Zet de Franse justitie een streep door de presidentsambities van de radicaal-rechtse Marine Le Pen? Tegen de voorvrouw van Rassemblement National is een straf geëist van onverkiesbaarheid, vanwege het verduisteren van miljoenen aan EU-geld.
Woensdagavond maakte het openbaar ministerie de strafeis bekend tegen Le Pen: ze riskeert een gevangenisstraf van 5 jaar, een boete van een miljoen euro, en 5 jaar lang onverkiesbaarheid.
Met name de onverkiesbaarheid ligt zeer gevoelig. Le Pens partij Rassemblement National (RN) krijgt al jaren meer voet aan de grond in zowel de Europese als Franse politiek – het is de grootste oppositiepartij in de Assemblée nationale, de Franse Tweede Kamer. Afgaand op de huidige peilingen leek Le Pen bij de volgende presidentsverkiezingen in 2027 een goede kans te maken. Als de rechter meegaat in de eis, zet dat een streep door die ambitie.
Naast Le Pen staan nog 26 andere (voormalig) partijgenoten terecht in de zaak, onder wie vader Jean-Marie Le Pen. Hij was medeoprichter van het Front National (FN), de voorloper van Rassemblement National. Tegen een groot aantal van hen zijn eveneens straffen van onverkiesbaarheid geëist, van uiteenlopende duur. De partij zelf wacht mogelijk een boete van 4,3 miljoen euro.
De strafeis is de voorlopige tussenstand in het proces dat draait om de besteding van 6,8 miljoen euro aan Europees geld dat is bedoeld om ondersteunend personeel voor Europarlementariërs van te betalen. In plaats daarvan zou Front National het geld hebben gebruikt om de partijkas te spekken, en onder meer medewerkers te betalen wier werk niets met het Europees Parlement te maken had.
Le Pen, die van 2011 tot 2021 de leiding over de partij had, zou daarbij willens en wetens hebben gehandeld en een systeem van structurele fraude hebben opgezet. De Europese vergoeding voor partijondersteuning maakte in die jaren een belangrijk deel uit van de inkomsten van de partij.
De zaak, die gaat over de periode tussen 2004 en 2016, werd in 2015 in gang gebracht door de socialistische Duitse Europarlementariër Martin Schulz. Het viel hem op dat veel medewerkers van FN die werkzaam zijn voor het Europarlement gelijktijdig een functie bekleden voor de partij in Frankrijk, soms op zware posten. Schulz maakte daarvan melding bij de Franse justitie, dat daarop een onderzoek startte dat negen jaar zou duren.
Het was niet de eerste keer dat oneigenlijk gebruik van Europees geld werd vermoed. In 2014 deed de Europese antifraude-eenheid OCLCIFF ook al onderzoek naar de partij. Destijds bleek dat onder meer Catherine Griset, die op papier tien maanden als assistent van de Brusselse fractie had gewerkt, in die periode slechts 12 uur aanwezig was geweest in het Europees Parlement. In tussentijd werkte ze ook als kabinetschef van Le Pen. De partij moest daarop zo’n 340 duizend euro terugbetalen.
Le Pen heeft de beschuldigingen over verduistering van Europees geld altijd ontkend. Volgens haar hebben de betrokken medewerkers wel degelijk werk geleverd voor de Europese fractie, zonder daarvoor voldoende bewijs te kunnen overleggen. Tijdens de zittingen hekelde ze de afgelopen weken herhaaldelijk de houding van de rechters, die volgens haar partijdig waren en niet onbevangen luisterden.
Uit vrees dat ze inderdaad bestraft zou worden door enkele jaren niet verkiesbaar te mogen zijn, wees Le Pen tijdens het proces op de ‘13 miljoen kiezers’ die volgens haar eveneens zouden worden geraakt door zo’n vonnis. Daarmee verwees ze naar de uitslag van de presidentsverkiezingen in 2022, waarbij ze 41,45 procent van de stemmen haalde.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant