Adam Pearson, acteur In ‘A Different Man’ speelt Adam Pearson Oswald, een man die zo charmant is dat niemand zijn misvorming nog lijkt te zien. Een ideaaltype voor een activist die nu liever acteert. „Dat is effectiever.”
De Britse acteur Adam Pearson (39) heeft neurofibromatose type 1, waardoor goedaardige tumoren uit zijn gelaat groeien. Zijn identieke tweelingbroer Neil heeft diezelfde aandoening, maar tot aan zijn nek: diens gezicht is een soort wat als-spiegel voor Adam, die tijdens zijn leven 39 operaties onderging om de tumoren te reduceren. De eerste, toen hij elf jaar was, duurde ruim acht uur.
Ik spreek Adam Pearson via Zoom in New York. Hij speelt de joviale, overdonderende Oswald in de vreemd verfrissende komedie A Different Man, een geduchte liefdesrivaal voor mooiboy Sebastian Stan. Pearson heeft zich nooit verstopt, al werd hij in de Londense wijk Croydon op straat en school soms mishandeld, gekleineerd en uitgescholden voor freak, Quasimodo of Elephant Man. Hij studeerde en werkte voor de BBC en Channel 4, eerst als researcher achter de schermen, daarna als gast in shows als The Undatables en Beauty and the Beast. Pearson maakte documentaires over hate crimes tegen gehandicapten en eugenetica.
Inmiddels voelt hij zich meer acteur dan activist, zegt hij. „Ik geloof dat ik als acteur mijn imposter syndrome voorbij ben.” Zijn acteerloopbaan begon in 2011 met een half-serieuze auditietape voor de film Under the Skin van Jonathan Glazer. Tot zijn eigen verrassing mocht Pearson op auditie – en brak bijna voor de deur zijn been door een aanrijding. Regisseur Glazer kwam naar buiten en trof Pearson naar eigen zeggen „high als een giraffe” van de pijnstillers op een brancard. „Ik wist niet dat je ook je eigen stunts deed”, grapte Glazer. „Zie ik eruit als iemand met een body double?”, antwoordde Pearson.
Te goed om waar te zijn? Bij de gevatte, droog ironische Pearson is zo’n ad rem antwoord heel goed voorstelbaar. Hij speelde in Under the Skin een timide man die zich alleen in het donker op straat waagt en dan een lift krijgt van Scarlett Johansson, een als vrouw vermomde alien die Schotse mannen in haar busje lokt voor de vleesverwerkende industrie van haar planeet – geweekt in een soort zwarte gelei geldend als delicatesse.
Adam Pearson: „Ik wist indertijd niks van acteren, dat moest ik leren van Scarlett Johansson en Jonathan Glazer. Ik ben ze eeuwig dankbaar voor hun geduld.” In Under the Skin wekt hij empathie bij alien Johansson, die zich in mensen moet inleven. Ze spiegelen elkaar: beiden outcast, anders van binnen dan van buiten. Pearson: „Ik had vooraf geen idee dat die scène een keerpunt was. De alien ziet mij daar als vlieg in de zwarte gelei, vindt dat zielig en zo begint haar humanisering. Prachtig, maar ik kan er nog steeds moeilijk naar kijken.”
Zoals gezegd verstopte Adam Pearson zich nooit voor de wereld. Niet dat staren of geschokte reacties op straat geen pijn doen. Of het tegendeel, medelijden en overcompenserende vriendelijkheid. In februari vertelde hij in Berlijn dat hij in een nieuwe stad altijd eerst safe spaces verovert, waar ze zijn gezicht kennen. Deze week bezocht hij zijn vertrouwde safe space in New York weer. „Dunkin’ Donuts, restaurant PopWork, Koneko Cat Café”, somt hij op.
Pearson gelooft dat mensen baat hebben bij exposure therapy. „Alle begrip als mensen terugdeinzen als ze me de eerste keer zien”, zei hij in Berlijn. „Dat is het reptielenbrein, de vecht- of vlucht-respons bij iets dat onbekend en dus potentieel gevaarlijk is.” Dat vermindert als ze gewend aan hem raken. „Ik heb niet de illusie dat na deze film mijn werk erop zit en ‘the world will be perfect and we will live as one’, om John Lennon te citeren. Maar ik geloof dat A Different Man wel een katalysator kan zijn voor een betekenisvol gesprek. Welgemeend en nobel zwijgen is dat zeker niet.”
Pearson is een soort muze voor regisseur Aaron Schimberg, die zelf een hazenlip heeft. Schimbergs films draaien om de obsessie met schoonheid en de complexe omgang met misvorming. In 2018 speelde Pearson een hoofdrol in Schimbergs Chained For Life, over de opname van een horrorfilm in een kosmetische kliniek, geïnspireerd op Tod Brownings Freaks uit 1932, waarin schoonheid kwaadaardig is en de sympathie volledig bij ‘circusfreaks’ ligt. Chained for Life is een satire op de wijze waarop mens en film omgaan met afwijkingen en verkent de barrières tussen schoonheid en misvorming, met name actrice Mabel en haar kalme, berustende tegenspeler Rosenthal, vertolkt door Pearson, die hier voor het eerst echt een kans kreeg zijn bereik als acteur te bewijzen. Zijn mimiek is lastig te lezen, dat compenseert hij met zijn lijf en vooral zijn stem.
Pearson: „Toen Aaron Schimberg me benaderde, had hij twintig pagina’s script, maar gek genoeg was Rosenthal al een Brits personage met neurofibromatose type 1. Toen zag hij mij in Under the Skin en dacht: yep, dat is mijn Rosenthal. Na de opnames vroeg hij me voor een tweede film. We waren echt bevriend geraakt, dus ik zei: ‘ding ding, tweede ronde!’”
In A Different Man is hij als de sprankelende Oswald de spil van elk feest. Hij belichaamt het ideaal van Pearsons exposure therapy; zo charmant en aanwezig dat zijn misvorming niemand nog lijkt op te vallen. „Als personage zit Oswald dichtbij mij, maar dan met de volumeknop op maximum”, zegt Pearson. „Wat me het meest bevalt, is dat Oswald gewoon zomaar opduikt. Geen dramatisch moment waarin hij uit de schaduw stapt met spannende muziek, nee, hij staat er gewoon en charmeert iedereen de kleren van het lijf. Die aanpak negeert alle filmclichés over misvorming. Dat is heel verfrissend.”
Zichtbaarheid heeft wel haken en ogen. In de documentaire Adam Pearson: Freak Show bezoekt Pearson entertainers die hun misvorming exploiteren. Is dat ook exposure therapy? Het is lastig ontsnappen aan de freak show; in David Lynch’ film Elephant Man wordt de Victoriaanse man Joseph Merrick door een humane arts bevrijd uit een wreed circus, maar blijkt hij in zijn nieuwe, menswaardig bestaan een attractie, nu voor de elite. In zijn documentaire verzoende Pearson zich met de freak via een striptease: hij pelt zwoel sluiers en maskers af tot zijn gelaat tevoorschijn komt.
Adam Pearson worstelt ermee, zegt hij desgevraagd. Hoe zien ze hem? „De freak show als vaudeville-spektakel heeft zich van de Victoriaanse kermis verplaatst naar het beeldscherm. In mijn documentaire liet ik het aan individuen zelf over te beslissen waar het exploitatie wordt. Maar sinds het maken van Freak Show is er weer veel veranderd en ben ik zelf ook weer wat ouder en wijzer.”
Activisme is een bijzaak voor hem, zegt hij – om zich meteen te excuseren. „Activisme is nog steeds heel belangrijk, maar ik denk nu dat mensen zich makkelijker in mij verplaatsen als ik acteer dan wanneer ik op een zeepkist sta, of twitter, of in een megafoon roep. Als acteur verander ik niet wat mensen denken, maar hoe mensen denken. Dat is effectiever, denk ik.”
A Different Man. Regie: Aaron Schimberg. Met: Sebastian Stan, Adam Pearson, Renate Reinsve. Lengte: 112 minuten.
Je had een droomleven gehad zonder die grote neus. De schoonheidsindustrie drijft op die gedachte: je bent altijd één tekortkoming verwijderd van geluk. A Different Man test die theorie en concludeert: ook een filmsterrenkop is niet genoeg. En de verminking van uitsluiting is permanent.
Edward (Sebastian Stan) is een acteur met neurofibromatose, zijn gezicht is bedekt met goedaardige tumoren. Hij acteert in instructievideo’s voor bedrijven: hoe ga je met een verminkte collega om? Zijn schaamte lijkt uitgezaaid naar zijn omgeving. New York is smoezelig in jaren zeventig-stijl, in Edwards plafond gaapt een anus-achtig, druipend gat. Hij laat het niet repareren, hij zet er een emmertje onder.
Buurvrouw Ingrid (Renate Reinsve) is een lichtpuntje. Zij is aardig tegen Edward, misschien wel íets meer dan aardig. Of is dat voor haar eigen zelfbeeld? Edward besluit een experimentele behandeling te ondergaan. Hompen tumoren vallen hem van het hoofd, ‘s ochtends blijkt dat onder zijn tekortkomingen altijd een perfect gezicht zat.
Het zijn zelfhaat-weken in de bioscoop. Want vooral als Edwards gezicht afbladdert lijkt A Different Man op The Substance: bodyhorror die spot met het schoonheidsideaal en de destructieve obsessie daaraan te voldoen. A Different Man behandelt een andere kant daarvan: de walging voor mensen die er niet in passen, de zelfhaat waartoe dat leidt.
Edwards geluk als knappe man duurt namelijk kort. Hij leeft nu verder als Guy, Edward verklaart hij dood. Een droombaan en een sprankelend seksleven komen hem aanwaaien. Hij krijgt zelfs een rol in het toneelstuk dat Ingrid over de verdwenen Edward schreef.
Maar nog steeds is hij schrikachtig, schuchter en te inschikkelijk: alles om niet tot last te zijn. Het idee: perfecte jukbeenderen zijn geen oplossing voor zelfhaat. En dan komt hij ook nog Oswald (Adam Pearson) tegen, een man met neurofibromatose die in alles charmanter, grappiger, innemender en beter is. Oswald neemt Guys leven over.
Bent u in de war? Het wordt alleen maar vreemder, grappiger en walgelijker. Er ontstaat een spiegelpaleis, met Guy, reflecties van Guy, en weer reflecties dáárvan. Alles rijmt. De creativiteit en symbolische complexiteit doen denken aan de films van Charlie Kaufman (Adaptation, Being John Malkovich) waarin grenzen tussen kunst, interpretatie en het echte leven geleidelijk vervagen. A Different Man verwerkt zo ook de vraag of iemand met een beperking wel gespeeld mag worden door iemand zonder die beperking. Hoofdrolspeler Sebastian Stan heeft geen neurofibromatose, Adam Pearson, die Oswald speelt, wél.
A Different Man is een volle film. Niet alle draadjes zijn even elegant in de plot verwerkt, maar wat de film redt van pretentie is het gevoel erachter. Regisseur Aaron Schimberg heeft zelf de littekens van een open gehemelte, in A Different Man voel je in alles de schaamte en zelfhaat die onder elk uiterlijk kunnen schuilen.
Tristan Theirlynck
Een nieuwsbrief voor echte filmliefhebbers. Lees iedere week mee over de laatste ontwikkelingen, de beste recensies en interviews.
Source: NRC