Home

Scheepsbouwer Damen beloofde beterschap na corruptieverdenkingen, maar zet nog steeds verdachte transacties op

Volgens (oud-)medewerkers van scheepsbouwer Damen komt er nog altijd smeergeld kijken bij het binnenhalen van opdrachten in het buitenland. Dat de Fiod zijn slepende onderzoek maar niet afrondt, komt zowel Damen als klant Defensie ondertussen niet slecht uit.

Als een bewaker een hek in een buitenwijk van de Keniaanse havenstad Mombasa heeft geopend en het geknetter van de tuktuks achter de muur is weggestorven, kom je in het kantoor van Supply Linkages Limited ineens in een soort Nederland terecht.

Op een bureau een kalender van de Koninklijke Marine. Aan de muur een luchtfoto van een scheepswerf in een Hollands rivierenland. In een vitrine een model van een sleepboot zoals die ook in Rotterdam varen. En op de grond een stapel kartonnen dozen met de naam van de afzender: Damen, de scheepsbouwer uit Gorinchem.

Dit is een vooruitgeschoven post van de BV Nederland.

Achter het bureau zit Edwin Ochieng Yinda. Hij is oud-politicus en zakenman – hij laat zijn secretaresse een kopje thee brengen van zijn eigen theemerk – maar zijn belangrijkste functie, ook te zien aan het Damen-vlaggetje op een stapel paperassen, is die van ‘agent’. Yinda, de baas van Supply Linkages Limited, is de man die hier in Kenia voor Damen de opdrachten binnenhaalt.

Service providers

Service providers, worden ze ook wel genoemd. Vertegenwoordigers. Lobbyisten. Niet in dienst, maar vaak al jaren vaste kracht. Zonder hun tussenkomst is het lastig handelen in Afrika, Azië, Zuid-Amerika. Bij elke deal krijgen ze een vast percentage, wat al snel in de miljoenen loopt. Wat doen ze daarvoor?

‘Je moet de juiste mensen kennen’, legt Yinda uit. ‘Zonder goede vertegenwoordiger verkopen jullie hier niets. Het gaat allemaal om connecties.’

In zijn geval: connecties bij de Keniaanse marine en de havenautoriteiten van Mombasa. Dankzij die connecties mocht Damen hier drie jaar geleden voor 42 miljoen euro een scheepswerf bouwen, Kenya Shipyards Limited, eigendom van de marine. Yinda hield er 5 procent aan over.

Zo hoog is dat ook weer niet, zegt hij. ‘Vroeger was het twee tot drie keer zo veel.’ Maar toch: 2 miljoen euro, in een land waar het nationaal inkomen per hoofd van de bevolking duizend keer zo laag is.

Door deze constructie, waarbij een buitenlands bedrijf een commissie betaalt om een (overheids)order binnen te slepen, ligt corruptie op de loer. Gaat het geld dat de agent incasseert niet voor een deel naar het omkopen van ambtenaren en politici die het besluit voor een aankoop moeten nemen? Zijn de agenten voor Damen niet een manier om dat te laten gebeuren zonder dat het bedrijf dat zelf hoeft te zien?

Yinda bezweert van niet. ‘Omkoping is ook hier illegaal, hè. Het komt niet eens in me op.’

Toch ligt hun werk al een jaar of tien onder een vergrootglas. In 2016 zette de Wereldbank Damen op een strafbankje, nadat was gebleken dat het bedrijf een agent niet had opgegeven bij een offerte voor een project in Sierra Leone. Damen werd anderhalf jaar uitgesloten van het meedingen naar projecten. Uit Nederlands onderzoek bleek vervolgens dat Damen vaker niet opgaf met agenten te werken, of niet goed vertelde wat ze verdienen. In 2017 deed de Fiod een inval in het hoofdkantoor in Gorinchem, waarbij de administratie in beslag werd genomen. NRC schreef over die periode een serie stevige artikelen die duidelijk maakten hoe problematisch de agenten waren. Twee van hen moesten vertrekken.

Ethische code

Damen voerde, om de Wereldbank en de Nederlandse autoriteiten tevreden te stellen, een heel scala aan maatregelen in: van ethische codes tot zogeheten compliance-officers, die hun collega’s moesten helpen binnen de kaders van de wet te blijven.

