Home

‘Ik kan mezelf slecht verkopen, ik ben zo iemand die dan tóch die gebakken lucht ruikt’

Na Janine Jansen is Simone Lamsma Nederlands beroemdste violist. Ze reist succesvol de wereld rond, maar is toch tamelijk onbekend. Vanaf 22 november vult ze een residency in TivoliVredenburg, met vier concerten. De Volkskrant volgde haar een week, in Antwerpen, Amsterdam en tussendoor.

schrijft voor de Volkskrant over klassieke muziek en opera.

Antwerpen, eind oktober. Simone Lamsma geeft een masterclass. Door de Koningin Elisabethzaal zwiepen smeuïge vioolsolo’s uit de Symphonie espagnole van Édouard Lalo. ‘Hoe ging het?’, vraagt Lamsma na de slotstreek. Een beetje nerveus, bekent de student. ‘Heel normaal’, zegt Lamsma. ‘Begin nu nog eens en probeer los te komen van het papier. Experimenteer. Zoek de vrijheid.’

Dat is precies wat Lamsma (39) zelf al een leven lang doet. Op haar 2de wilde ze violist worden. Drie jaar later kreeg ze haar eerste les. Toen ze 11 was vertrok ze ter studie naar Engeland. Moederziel alleen, maar met een twijfelloze intuïtie.

Nu soleert Simone Lamsma bij gezelschappen als het Concertgebouworkest en de New York Philharmonic. Vlekkeloos was haar techniek altijd al, maar de laatste jaren, schreef de Volkskrant in 2020, ‘is er vuur opgelaaid dat haar spel een diepere en avontuurlijkere laag geeft’.

Vanaf 22 november vult Lamsma een residency in TivoliVredenburg in Utrecht (zie kader onderaan). Vier concerten lang geeft ze op het podium het beste van zichzelf, maar verwacht verder van haar geen poeha.

‘Ik kan mezelf slecht verkopen’, zegt ze in het café van TivoliVredenburg. ‘Er zijn mensen die zeggen: wat maakt een beetje gebakken lucht nou uit? Op het podium lever je toch kwaliteit? Maar ik ben zo iemand die dan tóch die gebakken lucht ruikt.’

De Volkskrant liep een week op met Lamsma. In Amsterdam zeilde ze door etherische muziek van Arvo Pärt. In Antwerpen doceerde en repeteerde ze. En tussendoor, bij koppen koffie en thee, wierp ze licht op principiële keuzen die haar carrière niet per se begunstigen. Maar eerst maakt ze korte metten met een vooroordeel.

Twintig jaar geleden heb ik je al eens geïnterviewd. Je was 18, veelbelovend, en je moeder zat erbij. Ik dacht: o jee, weer zo’n ouder die haar vioolkind pusht.

‘Nou, het was precies andersom: ik pushte mijn ouders. Ik moest en zou vioolspelen. Gelukkig begrepen ze dat. Ze hebben me altijd geweldig gesteund en begeleid.’

In het Friese Burgum sprak dat niet voor zich. Het hart van vader Lamsma lag dan wel bij het orgel, de professionele muziekwereld was ver verwijderd van zijn tandtechniekpraktijk. En Simone maar aandringen. ‘Ik weet nog dat ik op m’n 5de eindelijk mijn eerste viooltje kreeg. We gingen hem ophalen in Groningen. Terug in de auto moest de kist meteen open.’

In Leeuwarden kreeg ze haar eerste lessen. Vanaf haar 8ste ging ze op en neer naar de Randstad. Lamsma werd de laatste leerling van Davina van Wely, de legendarische pedagoog die ook Jaap van Zweden had gekneed. Maar met de middelbare school in zicht doemde een probleem op.

‘Om viool en school te combineren, had ik naar de talentklas van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag gekund, en dan in huis bij een gastgezin. Maar elk weekend op en neer naar Burgum, dat kostte veel te veel tijd.’

Iemand tipte de Yehudi Menuhin School in Engeland. De beroemde oprichter en naamgever liep er zelf nog rond. Yehudi Menuhin, een van de grootste violisten van de 20ste eeuw, had het plaatsje Stoke d’Abernon omgetoverd tot een broedplaats van klassiek talent. Op de lange lijst alumni prijken namen als Nigel Kennedy en Daniel Hope.

De Lamsma’s stuurden een videoband met Simone in actie. Voor een auditie mocht ze per omgaande komen. ‘Best wel heftig, het ging allemaal heel snel. Maar ik werd aangenomen.’

Hoe was het om daar op je 11de zonder ouders te gaan wonen?

‘De eerste weken waren niet makkelijk. Ik had vreselijk heimwee en huilde elke dag. Mijn moeder heeft nog gebeld met de schoolleiding: zullen we haar maar terughalen? Gelukkig ging het snel beter.’

Heb je Menuhin zelf nog ontmoet?

‘Jazeker, tijdens een masterclass die hij gaf, speelde ik een solosonate van Bach. Dat was een onvergetelijke ervaring. Soms dirigeerde hij het schoolorkest. En in 1999 speelden we op zijn uitvaart. Ik herinner me een orkestbewerking van Schuberts lied Litanei, over zielenrust. Ik was 13 en het maakte diepe indruk.’

Toch heb je die opleiding niet afgemaakt.

‘Het was een moeilijke beslissing, maar ik had het gevoel dat ik verder moest. Ik was bijna 15 toen ik doortrok naar de Royal Academy of Music in Londen.’

Jaren later leidde Lamsma een tv-ploeg rond in haar Londense biotoop. Ze keerde terug naar haar oude studentenhuis, pal naast de fameuze Royal Albert Hall. In beeld verschijnt een huisgenoot van toen: ‘Simone heeft er nooit aan getwijfeld dat ze goed zou worden. Ze wist precies welke podia ze wilde bereiken.’

De camera gaat ook mee op bezoek bij een voormalige leraar. Technisch heeft hij haar niets hoeven leren, zegt Maurice Hasson. Maar Simone toonde weinig emotie, hij vond haar ‘erg intellectueel, een beetje koel’.

Lamsma, in Utrecht: ‘Dat vond ik pijnlijk om te horen. Want als ik iets niet ben, is het koel. Ik ben nooit een schreeuwer geweest, ik speel vanuit een stille kracht. Misschien wordt dat niet altijd door iedereen verstaan of begrepen.’

Je moest jezelf muzikaal nog bevrijden, zei Hasson.

‘Dat klopt dan weer wel, maar dat kwam later.’ Bijvoorbeeld in 2004. Lamsma, toen 19, won een concours in Londen. Tijdens het galaconcert speelde ze het Vioolconcert van Benjamin Britten. Achter haar zat het gerenommeerde London Symphony Orchestra, naast haar stond de gelouterde dirigent Andrew Davis.

‘Het was een fantastische ervaring. Ik voelde op dat podium een enorme vrijheid. Aha, dacht ik, dít is wat ik zoek. En het zit gewoon in mezelf! Altijd hadden leraren me gezegd hoe ik iets moest spelen. Maar er bestaan natuurlijk meer manieren. Ik had de mijne en die was goed. Dat gaf me veel vertrouwen.’

Dat klinkt alsof je klaar was voor een mooie carrière.

‘Alleen had ik geen idee hoe ik dat aan moest pakken. Niemand had me ooit verteld hoe dat in het klassieke wereldje werkt. Ik deed mee aan concoursen, werd af en toe uitgenodigd voor een concert. En soms kwam ik iemand tegen die me verder hielp.’

De belangrijkste helper was Jaap van Zweden, de violist en dirigent. In 2009 loodste hij Lamsma voor een liveoptreden de studio in van het tv-programma Zomergasten. Met het grootste gemak streek ze er een hondslastig stuk van de viooltovenaar Eugène Ysaÿe uit. Het bleef niet bij die ene keer dat Van Zweden over Lamsma sprak in superlatieven: ‘boven de materie’, ‘beter dan ik’, ‘topviolist’.

Het is vijftien jaar later. Ben je tevreden met waar je nu staat?

‘Ehm… Ja, ik mag niet klagen.’

Hoor ik een seconde vertraging?

‘Het blijft natuurlijk altijd een zoektocht naar de ideale balans. Het vorige seizoen was op het randje van te druk. Ik speelde te veel verschillend repertoire. Nieuwe stukken kosten veel tijd om in te studeren. En met bekende stukken ben ik nooit klaar. Als je dan week in, week uit van het Vioolconcert van Sibelius naar dat van Britten gaat, en van Sjostakovitsj door naar Tsjaikovski, wordt het gewoon zwaar.’

Je collega Janine Jansen kreeg ooit een burn-out. Zijn er mensen in je omgeving die je waarschuwen?

‘Nee. Nou ja, soms. Mijn moeder. Maar ik weet zelf prima wat ik wel of niet aankan.’

Bij sommige orkesten waarmee je samenspeelt, denk ik: dat is onder het niveau van Simone Lamsma.

‘Ik werk met toporkesten en met minder bekende orkesten, dat is waar. Maar voor mij gaat muziek maken over menselijkheid, en die vind ik op vele plekken. Bovendien, een optreden bij de Berliner Philharmoniker dwing je echt niet zomaar af. Er zijn zo veel zaken waarop je geen invloed hebt.’

Zou een beetje gebakken lucht dan toch niet helpen?

‘Ongetwijfeld. Maar ik kies voor de inhoud en daar houd ik aan vast.’

De residency van Simone Lamsma

De serie Avrotros Vrijdagconcert programmeert vier optredens met Simone Lamsma in TivoliVredenburg, Utrecht. NPO Klassiek zendt de concerten live uit.

* 22/11 Astor Piazzolla - De vier jaargetijden

‘Ik speel Piazzolla met een kleine groep musici uit het Radio Filharmonisch Orkest. We hebben het eerder gedaan tijdens een staatsbezoek aan Luxemburg. Daar heb ik mooie herinneringen aan. Het is fijn om ook op een intiemere manier met de musici van het Radio Fil te werken.’


* 6/12 Erich Wolfgang Korngold - Vioolconcert

‘Een van mijn favoriete stukken. Korngold schreef het in 1945. Hij was toen allang beroemd als Hollywoodcomponist. Zijn Vioolconcert is een unieke combinatie van symfonische muziek en filmmuziek, met een enorm rijk klankbeeld.’

* 31/1 Joey Roukens - Vioolconcert (wereldpremière)

‘Het was mijn idee om Joey Roukens een compositieopdracht te geven. Zijn muziek heeft een enorme ritmische drive, en tegelijkertijd schrikt hij niet terug voor laatromantische passages. We hebben alleen nog online kennisgemaakt, hij lijkt me iemand die net als ik vasthoudt aan het eigen pad.’

* 21/2 Kamermuziek met pianist Beatrice Rana

‘Beatrice Rana is een goede vriendin en een bijzonder musicus. Bij haar denk ik altijd: zo kán het op een piano niet klinken, en toch klinkt het zo. We spelen onder meer muziek van Lili Boulanger en Claude Debussy.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next