Het Nederlands elftal is er dinsdag in de laatste interland van 2024 niet in geslaagd te winnen van Bosnië en Herzegovina. De ploeg van bondscoach Ronald Koeman, die koos voor een B-opstelling, kwam in het Nations League-duel in Zenica niet verder dan 1-1.
Oranje begon nog wel aardig, met de eerste interlandgoal van Brian Brobbey. Maar in de tweede helft zakte de halvefinalist van het afgelopen EK ver weg. Qua kansen was het niet onverdiend dat de nummer 74 van de FIFA-ranking een punt pakte tegen Oranje, dat met liefst elf andere namen startte in Stadion Bilino Polje.
Spelers als Jeremie Frimpong, Justin Kluivert en Joshua Zirkzee kregen de kans in de basis, maar overtuigden niet. Pijnlijk is het contrast met Duitsland, dat afgelopen zaterdag met 7-0 won van Bosnië.
De Duitsers gaan dan ook als groepswinnaar door naar de kwartfinales, met een flinke voorsprong op nummer twee Nederland.
Op de persconferentie maandag zei Koeman al dat het aan andere namen was om te laten zien dat ze in de Oranjeselectie thuishoren, waarmee hij behoorlijk wat wijzigingen aankondigde. Een van de spelers die die kans wilde grijpen was Noa Lang. De PSV’er was voor rust de meest bedrijvige aanvaller aan Nederlandse kant.
Bij de 1-0 in de 24e minuut kwam de voorzet dan ook van Lang. Brian Brobbey kopte binnen en maakte zo zijn eerste interlandgoal. Een paar minuten later was het recept hetzelfde. Lang gaf voor en Brobbey rondde af, maar ditmaal werd de goal afgekeurd wegens buitenspel.
De andere aanvallers van Oranje hadden het lastiger. Justin Kluivert was in zijn eerste interland in ruim zes jaar minder aanwezig dan Lang. En Joshua Zirkzee liet vlak voor rust een flinke mogelijkheid onbenut. De speler van Manchester United, die achter Brobbey als centrale middenvelder startte, schoot in kansrijke positie zwak in,
Aan de andere kant moest Oranje af en toe ook opletten. De kleine tienduizend supporters in het gedateerde Stadion Bolino Polje juichten al bijna na gerommel achterin bij Oranje. Maar de scheidsrechter floot voor buitenspel.
In de tweede helft werd het niet beter wat Oranje liet zien. Sterker, vlak na rust kon Jeremie Frimpong nog net een voetje tegen de bal krijgen, waardoor Edin Dzeko niet kon scoren. Even later schoot diezelfde Frimpong de bal van afstand bijna het stadion uit. Tekenend voor de terugval van Oranje was een steekpass van Lang die over de achterlijn rolde.
In de loop van de tweede helft kwamen er meer kansen voor de Bosnië. Dzeko kopte een bal in de handen van Mark Flekken, maar even later kreeg de 38-jarige spits de bal wel langs de Nederlandse keeper. Tot frustratie van de Bosniërs was het weer buitenspel en dus bleef het 0-1.
In de 67e werd het dan toch 1-1. Flekken had nog een antwoord op een schot van Dzeko, maar in de rebound kopte Ermedin Demirovic wel raak. De ontlading was groot bij de Bosnische fans, die hun ploeg drie dagen geleden nog met recordcijfers zagen verliezen van Duitsland.
Het lukte Oranje niet om weer controle te krijgen. De 2-1 leek dichterbij dat de 1-2 en dat deed Koeman besluiten toch nog wat ervaring te brengen. Cody Gakpo kwam voor Lang en Weghorst voor Zirkzee. Met die nieuwe aanvallende krachten kwam Oranje zowaar nog tot een slotoffensiefje. Dat leidde tot een schietkans voor Jorrel Hato, maar die ging over. Zo bleef het 1-1 en eindigde het jaar van Oranje met een teleurstelling.
Source: Nu.nl algemeen