Home

De eerste boeren waren toch niet zo vredig, laat prehistorisch bouwsel in Zuid-Limburg zien

In Zuid-Limburg, even buiten Born, hebben archeologen de resten gevonden van een wonderlijk prehistorisch bouwsel: een greppel met een aarden wal ernaast. Mogelijk bewijs dat de allervroegste boeren in ons land het soms danig met elkaar aan de stok hadden.

Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in o.a. klimaat en microleven.

Dat is opvallend, want de eerste boerensamenleving ‘werd altijd als zo’n succesverhaal gezien’, vertelt Luc Amkreutz, conservator prehistorie van Nederland van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. ‘Het leek een grote stap vooruit te zijn. En aan het eind stortte het helemaal in.’

De eerste boeren vestigden zich zo’n 5.300 jaar voor Christus ook in ons land, op de vruchtbare lössgrond van wat nu Zuid-Limburg is. Maar na ongeveer vier eeuwen verdwenen ze opeens, waarna Limburg een paar eeuwen leeg was.

Burgeroorlog

Vondsten uit onder meer Duitsland en Oostenrijk doen vermoeden dat er een soort burgeroorlog uitbrak. Zo vonden archeologen bij het Duitse dorp Schöneck-Kilianstädten in de buurt van Frankfurt een massagraf met naar het zich laat aanzien een compleet uitgemoord boerendorp, met gruwelijkheden zoals gebroken schenen, een met meerdere bijlslagen afgehakte arm en ingeslagen gezichten.

Bij Born is dat allemaal nog raadselachtig. De bodemafdrukken van zeker drie boerderijen vond men, met daarnaast wat archeologen een ‘Erdwerk’ noemen: een brede greppel met daarbij een aarden wal, waarop misschien nog een afscheiding van palen stond.

Maar, vreemd: de greppel had op het oog ook een brede doorgang. ‘Het is de vraag in hoeverre je dan te maken hebt met een verdedigingswerk’, constateert Amkreutz.

Raadselachtig

Ook raadselachtig is dat de boerderijen aan één kant van de greppel liggen, en aan de andere kant naar het zich laat aanzien werkplaatsen en vuilstortkuilen. ‘Dat is een heel aparte verdeling’, zegt Amkreutz. ‘Typerend voor deze periode is dat de afvalkuilen doorgaans naast de boerderijen liggen.’ Gevonden aardewerk zorgt voor de datering: ‘late bandkeramiek’, ergens rond 5.000 voor Christus.

De komende jaren hopen de opgravers meer te ontdekken, onder meer door in detail na te gaan wat er in de greppel ligt. Bewaard gebleven botresten zijn in het plaatselijke bodemtype eigenlijk niet meer te verwachten, maar mogelijk wel stenen voorwerpen of zelfs restjes ‘omgevings-DNA’, spoortjes menselijk erfelijk materiaal dat is achtergebleven, hoopt Amkreutz.

De resten kwamen aan het licht bij voorbereidend werk voor het leggen van een ondergrondse hoogspanningskabel. ‘Mogelijk het oudste bekende verdedigingswerk van het land’, stellen aannemer Heijmans en archeologiebureau Transect voorzichtig in een persbericht.

Proefsleuf

De vondsten doken op in een zogeheten proefsleuf van 6,5 kilometer. Daarin hebben de archeologen nu een stuk grond van zo’n 4 meter verder blootgelegd. ‘Ik ben meteen gaan kijken toen ik dit hoorde’, zegt Amkreutz.

Wat de vrede in de eerste boerensamenleving precies verstoorde, is nogal raadselachtig. Mogelijk, denkt Amkreutz, raakte de samenleving overbevolkt, waardoor er onderlinge spanningen ontstonden die hier en daar overkookten.

‘In de landen om ons heen was er daarna een soort klik: nu gaan we het anders doen. De bandkeramiekers werden opgevolgd, er was een bepaalde mate van continuïteit’, duidt Amkreutz. ‘Maar bij ons was het even gedaan met de bewoning.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next