Home

Opinie: Ook u kent hoogstwaarschijnlijk iemand die schuldig is aan seksueel grensoverschrijdend gedrag

De verkrachtingszaak van Gisèle Pélicot laat zien: verkrachters zijn vaak ‘normale’ mannen. Logisch, als je naar de cijfers kijkt: verreweg de meeste daders en slachtoffers kennen elkaar. Waarom dan toch iedere keer die verbazing dat het geen enge mannen met bestelbusjes zijn?

Elektricien, brandweerman en journalist: met verbazing wordt gekeken naar de beroepen van mannen die Gisèle Pélicot verkrachtten. En dan zijn ze nog getrouwd en vader ook. Dat zagen we ook bij de verkrachtingszaak die in Nederland veel stof deed opwaaien, de Valkenburgse Loverboyzaak, ook daar bleken de daders ‘normale’ mannen zonder strafblad.

Bij de reclassering zien wij ze dagelijks, die ‘normale’ mannen die een zedenmisdrijf hebben gepleegd. Ieder beroep komt langs, van arts tot stratenmaker. Met iedere denkbare achtergrond. Een dwarsdoorsnede van de samenleving.
En dit is logisch, wanneer we kijken naar de cijfers van fysiek seksueel grensoverschrijdend gedrag. In Nederland heeft meer dan de helft van de vrouwen (53 procent) en ongeveer eenvijfde (19 procent) van de mannen te maken gehad met fysiek seksueel grensoverschrijdend gedrag volgens de Rutgers stichting.

Bestelbusjes

Wat wij zien is dat verreweg de meeste mensen die verdacht of veroordeeld zijn voor een zedenfeit niet eerder zijn veroordeeld voor een dergelijk feit (ongeveer 85 procent) en dit vaak na een interventie, zoals een aangifte, ook niet nog eens doen. Ongeveer een kwart recidiveert.

Over dit auteurs
Maaike Blok en Sasha ter Hoeven werken bij Reclassering Nederland.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Seksueel grensoverschrijdend gedrag is dus een groot maatschappelijk probleem. Als er zoveel mensen slachtoffer worden van fysiek seksueel grensoverschrijdend gedrag, dan zijn dit dus geen incidenten van enge mannen met witte bestelbusjes. Ze bestaan, maar het is een minderheid. Extreme zaken zoals die van Gisèle Pélicot komen gelukkig niet vaak voor. Verreweg de meeste daders en slachtoffers kennen elkaar: dit geldt in ruim 70 procent van de gevallen en bij kindermisbruik ligt dat percentage nog hoger: 85 procent. De plegers van seksueel grensoverschrijdend gedrag zíjn dus ook ‘normale’ mannen die evengoed een familielid, vriend of buurman kunnen zijn.

In gesprek

Wat maakt dan dat we steeds toch weer zo verbaasd zijn over die ‘normale’ mannen? De meeste zaken waarover we lezen in de krant zijn vaak de meer extreme zaken, want die zijn nieuwswaardig. Maar seksueel grensoverschrijdend gedrag kent veel verschillende vormen. Van billenknijpen in een kroeg tot verkrachting van iemand die gedrogeerd is. Daarnaast is het natuurlijk ook een ongemakkelijke gedachte dat die behulpzame elektricien, die aardige brandweerman en die vriendelijke journalist ook in staat is tot seksueel grensoverschrijdend gedrag. Afgaand op de cijfers kan het haast niet anders dat u, de lezer, iemand kent die zich schuldig heeft gemaakt aan fysiek seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Afschuw en afkeuring over het type delicten zijn begrijpelijk en terecht, maar er is meer nodig om seksueel grensoverschrijdend gedrag proberen te voorkomen. En dan gaat het opsluiten van alle enge mannen met witte bestelbusjes helaas niet helpen. Het is bovendien een verantwoordelijkheid van ons allemaal.

Onze oproep is om met elkaar in gesprek te gaan en blijven over seksualiteit, wensen en grenzen. Met elkaar aan normvinding te doen. Aan de keukentafel, op school, op de universiteit en op kantoor. Bij de reclassering merken we dat het helpt om hierover met onze cliënten in gesprek te gaan. Het is misschien niet realistisch om te verwachten dat we seksueel grensoverschrijdend gedrag helemaal kunnen voorkomen, maar we kunnen wel ons best doen om de kans hierop zo klein mogelijk te maken. En een lichtpuntje is dat met ‘normale’ mensen over het algemeen goed te praten valt.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next