‘Geen mens is een eiland’, dichtte John Donne vier eeuwen terug, ‘ieder behoort tot het vasteland / is deel van het geheel.’ Wijze woorden in deze tijd van onthechting, maar het praktische probleem van Ameland is er niet mee opgelost. Dat is de hele donkere winternacht onbereikbaar, ook al ligt het nog geen zeven zeemijl uit de kust.
Dit is al twee jaar zo: de enige watertaxidienst hield ermee op. Sindsdien is ook Den Haag er druk mee. Kamervragen, moties, debat en ministersbrieven maken het een ingewikkeld vastelandsprobleem.
Over de auteur
Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Dat er geen boot gaat is vervelend voor de Amelanders, bijvoorbeeld als er een familielid op sterven ligt. Toch vinden degenen die ik erover spreek het matig interessant. Op een eiland wonen is ook een vorm van zelfverkozen isolement; niet voor niets houden ze graag pottenkijkers buiten tijdens Sunneklaas. Iemand vertelt over voedseldroppings in ijzige winters, en hoe de schooljeugd dan met een helikopter naar het vasteland werd gebracht om examen te doen: mooie tijden. ‘Het wordt pas een probleem als je er zelf mee te maken krijgt.’
Het probleem: de watertaxi van Veltman Marine Service mag wettelijk bij donker niet harder varen dan 20 kilometer per uur, behalve bij ‘nood en dood’. Die regel bestaat al sinds de jaren negentig, maar werd niet echt gehandhaafd, tot het afschuwelijke ongeluk tussen de snelvarende veerboot en een snelvarende watertaxi bij Terschelling twee jaar geleden: vier doden. Ook, schrijft minister Barry Madlener in een brief, is hard varen door natuurgebied niet goed voor de natuur.
Veltman Marine Service beschikt over serieuze schepen. De Vigilant ligt aan de veerdam, een prachtig aluminium exemplaar. Een jonge zeehond duikt met grote ogen achter de spiegel. Weinig diepgang, krachtige voortstuwing, grote wendbaarheid; niet voor niets wordt het ingezet voor stevige sleepklussen, berging en alle soorten nood. Veltman is een selfmade eilander familiebedrijf gebouwd op ‘juttersbloed’. Ook het Russische zeilbootje dat nog in de haven ligt, en waarvan de opvarenden zijn gedeporteerd, is door Veltman van de Noordzee geplukt.
Maar weer een boete voor te snel varen, werd ze teveel.
Het is november, het lege seizoen, het eiland bestaat alleen nog uit contouren in een ring van mist. Een baggerschip diept permanent de vaargeul uit die telkens dichtslibt - ook daar wordt in Den Haag veel over gesproken.
‘Wil je op een eiland wonen, dan hoort dit erbij’, zegt een eilander in de haven. De romantiek van een onbereikbaar leven is niet voor niets een gevestigd thema in de literatuur. Zelf hoopte ik aan het eind van elke vakantie op Terschelling dat de veerboot niet zou varen, en de enige keer dat het gebeurde mocht ik slapen in een eilanderhuis. Ik sliep niet en voelde me Terschellinger, het is een herinnering die met de jaren almaar toeneemt in belang.
‘Maar Ameland is in het donker gewoon te bereiken’. zegt de man, ‘je mag ’s nachts varen, alleen minder hard.’ Daar moest ik maar eens naar speuren. ‘Ik denk dat dit wordt uitgespeeld om iets voor elkaar te krijgen.’
Als ik directeur Richard Veltman vraag waarom de watertaxi niet langzamer kan, zegt hij: ‘Wie een taxi neemt op land, wil ook niet de snelheid van een riksja.’ Zijn boten gaan voor een ‘vlotte vaart’, een schitterende term, anders duurt een tochtje uit en thuis tweeënhalf uur en daar heeft hij de mensen niet voor. ‘We hebben geïnvesteerd in schepen die planeren bij 40 kilometer per uur, die zijn ervoor gebouwd.’
Hij noemt ook artikel 8.06 Binnenvaartpolitiereglement, dat het aanwijzen van snelvaargebieden mogelijk maakt, en waarom mogen de reddingsdienst en de veerdienst wel snel varen? Inderdaad: daar stuift de snelle veerboot weg door de dichte mist, wat lijkt op het negeren van artikel 6.31.
Toch: dat Ameland in het donker onbereikbaar is ‘gaat ons ontzettend aan het hart’. Als de minister er nou eens een beetje werk van maakt, vaart straks de watertaxi weer.
Niemand is een eiland – uiteindelijk voelt iedereen zich verbonden met het vasteland. Net als John Donnes woorden, is dat ook een soort van troost.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant