor de 3.000 meter. Vanwege haar goede resultaten van vorig seizoen kreeg ze een aanwijsplek van schaatsbond KNSB. Dat ging ten koste van Rijpma-de Jong.
Marijke Groenewoud won de 3 kilometer in Thialf in 3.58,87, maar kwam op het zware ijs in de M-Wave in Nagano niet verder dan 4.05,13. Daarmee werd ze zesde. Sanne in 't Hof eindigde als zevende in 4.06,14, terwijl Merel Conijn (elfde in 4.08,52) en Elisa Dul (vijftiende in 4.12,91) buiten de top tien vielen.
Voor Blondin was het haar eerste wereldbekeroverwinning op een individuele afstand sinds december 2019. Toen was ze ook de beste op de 3 kilometer in Nagano. De 34-jarige Canadese pakte sindsdien wel negen keer goud op de ploegenachtervolging en vier keer goud op de massastart.
De regerend wereldkampioene op de 3.000 meter was er niet bij. Irene Schouten stopte na vorig seizoen.
Source: Nu.nl algemeen