Home

Kabinet: politie moet toegang krijgen tot appgroepen om sneller te kunnen reageren op oproepen tot geweld

Het geweld tegen Israëlische supporters in Amsterdam toont volgens minister Van Weel (Justitie en Veiligheid) de noodzaak aan om de politie ruimere bevoegdheden te geven om mee te kunnen kijken in onlinechatgroepen. Hij komt snel met een wetsvoorstel om dat te regelen.

is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.

Het onderzoek naar personen die geweld pleegden tegen Israëlische supporters in Amsterdam, of daarna betrokken waren bij ongeregeldheden in de stad, is in volle gang. Op dit moment zitten twaalf personen in voorlopige hechtenis, van wie er negen daadwerkelijk vastzitten. Ook wordt nog onderzocht of en zo ja in hoeverre het geweld tegen de Israëlische bezoekers vooraf gepland was. Minister van Justitie David van Weel vindt dat de politie ruimere bevoegdheden moet krijgen om ook preventief in appgroepen te kunnen kijken om een beter zicht te krijgen op mogelijke plannen voor ordeverstoring en het gebruik van geweld.

Hoe staat het met het onderzoek? Was er sprake van vooraf georganiseerd geweld?

‘Ik kan natuurlijk niet vooruitlopen op de positie van het OM. Uiteindelijk moet het Openbaar ministerie gaan vaststellen of er sprake was van georganiseerd verband. En dat is relevant omdat je daarmee hogere straffen kunt opleggen aan de geweldpleging. Ze doen daar onderzoek naar en we hebben natuurlijk allemaal de geruchten gehoord over Telegramgroepen, al dan niet van taxichauffeurs, waarin de oproepen rond zouden gaan en waarin locaties zouden zijn doorgegeven waar supporters zouden zijn. Dat zijn signalen waar het OM onderzoek naar doet en mijn hartenkreet, die is gehoord in de Kamer vorige week, is: we hebben echt een uitdaging als het gaat om de vraag ‘wat mag de politie nou als het gaat om openbare orde’ en dit soort online chatgroepen. Want het antwoord is: niet zo heel veel.’

Wat zijn de huidige bevoegdheden van de politie?

‘Eigenlijk mogen zij alleen maar in open groepen rondhangen, maar zodra je in een groep komt die halfbesloten is, dus waar je op een link moet drukken om er toegang toe te krijgen, of eentje die helemaal besloten is, waar je dus een uitnodiging voor moet krijgen, dan houdt het voor de politie al op: dan mag dat niet op basis van Art. 3 van de Politiewet, waar uit de jurisprudentie blijkt dat je niet over privacygevoelige informatie mag beschikken. Dat is een beetje de uitdaging met die moderne social media, dat je al heel snel raakt aan die grens.’

U vindt dat artikel niet passend bij de moderne tijd?

‘Nee, want je kunt er als politie dus pas wat mee doen op het moment dat je concrete aanwijzingen hebt voor strafrechtelijke vergrijpen. Dan kun je toestemming krijgen van een officier van justitie om daar in te gaan. Maar heel vaak is het leed dan al geschied, en zeker als het gaat om handhaving van de openbare orde waarbij je zicht wilt hebben op de vraag ‘zijn er ergens groepen die dag bij de demonstratie aanwezig die uit zijn op geweld?’ Of je wilt weten wat er gebeurt in een groep die eerder geweld heeft gebruikt. Wat zijn die van plan met deze demonstratie op deze dag? Daar kan de politie niks mee nu.’

Welke oplossing ziet u?

‘Een nieuwe wet waarin je regelt dat de politie die toegang kan krijgen. Die is makkelijk te verzinnen: de meeste mensen snappen wel dat dit iets is dat je zou moeten willen als je openbare ordeverstoringen wilt tegengaan. En iedereen snapt ook wel dat het echt komt door de nieuwe technologie dat de wet hierin nog niet voorziet.’

Maar wie of wat zal de politie er dan van weerhouden om met iedereen mee te kijken?

‘Je maakt natuurlijk tot op zekere hoogte inbreuk op de privacy van mensen, dus wat we ook zullen moeten regelen is dat daar een goede toezichtsrol op zit. Wie geeft uiteindelijk de toestemming om zo’n groep binnen te gaan? Daar zijn een paar opties voor. Dat kan de officier van Justitie zijn, maar dan moet je goed afbakenen voor welke doeleinden hij of zij dat mag doen. Op dit moment mag dat alleen maar bij strafrechtelijke verdenking. Als je het zwaarder wilt maken ga je naar de rechter of de rechter-commissaris. Dat kan ook. Je wilt natuurlijk wel waarborgen geven dat het niet zomaar gebeurt. Maar het moet wel kunnen.’

Hoe snel komt het wetsvoorstel?

‘Voor de zomer komen we met een wetsvoorstel, en dat is best snel, maar de nood is ook hoog. En de motie die hiertoe oproept is met grote meerderheid door de Kamer aangenomen, dus het is wel duidelijk dat we nu de wind in de zeilen hebben om de politie up-to-date te maken hiermee.’

En hoe zit het met de huidige mogelijkheden om achteraf te reconstrueren wat er gebeurd is?

‘Dat kan niet altijd, want niet in al die appgroepen kun je met terugwerkende kracht kijken en het verleden zien. Die historie moet er dan maar net zijn. Dus het enige waarbij het helpt, is om erin te komen om verdere strafrechtelijke vergrijpen te voorkomen. Je kunt je voorstellen als er onlusten gebeuren, dat je aanleiding kunt hebben om te zeggen ‘ik heb het idee dat in die Telegramgroep iets gebeurt’, dan kun je erin. En dan kun je mogelijk gebruikmaken van die informatie om verdere schermutselingen te voorkomen, maar dat is natuurlijk eigenlijk niet hoe het zou moeten werken.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next