Maar is er sindsdien veel veranderd? De Volkskrant sprak verschillende (oud-)medewerkers die ook na de ophef en genomen maatregelen nog tegen misstanden zijn aangelopen. Dat gaat niet alleen om agenten die nog steeds geld wegsluizen op een manier die vragen oproept, maar ook om nieuwe manieren waarop geld zou worden betaald aan mensen die beslissen of een opdracht naar Damen gaat.

‘Er loopt een apart slag mensen rond’, zegt een van hen. ‘Er is eigenlijk geen moreel kompas.’

Compliance, zeggen deze bronnen, wordt vooral gezien als een manier om financiële en aansprakelijkheidsrisico’s te reduceren. Wie bij de bestuursvoorzitter aanklopt met ethische bezwaren stuit op onbegrip. Integriteit, zegt een van de commerciële mensen, is een luxe die we ons niet kunnen veroorloven.

Een andere reden om Damen weer onder de loep te nemen, na de publiciteit van een paar jaar geleden, is dat het Fiod-onderzoek na zeven jaar nog steeds loopt.

Dat is saillant, omdat het Nederlandse ministerie van Defensie de afgelopen anderhalf jaar groot heeft ingekocht bij Damen: voor zo’n 5 miljard euro. Vorig jaar twee onderzeebootbestrijdingsvaartuigen, dit voorjaar vier luchtverdedigings- en commandofregatten, dit najaar twee zwaarbewapende onbemande boten. Deze orders waren onmogelijk geweest als Damen was veroordeeld voor fraude of omkoping.

Alleen vermoedens van fraude en omkoping zijn geen grond voor uitsluiting, schreef toenmalig staatssecretaris van Defensie Barbara Visser in 2020 al in antwoord op Kamervragen. Een nog lopend strafrechtelijk onderzoek ook niet.

Het komt Damen dus goed uit dat het Fiod-onderzoek nog niet tot een rechtszaak heeft geleid. En het ministerie van Defensie eveneens, getuige het persbericht bij de aanschaf van de onbemande ondersteuningsvaartuigen twee maanden geleden. De keuze voor Damen ‘sluit aan bij het kabinetsbeleid om de Nederlandse maritieme maakindustrie te versterken’, aldus het ministerie. En omdat het in deze tijden goed is om eigen oorlogsschepen te kunnen bouwen, ‘versterkt dit de strategische autonomie van Europa’.

Damen is een van de twee overgebleven grote scheepsbouwers van Nederland. En dat is dus van groot economisch en strategisch belang.

Intussen is een andere rechtszaak vrijdag wel geschrapt. Damen daagde vorig jaar de Nederlandse staat voor de rechter. Het heeft de afgelopen jaren tientallen schepen in Rusland gebouwd en wilde een vergoeding van tientallen miljoenen, omdat het een aantal daarvan door de sancties tegen Rusland niet meer kan verkopen. ‘Nadeelcompensatie’, noemen ze dat.

Die zaak zou op 2 december voorkomen, maar na vragen van de Volkskrant de afgelopen weken werd die vrijdag door de Raad van Commissarissen geschrapt. ‘In het huidige klimaat van toenemende geopolitieke spanningen en goede samenwerking tussen industrie en Nederlandse overheid kiest Damen er nu voor dit hoofdstuk af te sluiten en vooruit te kijken.’

Damen wil niet reageren

De Volkskrant benaderde Damen Shipyards diverse keren voor dit artikel. Het bedrijf sloeg interviewverzoeken af en wilde geen (feitelijke) vragen beantwoorden. Een bezoek aan het bedrijf, dat met twaalfduizend werknemers op 35 werven in twintig landen toch ook een stuk Hollands glorie is, werd afgewezen. Ook na lezing van dit artikel kozen het bedrijf en de betrokkenen ervoor niet te reageren. ‘Damen kiest ervoor om geen reactie te geven zolang het onderzoek van de Fiod nog loopt.’

Vijf jaar geleden, in het programma In goed gezelschap van Jaïr Ferwerda, zei Kommer Damen, de man die het familiebedrijf groot heeft gemaakt en als president-commissaris nog steeds elke dag naar kantoor gaat (en al doende op plek 110 van de Quote 500 van rijkste Nederlanders is beland) wel wat concreets over de smeergeld-verdenkingen. Op de vraag of er nooit iemand was omgekocht, gaf hij in vier woorden weer wat misschien wel de essentie is van het agenten-concept.

‘Door ons niet nee.’

‘Het bedrijf draait op loyaliteit’

Bootjes verkopen, zo noemen veel medewerkers de kernactiviteit van Damen Shipyards. Hoewel ze natuurlijk eerst moeten worden gebouwd, is Kommer Damen, met zijn twee linkerhanden, altijd meer een verkoper geweest. Zijn karakter is het karakter van het bedrijf geworden.

Kommer Damen begint in 1967 op 23-jarige leeftijd in het familiebedrijf met drie kleine werven in Hardinxveld-Giessendam. Kommer vindt het te bedaard. Hij wil standaardcasco’s op voorraad gaan bouwen, om zodra een klant een bestelling heeft geplaatst de specifieke puntjes op de i te zetten. Zo kan hij sneller leveren.

Veel te riskant, vinden de anderen. Voorraden aanleggen? Wat als er niet genoeg klanten komen? Kommer splitst zich met zijn vader af. Slechts zes van de zestig personeelsleden gaan met hem mee. Hij vult hen aan met mensen die hij kent uit zijn tijd aan de hts en bij de marine. Veel leden van deze harde kern zullen nog decennialang sleutelrollen blijven spelen in het bedrijf, soms zelfs tot na hun pensionering.

‘Het bedrijf draait op loyaliteit’, zegt een oud-medewerker. ‘Mannen die elkaar al lang kennen en weten wat ze aan elkaar hebben. En weten waarover ze hun mond moeten houden.’

Kommers ‘Scheepswerf Damen’ groeit hard. De casco’s worden op werven in lagelonenlanden gebouwd en in Nederland afgebouwd met standaard onderdelen. Het bedrijf produceert nu zo’n tweehonderd schepen per jaar.

De cowboys van Kommer

Alleen: voor wie? ‘Produceren is één ding’, zegt oud-directeur René Berkvens in de bedrijfspodcast die Damen vorig jaar liet maken. ‘Maar je moet wel zorgen dat je ze ook kwijtraakt.’

En dus zet Damen ook een enorme verkooporganisatie op. Tientallen Damen-verkopers, de ‘cowboys van Kommer’ zoals ze intern worden genoemd, zwermen over de wereld uit om bootjes te verkopen. Ook Kommer zelf is de helft van de tijd op pad. Het Midden-Oosten, Afrika, Zuid-Amerika: overal zijn havens die baggerboten, sleepboten, loodsboten en patrouilleboten kunnen gebruiken.

Die boten zijn robuust, eenvoudig, efficiënt en snel leverbaar, heel geschikt voor veel Afrikaanse havens. Daar hoeven de klanten niet meer van te worden overtuigd. ‘De moeilijkheid zit ergens anders’, zegt Berkvens. Damen verkoopt vaak aan havens, marines, kustwachten, of inspectiediensten die onder ministers en ministeries vallen. ‘Hoe krijg ik het zo voor elkaar dat die klant daadwerkelijk iets gaat kopen? Hoe zorg ik ervoor dat het ministerie ja zegt? Die enorme bureaucratische processen zijn de grootste uitdaging.’

Maar ook daarvoor komt een oplossing.

Commissie van miljoenen per boot

Edwin Yinda wordt begin jaren negentig benaderd door de verkoopdirecteur van Damen die Afrika onder zijn hoede heeft. Yinda is goed bekend in de haven van Mombasa, doordat hij al jaren de bevoorrading doet van bijvoorbeeld Amerikaanse marineschepen die langskomen op weg naar het Midden-Oosten. Hij is getrouwd met de dochter van de baas van de kustwacht.

‘Ze hadden al een Nederlandse verkoper voor Afrika, maar kwamen erachter dat het onmogelijk is’, zegt Yinda nu. ‘Het is veel te gecompliceerd. En toen kwamen ze bij mij.’

In plaats van de ‘cowboys’ die klanten proberen te vinden worden in tientallen landen vertegenwoordigers aangesteld. Deze agenten krijgen jarenlang zo’n 12 tot 15 procent commissie op elke opdracht, wat al snel neerkomt op een beloning van miljoenen per boot. Lange tijd is er geen haan die kraait naar wat zo’n tussenpersoon precies doet om ambtenaren in het buitenland ervan te overtuigen dat ze een bootje moeten aanschaffen. Steekpenningen hoorden er min of meer bij. Pas in 2001 wordt corruptie in het buitenland expliciet strafbaar gesteld in het Nederlandse strafrecht.

