schrijft voor de Volkskrant columns over het dagelijks leven.
Het internet kan soms ontzettend vervelend zijn. Daarmee bedoel ik niet dat er slechte mensen op zitten met verwerpelijke meningen, ja, dat óók, maar waar het mij nu om gaat is dat je, op dat voornoemde internet, vaak zomaar opeens moet bewijzen dat je geen robot bent.
‘Ik ben geen robot’ staat er, en dan moet je een vakje aanklikken. Dat doe ik altijd met een zekere spanning. Soms duurt het een paar seconden voor het verlossende groene vinkje verschijnt, lange, bange seconden van zelftwijfel: waar blijft dat ellendige vinkje? Ben ik, zonder het te weten, tóch een robot?
Dat kan haast niet. Ik drink nu bijvoorbeeld koffie en robots kunnen niet eten of drinken, want dan gaat hun binnenwerk stuk, weet ik uit Spielbergs A.I. (met Jude Law als cyborg-gigolo!) Maar ja, die film is alweer bijna een kwart eeuw oud en sindsdien hebben de robots er een hoop bijgeleerd: ze kunnen proefschriften schrijven en foto’s verzinnen van een naakte Angela Merkel of Frans Timmermans die met elf vingers kaviaar zit te eten in een vliegtuig, dus wie weet kunnen ze inmiddels ook koffiedrinken.
Anderzijds: als die robots zo knap zijn, waarom kunnen ze dan niet gewoon op ‘Ik ben geen robot’ klikken? Of kunnen ze dat inmiddels tóch? Waarschijnlijk wel, want de manieren om als mens op internet te bewijzen dat je geen robot bent worden steeds ingewikkelder.
Je krijgt bijvoorbeeld een vage foto van een kruispunt te zien, en dan moet je daarop de stoplichten aanklikken. Dat vind ik moeilijk, want telt de paal waarop zo’n stoplicht staat ook mee? Of je krijgt een reeks misvormde cijfers te zien, die je moet overtikken. Dat vind ik ook moeilijk, want soms zijn die cijfers vrijwel onherkenbaar.
Net toen ik daar een beetje gewend aan begon te raken, kwamen ze weer met wat nieuws. Zo moest ik van de week een puzzelstukje op mijn scherm naar de juiste plaats slepen, en een plaatje dat ondersteboven stond met behulp van pijltjes rechtop zetten. Daar zat ik dan, met mijn tong uit mijn mond mijn best te doen, weer helemaal terug op de kleuterschool. Terwijl ik alleen maar op zoek was naar een nieuwe sproeiarm voor de afwasmachine!
Rijst de angstige vraag hoe dit nu verder moet. Die robots leren binnenkort natuurlijk ook met puzzelstukjes slepen, en hoe ga ik dán bewijzen dat ik geen robot ben? Hansje pansje kevertje zingen in de microfoon? Mijn tieten laten zien? Komt er een naald uit het scherm om me wat bloed af te nemen?
Dat verdom ik. Dan maar geen nieuwe sproeiarm.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant