Home

‘Politici gebruiken de term pogrom om groepen tegen elkaar op te zetten’

De gebeurtenissen in Amsterdam waren voor talloze politici aanleiding grote woorden te gebruiken. Veel te extreme woorden, zegt de Joodse theatermaker Jaïr Stranders. ‘We doen geen recht aan de complexiteit van de situatie.’

is verslaggever van de Volkskrant. Ze schrijft onder meer over asiel, migratie en polarisatie.

Jaïr Stranders pakt zijn telefoon erbij. Op de laatste bladzijde van het feitenrelaas dat burgemeester Femke Halsema in de nacht van maandag op dinsdag naar de Amsterdamse gemeenteraad stuurde, staat een passage die hem raakt.

‘De veiligheid van de éne groep mag niet ten koste kan gaan van de veiligheid van de andere’, leest hij voor. ‘Joodse Amsterdammers worden niet veiliger als Marokkaanse en islamitische Amsterdammers onveiliger en onvrijer worden. Integendeel.’

‘Daarin zit voor mij de crux’, zegt de 46-jarige theatermaker en filosoof. ‘Dat is de boodschap die ik vandaag ook aan premier Dick Schoof wil overbrengen.’

Direct na het interview zal hij in de auto stappen en op weg gaan naar het Catshuis. Daar spreken vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap met de minister-president en andere leden van het kabinet. Hij zal een minderheidsgeluid vertolken, weet hij. Stranders is bestuurslid van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam. ‘Maar ook daar is niet iedereen het eens met mijn verhaal.’

In de nacht van donderdag op vrijdag, toen groepen Amsterdamse jongeren supporters van de Israëlische club Maccabi Tel Aviv aanvielen, werd hij om drie uur wakker. Zijn jongste kind is 2 jaar oud, daar wil de slaap nog weleens onder lijden. Op zijn telefoon zag hij appgroepen voor Joodse Amsterdammers volstromen met geschokte berichten en verontrustende beelden.

Sindsdien heeft hij weinig geslapen en veel gepraat. Zondag maakte zijn optreden in het televisieprogramma Buitenhof indruk, omdat zijn verbindende geluid diametraal staat tegenover de soms oorlogszuchtige taal die vanuit de coalitiepartijen in Den Haag klinkt. Daar werd vrijdagochtend al zonder omhaal gesproken van een pogrom en noemde Geert Wilders Nederland ‘het Gaza van Europa’.

Pogrom

Neem die term pogrom, zegt Stranders. ‘Dat is olie op het vuur. Het is begrijpelijk dat mensen eraan denken als Joden opgejaagd en gemolesteerd worden. Maar bij de pogroms die we kennen uit het verleden werden veel Joden afgeslacht of weggevoerd en eigendommen in brand gestoken. Dat geweld was vaak ook nog door de staat gesanctioneerd. We moeten beseffen dat mensen er belang bij hebben om de gebeurtenissen in Amsterdam een pogrom te noemen: Benjamin Netanyahu, Israëlische politici, Geert Wilders. Zij zetten die taal in om groepen tegen elkaar op te zetten.’

Het afgelopen jaar merkte hij dat veel Joodse Amsterdammers rechtser zijn geworden. ‘Ze merken dat de publieke opinie tegen ze is vanwege de situatie in Gaza. Ik hoor van mensen dat ze blij zijn dat politici als Caroline van der Plas, Dilan Yesilgöz en Wilders het voor ze opnemen. Die partijen buitelen over elkaar heen om te laten zien wie het hardst tegen antisemitisme strijdt en het meest achter Israël staat.’

Die wedloop is gevaarlijk, vindt Stranders. ‘Je ziet dat over de rug van de Joodse gemeenschap allerlei anti-islamitische en anti-Marokkaanse sentimenten worden aangejaagd. In die gemeenschappen ontstaat zo het idee dat alleen de Joden beschermd worden. En dat alle Joden achter alle daden van Israël staan. Ze gaan ons zien als slechte mensen, en daardoor neemt antisemitisme weer toe.’

Stranders is initiatiefnemer van Theater Na de Dam, een organisatie die op 4 mei voorstellingen in het hele land organiseert. Ook voor jongeren, om bij te dragen aan hun historisch besef. Hij is eveneens betrokken bij dialoogsessies in Amsterdam. Zo kwam hij maandagavond samen met twintig jongeren van diverse komaf die willen bijdragen aan een gesprek. ‘Joden worden te weinig gezien, en moslims juist te veel’, zei een van de Joodse aanwezigen.

‘Dat zinnetje maakte indruk op me’, zegt Stranders. ‘Want zo zit het wel. Al jarenlang neemt antisemitisme toe en sinds 7 oktober rijst het de pan uit. Dat is heel, heel ernstig. Scholieren en studenten voelen zich niet veilig, mensen durven op hun werk niet te zeggen dat ze Jood zijn. Hoewel er inmiddels veel aandacht is vanuit de politiek, is er nog niet genoeg gedaan aan het terechte gevoel van onveiligheid dat Joden hebben.’

‘Over moslims gaat het al twintig jaar heel veel. Wilders is ze al twintig jaar aan het bashen. En dan wordt juist zijn partij de grootste bij de Tweede Kamerverkiezingen. Ook daar zit veel pijn. Het kabinet wil nu onderzoeken of de paspoorten van daders afgepakt kunnen worden. Dat maakt mensen in deze gemeenschap ontzettend overstuur.’

Lagen afpellen

Het gesprek dat de samenleving moet voeren, hoort een ‘en-en-en-gesprek’ te zijn, in de woorden van de theatermaker. ‘Er moet veel gezegd worden om recht te doen aan de situatie, er zijn veel lagen die afgepeld moeten worden. Het is verschrikkelijk wat er in Gaza gebeurt én Israël heeft het recht zich te verdedigen tegen de aanval van Hamas – alleen absoluut niet zo. De harde kern van Maccabi heeft zich schandalig misdragen én dat mag geen reden zijn om supporters aan te vallen.’

‘Wat je de afgelopen dagen zag gebeuren,’ zegt hij, ‘is dat politici en woordvoerders uit diverse hoeken er maar één ding uitpakten. Ook in de progressieve bubbel, waar veel nadruk werd gelegd op de misdragingen van de Maccabi-supporters. Dat is begrijpelijk, want iedereen wil de eigen achterban en groep bedienen. Maar zo doen we geen recht aan de complexiteit van de situatie.’

De gebeurtenissen in Amsterdam laten volgens het kabinet zien dat Nederland een groot integratieprobleem heeft. En ja, benadrukt Stranders, er zijn ook ernstige problemen. ‘Er is sprake van armoede, achterstelling, segregatie. In de islamitische en Marokkaans-Nederlandse gemeenschap zijn er grote taboes.’

‘Die problemen aanpakken is een kwestie van de lange adem. Gisteren sprak ik op een ROC met jongeren uit Amsterdam Nieuw-West. Veel van die kids geloven niet dat de Tweede Wereldoorlog heeft plaatsgevonden. Ik vertel dan dat van mijn familie alleen mijn ouders, grootouders en nog een handvol van hun familieleden die oorlog overleefd hebben. Een uurtje op zo’n school is eigenlijk te weinig. Je hebt twintig uur nodig om ergens te komen.’

Stranders hoopt dat het kabinet ervan doordrongen is dat deze problematiek serieus aangepakt moet worden. Dat het niet bij harde, simpele slogans kan blijven. ‘Zelf probeer ik in alles wat ik doe het midden te bewandelen. Dat is lastig, want het is een heel dun koord. Het gaat wat mij betreft niet om het midden tussen links en rechts in politieke zin: niet D66-midden, zeg maar. We moeten elkaars pijn zien en begrijpen. Daar vindt de ontmoeting plaats.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next