Home

Wie nu de naakte waarheid van ‘De Nachtwacht’ wil zien, krijgt een unieke kans nu de vernislaag eraf gaat

Na vijf jaar onderzoek is dinsdag een nieuwe fase van Operatie Nachtwacht gestart. Een team van acht restauratoren verwijdert de vernislaag van het schilderij. Het doel is om het werk te herstellen en in optimale staat te bewaren voor de toekomst.

Twee teams van restauratoren zitten op grote liften voor De Nachtwacht in het Rijksmuseum in Amsterdam. Vandaag zijn ze voor het oog van toeziend publiek, in de glazen ruimte van de Nachtwachtzaal, aan een precies klusje begonnen. Met grote microscopen, uv-lampen en doekjes met oplosmiddel wordt de vernislaag van De Nachtwacht, het meesterwerk van Rembrandt van Rijn, de komende tijd afgenomen.

De huidige vernislagen zijn aangebracht in 1976, 1980 en 1990 en zijn aan vervanging toe. In de laatste decennia hebben de lagen het verfoppervlak van het meesterwerk beschermd en de kleuren die Rembrandt aanbracht, verzadigd.

Maar de natuurlijke hars in het vernis is vergeeld en minder doorzichtig dan vijftig jaar geleden. Bovendien is door middel van uitvoerig onderzoek nu nog beter bekend hoe Rembrandt het schilderij in 1642 bedoeld heeft en welke gebieden van het schilderij later tijdens restauraties zijn geretoucheerd. Daarom gaan restauratoren nu aan de slag met het afnemen van de vernislaag en het opnieuw retoucheren van het werk.

Spannend

Het is een belangrijk, maar ook spannend onderdeel van het proces. Om de vernislagen te verwijderen, gebruiken restauratoren een relatief nieuwe techniek, die uitvoerig getest is in vooronderzoek.

Kleine doekjes, die verzadigd zijn met oplosmiddel, worden op het schilderij aangebracht. Met een kwast strijkt de eerste restaurator het doek glad, terwijl een collega de tijd bijhoudt. Het oplosmiddel op het doekje verdampt snel en het schilderij mag niet te lang blootgesteld worden. Nadat het velletje met oplosmiddel wordt verwijderd, kijken de restauratoren waar vernis is achtergebleven. Dat halen ze weg met een wattenstaafje met oplosmiddel.

De methode is minder mechanisch en gebruikt weinig oplosmiddel, waardoor het een betere optie is dan traditionele methoden, vertelt Anna Krekeler, restaurator bij het Rijksmuseum. Ook is het al eerder toegepast op andere schilderijen, waaronder de portretten van Marten Soolmans en Oopjen Coppit, ook van Rembrandt.

Wat na de behandeling achterblijft, zijn grijzig ogende vierkantjes. De komende tijd, naarmate meer vernis wordt weggehaald, zal dat voor het publiek steeds zichtbaarder worden. Taco Dibbits, directeur van het Rijksmuseum verwacht dat de voorstelling even moeilijker te zien zal zijn, maar de restauratiegeschiedenis van het werk wordt zichtbaarder. ‘Je ziet straks de naakte waarheid’, aldus Dibbits. ‘Het zal een unieke ervaring zijn voor het publiek om dit van zo dichtbij te kunnen volgen.’

Beschadigingen

Hoe lang deze fase van de operatie duurt, is nog niet duidelijk. ‘Het ritme wordt door het schilderij bepaald’, zegt Dibbits. Nadat de hele vernislaag is verwijderd, wordt er een nieuwe laag aangebracht en wordt het werk geretoucheerd. Beschadigingen van een mesaanval in 1975 en een zuuraanval in 1990 worden onder de loep genomen, net als andere beschadigingen door eerdere restauraties.

Krekeler verwacht dat de restauratie daarna voor het publiek goed zichtbaar zal zijn. Witte en zwarte plekken worden helderder, het contrast wordt beter zichtbaar en blauwe pigmenten die door de oude vernislaag groen ­zijn geworden zullen worden terug­gebracht naar hun oorspronkelijke kleuren. ‘Wij gaan proberen om zo veel mogelijk van het origineel te tonen’, aldus Krekeler.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next