Naar Damen stelt de Wereldbank een onderzoek in, na een tip van een concurrent die een opdracht is misgelopen. De bank ziet dat Damen bij de offerte voor een van zijn projecten, voor het ministerie van Visserij in Sierra Leone, niet heeft opgegeven dat er een tussenpersoon betrokken is die ook een vergoeding krijgt. Die fout (Damen zegt dat die tussenpersoon pas ná de aanvraag werd aangesteld) betekent nog niet dat corruptie is aangetoond, maar is ernstig genoeg: de Wereldbank wil Damen voor drie jaar op het strafbankje zetten en uitsluiten van door de Wereldbank gefinancierde opdrachten.

Het interne compliancebeleid, dus de procedures die erop gericht zijn om binnen de wettelijke kaders te blijven, was ‘onvoldoende tot alle medewerkers doorgedrongen’, zo schrijft staatssecretaris Visser in antwoord op Kamervragen.

Onderzoek

Damen belooft beterschap. Alle werknemers krijgen een cursus ethiek. Er komt een nieuwe gedragscode en er worden specialisten in dienst genomen die moeten controleren of de werknemers zich aan de regels houden. En Damen zal een commissie instellen die de contracten van agenten tegen het licht houdt en periodiek gaat controleren. Bij wijze van goede wil halveert de Wereldbank de straf tot anderhalf jaar.

Ook de Nederlandse overheid neemt na de sanctie van de Wereldbank stappen. Het ministerie laat de zogeheten exportkredietverzekeringen controleren die Damen op opdrachten in het buitenland had afgesloten. Zulke verzekeringen, afgesloten bij het bedrijf Atradius Dutch State Business, dekken het risico af voor het geval dat de koper niet betaalt, en is essentieel voor de handel met instabiele landen. Als de overheid die garantie niet biedt, wordt het financiële risico te groot.

Uit het onderzoek van Atradius DSB naar alle 95 in de voorgaande jaren door Damen afgesloten polissen blijkt dat veertien daarvan niet kloppen. Gegevens van agenten of hun beloning zijn niet ingevuld. Of die beloning is onder de 5 procent dan wel 4,5 miljoen euro gehouden, het maximum dat Atradius toestaat, terwijl het in werkelijkheid hoger is. Sommige commissies lopen op tot 32 miljoen euro.

Volgens de bronnen die de Volkskrant afgelopen maanden sprak, was de toenmalige hoogste baas, René Berkvens, daarbij betrokken. Hij wil niet reageren op vragen van de krant.

Damen doet ook zelf onderzoek, onder druk van mensen die de compliance serieus beginnen te nemen. Twee agenten die hun verdiensten niet kunnen verantwoorden worden in 2015 en 2017 ‘uitgezet’, zoals dat heet, in Indonesië en in de Caraïben. NRC schrijft daar uitgebreide reconstructies over. De eerste krijgt een afkoopsom van 5 miljoen, de tweede, de Brit Stephen Hobson, spant een juridische procedure aan bij een arbitragehof in Zwitserland, dat bedoeld is om commerciële geschillen achter gesloten deuren te schikken. Wat de afloop daarvan is, wil Hobsons Nederlandse advocaat Jurjen de Korte niet zeggen. Maar ook Hobson zou een vergoeding hebben gekregen die in de miljoenen loopt. Hobson geeft geen commentaar, aldus zijn advocaat.

Naast de twee agenten die moeten vertrekken, wordt van anderen het contract versoberd. Voortaan nog maar 5 procent commissie, is het idee.

In diezelfde periode heeft ook de Nederlandse Fiod dan het agentennetwerk van Damen in de smiezen gekregen. Op 13 januari 2017, een dag nadat Kommer Damen tot ereburger van Gorinchem is benoemd, vallen rechercheurs het hoofdkantoor binnen.

Welke agenten ze allemaal in het vizier hebben, is niet helemaal duidelijk, maar de weggestuurde agenten en de Damen-mensen die met hen werken, lijken in elk geval verdacht. Toch is een eventueel strafrechtelijk onderzoek lastig, omdat benodigde rechtshulpverzoeken met de betrokken landen niet altijd mogelijk zijn. De bestuurders, die op de dag van de inval toevallig niet op kantoor zijn, zien het volgens betrokkenen met vertrouwen tegemoet.

Vertraging Fiod-onderzoek

Zeven jaar later is het Fiod-onderzoek nog steeds gaande; de afgelopen maanden zijn opnieuw mensen gehoord, met hulp van het Team Criminele Inlichtingen. Het Openbaar Ministerie zegt dat het inderdaad te maken heeft met rechtshulpverzoeken, maar ook met ‘het schonen van verschoningsgerechtigd materiaal’. In de inbeslaggenomen administratie van Damen zat ook veel communicatie met de advocaat, en die mag niet worden gebruikt bij het onderzoek. ‘Dat is een standaardprocedure die vaak enige tijd in beslag neemt’, aldus een woordvoerder.

En is die vertraging Damen goed uitgekomen, vanwege de defensieorders? ‘Daar gaat het OM niet over.’

Heeft Damen sindsdien zijn leven gebeterd? En hoe liggen de verhoudingen binnen de bedrijfstop, tussen de harde kern van de oude stempel en de relatieve buitenstaanders die wel problemen ontwaren?

In de loop van 2017 constateert Michael van Woerden, een onafhankelijke expert die door de Wereldbank in de arm is genomen om Damen in de gaten te houden, dat Damen genoeg stappen heeft gezet om corruptie te voorkomen. Damen wordt van de zwarte lijst van de Wereldbank gehaald.

Maar diezelfde zomer ontstaan er grote spanningen in de top van het bedrijf over de mogelijke verkoop van patrouilleschepen aan Irak via een joint venture in het Midden-Oosten. De deal, waarbij miljoenen aan de strijkstok zouden blijven hangen, wordt door tussenkomst van de auditcommissie uiteindelijk tegengehouden. Ook wordt afgesproken dat alle verkoopmedewerkers op de biecht moeten bij Arnout Damen, de zoon van Kommer die verantwoordelijk is voor die divisie, en financiële regelneef Hans Merkelbach. Doel is om schoon schip te maken en eventueel resterende transacties te identificeren waarover ze twijfelen of die door de beugel kunnen. Die moeten dan met de huisadvocaat worden opgelost.

Ruim een jaar later, in maart 2019, stapt Frank Eggink, de hoogste financiële man van Damen plotseling op wegens een ‘verschil van inzicht’. De voortdurende onregelmatigheden in de verkooporganisatie zijn de reden voor dat vertrek, aldus de bronnen van deze krant.

De druppel die de emmer doet overlopen is een merkwaardige gang van zaken in Angola, die alarmbellen doet afgaan. Daar heeft Damen een visserij-inspectieschip verkocht. Maar de verkoopdirecteur van Damen, die normaal gesproken de contacten met de klant onderhoudt, is niet in dat land als medewerkers van de customer-finance-afdeling, die slimme financieringsregelingen bedenken voor klanten die boten willen kopen, daar aan het werk zijn met betrokken ministeries.

Schimmige activiteiten

Dat roept vragen op. En waarom zit de plaatselijke agent, die 23 jaar eerder door Berkvens is aangesteld, daar weer tussen? Ondanks het protocol, ondanks de pogingen helderheid te scheppen in het woud aan transacties, blijken sommige krachten in het bedrijf steeds weer schimmige activiteiten te ondernemen, is de conclusie van Eggink.

Hij is niet de enige die vertrekt. De compliance-officers die Damen in dienst neemt om de Wereldbank gunstig te stemmen, houden het nooit veel langer dan een jaar vol. In vier jaar vertrekken er drie, volgens bronnen omdat ze te veel tegenwerking ervaren vanuit de top van het bedrijf.

Wassen neus

Betrokkenen binnen Damen zeggen dat de opgetuigde commissies en procedures eigenlijk wassen neuzen zijn. ‘Ja, er is een agentencomité gekomen’, zegt een bron. ‘Maar is dat een comité om kritisch naar de agenten te kijken of is het een comité om in de Tweede Kamer te kunnen zeggen dat er een comité is?’ Op het kantoor circuleert een notitie van huisadvocaat Robbert de Bree waarin hij heeft geschreven dat het ‘een verstandig idee’ kan zijn om een compliance-afdeling op te richten. Reden: omdat dat matigend kan werken op eventuele boetes van de Fiod.

De vertrokken compliancemedewerkers willen liever niet reageren. Michael van Woerden, de onafhankelijke expert die voor de Wereldbank beoordeelde of Damen zijn compliance op orde had, neemt wel de telefoon op. Hij blijkt op het hoofdkantoor van Damen in Gorinchem te zitten, dat hem inmiddels als consultant in dienst heeft. Vragen over zijn rol verwijst hij door naar de woordvoerder van Damen. ‘Die zit hier vlakbij.’

De woordvoerder gaat nergens op in.

Steekpenningen via buitenlandse schakel

Intussen blijft Damen zoeken naar alternatieve manieren om mensen geld toe te stoppen, zo zien betrokkenen. Eén manier is de joint venture, waarbij er in het buitenland een schakel tussen Damen en de uiteindelijke klant wordt gezet. Via die schakel kunnen dan steekpenningen worden betaald. Een tweede manier is de zogeheten offsetverplichting.

Offsetverplichtingen zijn een soort tegenorders. Als Indonesië bijvoorbeeld marineschepen van Damen koopt, belooft Damen spullen in Indonesië te kopen, of contact te zoeken met andere bedrijven die spullen in Indonesië gaan kopen. Dat is heel gebruikelijk, maar biedt ook ruimte om mensen iets toe te stoppen die overtuigd moeten worden om de schepen te kopen.

Voor die offset hebben Damen-medewerkers in Singapore het bedrijf Dtec opgericht. Het is eigendom van de vier kinderen van Kommer Damen (het bedrijf Damen Shipyards zelf is voor 52 procent in handen van Kommer, en 48 procent van zijn kinderen), en wordt bestuurd door vertrouwelingen van de familie, blijkt uit onderzoek van deze krant. Het eigendom van Dtec zit verpakt in een aantal Nederlandse bv’s en cv’s, die leiden naar een woonboerderij in het dorpje Schelluinen, vlak bij Gorinchem, waar Hennie den Toom woont, een van de eerste zes medewerkers die in 1969 het avontuur aangingen met Kommer Damen.

Een andere Damen-vertrouweling die opduikt in Dtec is Hans Merkelbach. Hij is degene die de in Vlissingen gevestigde Dtec-bv’s bemant. Ook hij is niet bereikbaar voor commentaar.

Ondanks die connecties probeert Damen de lijnen tussen de twee bedrijven te verdoezelen. Aanvankelijk noemde Damen Dtec niet eens in het jaarverslag. In recente jaarverslagen erkent het bedrijf weliswaar dat ‘de ceo en bepaalde aandeelhouders’ (namelijk de vier kinderen Damen) ook eigenaar zijn van Dtec. Maar, beweert het bedrijf, er is geen ‘gemeenschappelijke controle’ of ‘centrale aansturing’.

Daardoor hoeft Dtec volgens Damen niet ‘geconsolideerd’ te worden in de Damen-cijfers, en dus ook minder openheid te geven over zijn jaarrekening.

De geheimzinnigheid begint al tijdens de oprichting in 2017. Ook nu weer gaat een belangrijke financiële operatie voorbij aan de belangrijkste financiële man van Damen, Frank Eggink. Omdat Dtec wordt opgericht kort nadat de Indonesische agent is weggestuurd, rijst dan al bij sommige werknemers het vermoeden dat deze entiteit is bedoeld om toch te kunnen doorgaan met verkopen in Indonesië, en het betalen van eventuele beloningen.

Over de kwestie schrijft NRC in 2019 een groot verhaal. De krant ontdekt een aanvraag voor een exportkredietverzekering bij Atradius DSB waarin te zien is hoe het werkt. Dtec neemt een klus aan voor de bouw van vier patrouilleschepen voor de Verenigde Arabische Emiraten – een klus waartoe het bedrijfje, met een kantoortje in Singapore, helemaal niet in staat is. Maar Dtec geeft de opdracht door aan Damen, die als onderaannemer fungeert. Damen krijgt daarvoor het bedrag dat de Emiraten betalen minus 15 procent. Dat geld blijft dus bij Dtec hangen, en dat kan daarmee andere dingen doen.

Het is niet duidelijk of deze constructie na de publicatie nog is gebruikt. Uit recente jaarcijfers van Dtec Industries in Singapore blijkt dat de omzet sterk varieert: soms 2 miljoen, soms 50 miljoen euro. De kasstroom aan operationele activiteiten is groot voor een bedrijf dat ‘financieel advies’ zegt te geven. De cijfers wijzen op grote incidentele inkomsten en uitgaven, al kan dat ook offset zijn.

Er is veel contact tussen Damen en Dtec. Damen-medewerkers zien de Dtec-directeur vaak opduiken op plekken waar hij formeel weinig te zoeken lijkt te hebben: bij overleg tussen Damen-mensen, bij het opzetten van financiële constructies voor Damen, en bij het binnenhalen van klanten. ‘Hij werkt in tandem met de commerciële afdeling’, zegt een medewerker in het Midden-Oosten. ‘Hij staat in voortdurend contact met het hoofdkantoor in Gorinchem. Daar krijgt hij zijn orders vandaan.’

Een van de resultaten is dat Dtec een partner is in een twee jaar geleden opgerichte joint venture, samen met Damen Shipyards en het bedrijf Al Seer uit de Verenigde Arabische Emiraten. In zo’n constructie krijgt Dtec 10 procent van het dividend. Dat zou een bron van inkomsten kunnen zijn, die volgens betrokkenen zou kunnen worden besteed aan agenten.

Deze week maakt deze combinatie, Dune geheten, bekend dat het behalve militaire schepen ook civiele schepen wil gaan bouwen. ‘We zetten vol in op innovatieve en efficiënte maritieme oplossingen’, aldus Annelies Damen, dochter van Kommer en een van de eigenaren van zowel Damen als Dtec, in een persbericht van Al Seer. Damen Shipyards bleef onder de radar en stuurde geen persbericht uit over deze stap.

Protest tegen corruptie

In Mombasa schenkt agent Edwin Yinda nog een kopje thee in. Zijn kantoor staat in de rijke wijk Nyali, vol villa’s en chique hotels, een groot contrast met de sloppenwijken op het schiereiland waar de marinewerf is gebouwd en waar mensen proberen van een euro per dag te leven. De jonge activist Edwin Shamir vertelde dat de rellen die afgelopen zomer uitbraken in Mombasa, vooral een protest waren tegen de uitzichtloze corruptie, die iedereen zonder geld of connecties kansloos maakt.

De werf die Damen hier dankzij Yinda heeft kunnen bouwen, zou een regionale hub moeten worden. Maar er is nog niet heel veel gebeurd sinds de oplevering drie jaar geleden. In de afgelopen jaren heeft één marinescheepje er een grote onderhoudsbeurt gekregen. ‘Zodra ze genoeg gekwalificeerd personeel hebben’, zegt Yinda, ‘kunnen ze hopelijk ook schepen gaan bouwen.’

Yinda is een agent naar wie accountants van Damen nog ná de Wereldbank-periode onderzoek hebben gedaan, toen iemand ontdekte dat hij zijn geld van de ene bv naar een andere schoof in het buitenland. Naast de commissie krijgt hij ook een maandelijkse toelage, zegt hij – volgens bronnen 50 duizend dollar per maand. Hij had geen belasting betaald. Dus deed Damen een audit, in het kader van de compliance, om te kijken of dat geld niet verkeerd terechtkwam.

Yinda heeft zich daaraan geërgerd, zegt hij. Hij heeft de belasting alsnog betaald, en verder vindt hij vragen naar de herkomst en bestemming van zijn geld onbeleefd. ‘Hoe ik mijn geld gebruik, is mijn zaak. Of ik het wil investeren of op vakantie ga of naar de hoeren – ik doe wat ik wil. Het is arrogant van jullie om te vragen wat ik met mijn geld doe. Ik heb iets voor jullie gedaan, jullie betalen mij, en dat is het!’

Wat doet hij dan om opdrachten voor Damen te krijgen? Hoe krijgt hij de Keniaanse autoriteiten zover om een Nederlands bedrijf in te schakelen, en misschien niet de goedkopere concurrent?

‘Kwaliteit en betrouwbaarheid’, zegt Yinda.’ Dat zijn altijd mijn argumenten.’

En soms doet hij iets sociaals. ‘Je geeft iemand een baantje, je helpt iemand die ziek is met de ziekenhuisrekening. Ja, dat doet iedereen. Je doet het omdat het van je verwacht wordt.’

Het is een typisch westers idee, zegt hij, dat je in Afrika altijd iemand moet omkopen. Dat je altijd moet betalen om iets gedaan te krijgen. ‘Maar zo werkt het niet. Tenminste, niet altijd.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next