Home

Hopelijk ziet Shell in de uitspraak van het gerechtshof geen aanleiding om weer naar olie te gaan boren

Nog steeds biedt het vonnis voldoende aanknopingspunten om bedrijven tot klimaatvriendelijk beleid te dwingen.

Nu Donald Trump heeft aangekondigd het klimaatakkoord van Parijs op te zeggen en veel Westerse leiders onder wie premier Dick Schoof hebben besloten de klimaattop in Bakoe te laten lopen, is de hoop van klimaatactivisten gericht op individuele Amerikaanse staten zoals Californië, of op het bedrijfsleven. Zij moeten de energietransitie de komende jaren gaan trekken.

In dat licht is het een domper dat het gerechtshof in Den Haag in hoger beroep heeft besloten dat oliemaatschappij Shell toch niet verplicht is de uitstoot met 45 procent terug te schroeven. Milieudefensie, die de zaak had aangespannen en aanvankelijk een glorieuze overwinning boekte, reageerde zwaar teleurgesteld.

De uitspraak van de lagere rechter waarin werd geoordeeld dat de klimaatafspraken die de overheid had gemaakt, ook van toepassing waren op bedrijven, was baanbrekend en gaf klimaatactivisten wereldwijd hoop. Op dat moment, ruim drie jaar geleden, had de energietransitie sowieso de wind in de zeilen. Zowel in Amerika als Europa werd een ambitieus klimaatbeleid, een Green Deal, ingevoerd.

Inmiddels is die wind bijna overal gaan liggen. Alvorens te verzinken in somberheid, is het wel goed het vonnis aandachtig te bestuderen, want het biedt nog steeds voldoende aanknopingspunten om bedrijven tot klimaatvriendelijk beleid te dwingen.

Het hof herbevestigt dat bedrijven net als overheden een verantwoordelijkheid hebben bij het terugdringen van de CO2-uitstoot. Dat is winst. Elk bedrijf is verplicht de eigen uitstoot terug te schroeven. Daar kan Milieudefensie met dit vonnis in de hand bedrijven op blijven aanspreken. De vervolgvraag ‘met hoeveel dan?’ laat het hof onbeantwoord omdat het zegt hiervoor geen wettelijke basis te hebben.

De norm voor de overheid laat zich niet zomaar naar individuele bedrijven vertalen, redeneert het hof. Als Shell haar uitstoot met 45 procent vermindert, wil dat niet zeggen dat de uitstoot met 45 procent omlaag gaat. Het is immers waarschijnlijk dat de klant zijn inkopen doet bij een andere leverancier.

Dat Shell ook verantwoordelijk wordt gesteld voor de uitstoot van haar klanten, was vanaf het begin controversieel. Kan van een bedrijf worden verwacht dat het een product waar nog steeds veel vraag naar is, omdat iedereen nog steeds graag in auto en vliegtuig stapt, niet langer verkoopt? Kan van een bedrijf worden verwacht dat het tegen zijn eigen economische en financiële belangen in handelt? Door de uitspraak van het hof zijn deze vragen vooralsnog met ‘nee’ beantwoord.

Dit betekent dat de bal weer vooral bij de overheden ligt. Oud-topman van Shell Ben van Beurden pleitte herhaaldelijk voor de invoering van een CO2-belasting. Als het gebruik van fossiele brandstoffen duurder wordt, wordt Shell vanzelf groener, was zijn overtuiging. Deels gebeurt dat al. Door het emissiehandelssysteem (ETS) dat vanaf 2027 ook geldt voor autobrandstoffen, wordt fossiel vanzelf duurder.

Het is te hopen dat Shell in de uitspraak – in combinatie met de verkiezing van Trump – geen aanleiding ziet haar beloftes te breken en weer meer naar olie en gas gaat boren. Om op lange termijn voldoende bestaansrecht te hebben is een transitie naar duurzaam onvermijdelijk.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next