Een Amerikaanse jongen lijkt genezen van een dodelijke hersentumor door de inzet van zijn eigen, afgerichte immuuncellen. Artsen haalden immuuncellen weg en pasten die buiten zijn lichaam genetisch zo aan dat ze de tumor herkenden. Daarna gaven ze de cellen via herhaalde infusen terug.
is wetenschapsredacteur van de Volkskrant en schrijft over gezondheid.
Dat schrijven Amerikaanse artsen woensdagavond op de site van vakblad Nature. Zij behandelden elf patiënten, tussen de 4 en 30 jaar oud, met zogeheten CAR T-cellen, een persoonlijk medicijn dat bestaat uit eigen T-cellen (afweercellen). Die worden in een lab bewerkt waardoor ze een receptor maken, een soort antenne die een molecuul op de kankercel herkent. Eenmaal terug in het lichaam kunnen de T-cellen de tumorcellen opruimen.
Negen patiënten gingen na de behandeling vooruit, ze hadden minder last van uitvalsverschijnselen die door de groeiende tumor werden veroorzaakt. Bij vier patiënten nam de grootte van de tumor ook af, variërend van 52 tot 100 procent. De gemiddelde overlevingstijd steeg met zeven maanden. De nu 20-jarige Drew is vier jaar na aanvang van de behandeling nog altijd in leven.
Het behandelsucces is opmerkelijk omdat CAR T-cellen tot nu toe vooral succesvol waren bij vormen van bloedkanker. Bij tumoren in een orgaan of weefsel is de behandeling nauwelijks effectief omdat die kankercellen vaak een soort beschermingsmuur om zich heen hebben, verduidelijkt Friso Calkoen, kinderoncoloog in het Prinses Máxima Centrum en expert op het gebied van CAR T-cellen. Bij die tumoren is het bovendien lastiger om een molecuul te vinden dat wel op de tumorcellen zit en niet op gezonde cellen. Dat is van belang omdat de T-cellen na bewerking gezond weefsel met rust moeten laten.
De patiënten uit het Amerikaanse onderzoek hadden een zeldzame vorm van kanker in de hersenstam of het ruggenmerg (DIPG) die meestal voorkomt op jonge leeftijd. De kankercellen vergroeien met het gezonde weefsel, wat opereren onmogelijk maakt, zegt Jasper van der Lugt, kinderoncoloog in het Prinses Máxima Centrum en gespecialiseerd in hersentumoren. De patiënten die hij ziet (10 à 20 per jaar) overlijden meestal binnen een jaar.
De Amerikaanse artsen ontdekten dat bij dit type kanker de tumorcellen aan het oppervlak een afwijkend molecuul hebben en slaagden erin om de T-cellen van patiënten te herprogrammeren. De immuuncellen werden rechtstreeks in het hersenvocht gebracht via een kastje onder de hoofdhuid en een minuscule opening in de schedel.
Calkoen en Van der Lugt noemen het ‘hoopgevend’ dat de nieuwe vorm van immuuntherapie zo goed aanslaat bij een jongen met ongeneeslijke hersenkanker maar ze zijn ook voorzichtig. De behandelde patiënten waren relatief goed en veel van hen hadden kort voor de immuunbehandeling bestralingen gehad. Dat de MRI-beelden van patiënten verbeteringen lieten zien, kan ook daarmee te maken hebben, zeggen ze.
Daarnaast ondervonden alle patiënten ernstige bijwerkingen: de CAR T-cellen veroorzaakten in hun hersenen onder meer ontstekingen, met neurologische klachten en soms ic-opnames tot gevolg. Bij een ongeneeslijke ziekte neem je meer risico, beseft Van der Lugt, maar het gaat wel om ‘een wankel evenwicht’, vindt hij. ‘Patiënten zitten in de laatste fase van hun leven. Ouders die overwegen aan zo’n studie mee te doen, moeten daar rekening mee houden.’
Volgens de twee kinderoncologen, die zelf CAR T cel-behandelingen geven aan leukemiepatiënten, moet worden uitgezocht waarom die ene jongen zo goed op de behandeling reageert. Met die kennis kunnen straks mogelijk patiënten vooraf worden geselecteerd. De Amerikaanse artsen zijn dat aan het analyseren en behandelen ook nieuwe patiënten. Drew studeert inmiddels aan de universiteit.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant