Spanje verslaan, in Spanje, tijdens het afscheidsfeest van tennisgrootheid Rafael Nadal: het leek een onwaarschijnlijke opgave, maar na woensdag, vlak na middernacht plaatsten de Nederlandse tennissers zich voor de halve finale van de Davis Cup en stuurden daarmee Nadal vroeger dan hij had gehoopt met tennispensioen.
Het begint zachtjes, maar zwelt in rap tempo aan: ‘Rafa, Rafa, Rafa, Rafa’. Het is de ode van het publiek vanaf de tribune naar de man die met zijn ene been over het andere geslagen op het bankje naast de scheidsrechtersstoel zit: voor het laatst in zijn professionele leven. Naast hem Carlos Alcaraz, zijn 21-jarige opvolger als Spaanse tennisheld, als wereldtopper. Voor Alcaraz, inmiddels vier grandslamtitels op zijn naam, lijkt er een grootse carrière in het verschiet. Nadal is bezig met zijn laatste minuten.
Het kwam in Málaga aan op de dubbel, nadat eerst Botic van de Zandschulp afrekende met Nadal in het enkelspel (6-4, 6-4). En Tallon Griekspoor vervolgens zijn meerdere moest erkennen in Alcaraz (6-7, 6-3).
In een dubbel die uiteindelijk ruim twee uur en een kwartier duurde, speelden Wesley Koolhof – ook bezig aan zijn afscheid van proftennis – samen met Van de Zandschulp tegen Spanjaarden Marcel Granolles en Alcaraz een dubbel op het allerhoogste niveau, vol spanning en lading. Het werd met twee supertiebreaks 7-6, 7-6.
En zo komt er een einde aan een tennisfeest dat voor de Spaanse liefhebbers tot en met zondag had mogen duren. Vrijdag is de kwartfinale, waarin Nederland het opneemt tegen de winnaar van het treffen tussen Duitsland en Canada. Zondag wacht de finale. Kaartjes gingen over de kop, toen bekend werd dat Nadal de Davis Cup Finals als laatste optreden zag. Maar duidelijk was ook direct: het is onzeker hoe lang hij in het toernooi blijft.
Hij houdt van de Davis Cup, van het spelen in een team. Hij heeft zichzelf altijd als groepsdier gezien, al werkte hij het grootste deel van zijn tijd een individuele carrière af. Met groot succes. Zo’n anderhalve minuut duurde de opsomming terwijl de erelijst van Nadal tijdens het inspelen werd opgenoemd.
Nadal is 22-voudig grandslamwinnaar, bemachtigde in 2008 olympisch goud, was 209 weken de nummer een van de wereld, maar na aanhoudend blessureleed lukt het hem niet meer constant op hoog niveau te spelen. En voor minder wil hij niet meer spelen. Een afscheidstour langs alle belangrijke evenementen ziet hij evenmin zitten: ‘Zo’n ego heb ik niet.’
Van de Zandschulp, die vroeger Nadal als idool zag, sprak na zijn overwinning in het enkelspel van ‘de allermoeilijkste wedstrijd uit mijn loopbaan. Om zo tegen Nadal te spelen, in deze atmosfeer. Het is wel een privilege.’
Het Spaanse publiek in de indoorarena die plaats biedt aan ruim 11 duizend toeschouwers was behangen met rood met gele vlaggen, sjaals en andere attributen. Daarop regelmatig: Vamos, het woordje dat Nadal zo vaak gebruikte; tijdens zijn eigen spel, met een woeste brul in een poging de intensiteit hoog te houden. Maar ook tijdens de afsluitende dubbel, staand aanmoedigingen roepend, vanaf de spelersbox langs de kant.
Nog vaker staat er ‘gracias Rafa’ geschreven - bedankt Rafa. Op vlaggen buiten het stadion, op een gigantisch spandoek op de buitenmuur van de atletiekarena tegenover het tenniscomplex en op de sjaals bij het publiek, met daarbij de beeltenis van Nadal op jonge leeftijd; met de hem kenmerkende losse halflange haren, maar ook een van de Nadal van nu: de haren dunner en kort.
In het Spaans, onder luid geklap, spreekt hij na afloop zijn dankwoorden uit. Af en toe schuddend met zijn hoofd, alsof hij vol ongeloof is over wat hij heeft bereikt, of wanneer hij zijn dankbaarheid toont. Nadals carrière kenmerkt zich niet alleen door het succes dat hij in overvloed beleefde, maar ook door de nederigheid.
Als na zijn minutenlange speech het applaus toeneemt, slikt Nadal nog maar eens. Emoties zijn voor volgende week, zo had Nadal nog maar een dag eerder gesteld. Maar toen hij dinsdag naar het volkslied luisterde, voorafgaand aan zijn enkelspel, werden zijn ogen toch wat vochtig. Zodra het publiek na de laatste klanken ‘Rafa, Rafa’ scandeerde, begon zijn rechterhand plots te trillen. Hij knikte. En knikte. Toch emotie.
‘Het was ook een emotionele dag’, zou hij later zeggen. Op dat moment nog onwetend van de nederlaag die Spanje uiteindelijk in de daaropvolgende uren zou lijden. ‘Het kan mijn laatste enkelwedstrijd als prof zijn, dat voel ik’, zei hij ook. En, vooruitblikkend op een mogelijk later optreden van Spanje, mochten ze zich plaatsen voor de kwartfinale: ‘Als ik teamcaptain was, zou ik mezelf niet opstellen.’
Het is de nederigheid weer; hij is niet groter dan het team. De Davis Cup draait om teambelang, om winnen. Een mogelijk afscheid mag daar niet voor gaan. Maar uiteindelijk blijkt de gedachte niet relevant. Er komt geen volgende wedstrijd meer, de carrière van Nadal is voorbij.
Met de armen over elkaar geslagen kijkt hij vanaf het midden van de tennisbaan naar een filmpje waarin onder anderen Roger Federer, Serena Williams en David Beckham hem bedanken.
Hoe wil je herinnerd worden in de toekomst, wordt hem gevraagd. Er zijn titels, getallen en cijfers die mijn carrière kenmerken, zegt Nadal. ‘Maar hoe ik echt herinnerd wil worden is als een goed persoon, uit een klein dorp in Mallorca. Ik had het geluk dat mijn oom tenniscoach was, toen ik erg klein was. Het geluk van een geweldige familie die me steunde. Ik was gewoon een kind dat dromen volgde en zo hard mogelijk werkte om te komen waar ik vandaag sta en uiteindelijk meer bereikte dan ik ooit durfde dromen. Zo wil ik herinnerd worden.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant