Home

Bont: kan het weer? Nee toch? Of wel? ‘Die oude jassen zijn zo glamoureus’

In de modecollecties voor herfst/winter 2024-2025 was opmerkelijk veel bont verwerkt. Nepbont, maar ook echt. Kun je (tweedehands) bont nou wel of niet meer dragen? En is imitatiebont een fatsoenlijk alternatief?

schrijft voor de Volkskrant over mode.

Een paar jaar lang leek het alsof bont definitief uit beeld zou verdwijnen. Maar in de modecollecties voor het najaar en de winter van 2024 zat opvallend veel bont. Het grootste deel was faux, zoals de kittige zwarte jasjes van Acne Studios of de royale bruine mantels van Simone Rocha. Een deel was ook echt: Louis Vuitton stuurde twee mannenmodellen de catwalk op in vossenvellen. Beroemdheden als Kim Kardashian en Hailey Bieber werden gespot in (imitatie)bontjassen en -ensembles.

Het vele bont leek in eerste instantie onderdeel van de mob wife-trend, die vooral op TikTok rondging en geïnspireerd was door de kledingstijl van (fictieve) maffiavrouwen uit de jaren tachtig en negentig. Denk aan Carmela Soprano uit The Sopranos of Ginger McKenna in Casino: luidruchtig, glamoureus en een tikje ordinair, met grote zonnebrillen en groot haar. Een logische tegenreactie op de quiet luxury van de afgelopen jaren, met alle strakke knotjes en kalme coltruien. Maar terwijl de mob wife-trend wegzakte, bleef het bont maar komen.

Inmiddels is het najaar aangebroken, en blijkt dat bont het inderdaad heeft gehaald. Op de Kalverstraat hangen imitatiebontjassen in de etalage of direct achter de voordeur, in tweedehandswinkels hangen weer vintage bontmantels in de zaak. Ook op straat zijn bontjassen te zien. Sommige zijn duidelijk nep, maar een aantal andere zijn onmiskenbaar en verrassend echt. Bont: kan het weer? Nee toch? Of wel?

Imitatiebont

Al sinds de jaren tachtig strijden bewegingen als Bont voor Dieren, Fur Free Alliance en Peta tegen het gebruik van bont in de mode-industrie. In de eerste plaats vanwege het dierenleed dat bij de productie van bont komt kijken, maar ook vanwege de andere ecologische schade die de bontindustrie teweegbrengt. Zo veroorzaakt de pelshouderij veel uitstoot door mest en, indirect, door de productie van diervoer. Mede om die redenen is de impact op het klimaat van een kilo nertsenbont gemiddeld vijf keer hoger dan die van een kilo textiel, bleek in 2011 uit onderzoek van CE Delft in opdracht van anti-bontorganisaties.

Vrijwel alle modemerken – met uitzondering van een handjevol, waaronder Louis Vuitton – stopten de afgelopen jaren met het gebruik van echt bont, met het hoogtepunt tussen 2018 en 2022: in die periode verklaarden tientallen kledinglabels, warenhuizen en webshops geen bont meer te zullen verkopen. Ook beroemdheden namen er publiekelijk afstand van. Dit voorjaar stuurde de Britse koningin Camilla, eigenaar van een paar markante bonthoeden, een brief naar Peta waarin ze beloofde geen nieuwe bontkledingstukken meer te zullen aanschaffen.

Ook nationale overheden perkten de bontindustrie de laatste jaren in. De productie van bont is in negentien Europese landen, waaronder Nederland, al niet meer toegestaan. Nederland was met 140 nertsenfokkerijen een van de grootste bontproducenten ter wereld, maar de pelshouderij werd in 2021 verboden nadat covid-19 in nertsenfokkerijen was rondgegaan. Het verbod in Nederland stond al op de planning voor 2024, maar werd drie jaar eerder ingevoerd dan was gepland. In Nederland zijn nu geen bontproducenten meer aanwezig.

Er wordt hier ook nauwelijks meer bont verkocht, zegt Sandra Schoenmakers, directeur van Bont voor Dieren. Die organisatie spreekt geregeld met merken en winkeliers om ze te overtuigen afstand te doen van bont. ‘Merken die nog wel bont in hun collectie hebben, hangen het in Nederland niet in de winkel, of alleen achterin. Klanten willen duidelijk minder bont. Steeds meer mensen weten wat voor industrie erachter zit, en accepteren die niet meer.’

Net echt

Tegelijkertijd zijn er de afgelopen jaren grote stappen gezet in de ontwikkeling van realistisch synthetisch imitatiebont. Dat is diervrij, en een stuk goedkoper dan nieuw bont. De afgelopen decennia groeide imitatiebont snel in populariteit en kwaliteit. Veel imitatiebont oogt inmiddels levensecht. Maar ook als dat niet zo is, wordt imitatiebont aantrekkelijk gevonden, blijkt tijdens een rondje bontjassen speuren in Amsterdam.

‘Ik hou gewoon van fluffy jassen’, zegt Melanie Kuiper (29), die haar grijsblauwe nepbontjasje bij de Zara kocht. ‘Ik heb in het verleden wel jassen met een bontkraag gehad, maar ik vind echt bont niet meer van deze tijd. Het is ook niet meer nodig, want je kunt nu mooie imitatiebontjassen kopen.’ Melanie denkt niet dat mensen zullen denken dat de hare echt is. ‘Maar ik krijg wel veel complimenten, mensen vinden hem heel mooi.’

Nisrine Mechbal (32) en Samira (28, wil niet met haar achternaam in de krant) die over de Leidsestraat lopen in imitatiebontjassen, hadden best wel een echte bontjas gewild. Samira: ‘Maar nieuw bont is duur. En ik heb ook wel filmpjes gezien van konijnen die worden gevild, die vond ik echt naar.’ En hun imitatiejassen overtuigen ook, blijkt. Nisrine kocht de hare bij de webshop Shein, waar de meeste imitatiebontjassen tussen de 30 en 100 euro kosten. ‘Af en toe vraagt iemand of mijn jas echt is.’

Microplastics

Een prima alternatief voor dierenvellen, zou je zeggen. Maar veel imitatiebont is gemaakt van synthetische vezels als polyester en acryl, feitelijk plastics op basis van fossiele grondstoffen die niet biologisch afbreekbaar zijn. Synthetische bontjassen laten door hun flossige textuur af en toe haren los. In het geval van synthetisch imitatiebont gaat het om kleine plasticdraadjes die in lucht en water terechtkomen. Als een synthetische bontjas onverhoopt op een afvalberg terechtkomt, blijft hij daar jaren en jaren liggen zonder te vergaan.

Die argumenten zijn aanleiding voor de bontindustrie om het gebruik van echt bont juist weer te promoten. Mark Oaten is CEO van de International Fur Federation, die spelers in de bontindustrie in ruim veertig landen vertegenwoordigt. Oaten ziet echt bont als stukken duurzamer dan synthetisch imitatiebont. ‘Waar sommige kledingstukken na een jaar worden weggegooid, worden bontjassen vaak gehouden en doorgegeven aan de volgende generatie’, zegt hij. ‘Het is een natuurlijk materiaal, van natuurlijke oorsprong. Als het op de stort belandt, vergaat het.’ Dat gaat overigens niet altijd snel: bontvellen zijn gelooid, wat betekent dat ze zijn behandeld om ontbinding tegen te gaan.

Dat modemerken als Gucci en Dolce & Gabbana bont hebben verruild voor synthetisch imitatiebont vindt hij ‘belachelijk’ en ‘laf’, zegt hij. ‘Het is hypocriet om te zeggen dat je bezig bent met verduurzaming terwijl je een van je meest duurzame materialen inruilt voor plastic.’

Tweedehands

Synthetisch imitatiebont is dus ook niet ideaal, en dat besef groeit onder consumenten. Georgios Bis (20), eigenaar van een imitatiebontjasje, is in elk geval op de hoogte. ‘Synthetisch bont blijft niet zo lang mooi en het laat veel microplastics los. En dan de hoeveelheid fossiele grondstoffen en uitstoot … De productie van echt bont is niet veel beter wat dat betreft, maar echt bont gaat in elk geval nog generaties mee’, zegt hij. Bis heeft ook een tas van konijnenbont, die hij een jaar geleden kocht in een vintagewinkel.

Ook Sterre Roos (28) moet van imitatiebont niet veel hebben. Ze heeft daarentegen een kleine collectie echte, vintage bontjassen, zeven in totaal. Dat echt bont lang meegaat, weet Roos als geen ander: haar jassen zijn allemaal al decennia oud. Drie van de bontjassen kreeg ze van oudere familieleden, eentje is zelfs nog van haar overgrootmoeder geweest. De overige vier kocht ze in tweedehandswinkels en op de Noordermarkt. ‘Die oude jassen zijn zo glamoureus en elegant. En ze zijn van enorm goede kwaliteit, ze bestaan al zo lang en zijn nog steeds mooi.’

Aan een nieuwe bontjas zou Roos nooit beginnen, want ze is een tegenstander van de bontindustrie, zegt ze. ‘Maar tweedehands jassen bestaan al. Het zou zonde zijn als ze worden weggegooid en als het dier dat ervoor is doodgegaan niet wordt gebruikt.’

Zo denken meer consumenten erover. Met tweedehands bont omzeil je de problemen van zowel nieuw bont als synthetisch imitatiebont, is het idee: er hoeven geen extra dieren voor te sterven en het levert ook geen nieuw (plastic) afval op. Meerdere tiktokkers die meegingen in de mob wife-trend moedigden volgers aan om voor vintage bont te kiezen.

‘Terughoudend’

Hoewel er duidelijk bredere interesse is voor tweedehands bont, durft Roos het merendeel van haar bontjassen niet in het openbaar te dragen. ‘Ik heb ze gekocht in de tijd dat ik op de middelbare school zat. Toen werd er gezegd dat als je een bontjas droeg, activisten er rode verf op zouden gooien. Dat zit nog steeds in mijn hoofd, zelfs al gebeurt dat misschien niet meer. Daarnaast wil ik andere mensen niet op het idee brengen om nieuw bont te kopen’, zegt Roos. ‘Als ik met een mooie jas loop, raken mensen misschien wel geïnspireerd. Omdat ik tegen de bontindustrie ben, voelt dat niet helemaal juist.’

Bont voor Dieren ziet om dezelfde reden liever ook geen tweedehands bont op straat. ‘Wij willen alle bont uit het straatbeeld hebben, of het nu nieuw is of tweedehands’, zegt Schoenmakers. ‘Anders wordt bont toch weer genormaliseerd.’ Bont voor Dieren raadt winkels aan tweedehands bont ‘niet in de schappen te hangen, maar te vernietigen of aan ons op te sturen’, zegt Schoenmakers. Het ingestuurde bont wordt dan gebruikt als voorlichtingsmateriaal.

Ook wat betreft imitatiebont is Schoenmakers ‘terughoudend’, zegt ze. ‘We zijn er op zich niet tegen, want het is kunstbont, maar dat kunstbont wordt wel steeds beter en mooier. Daarbij loop je het risico dat mensen denken: o, dat is bont, dat is mooi, dat wil ik ook.’

Restproduct

De jassen die Roos wel draagt, zijn haar jassen van lammy. Dat is schapenvel afkomstig van een pasgeschoren schaap, met de korte, krullerige wol er nog aan. Roos: ‘Lammy is op de een of andere manier meer geaccepteerd.’

Dat geldt voor schapenvel in het algemeen. Vooral lammy wordt veel gebruikt, met name voor schoenen en jassen. Schapenhuiden met langer haar – ook bekend als shearling – werken op zichzelf goed als bont, en kunnen worden bewerkt tot imitaties van andere bontsoorten. Meerdere high-end modehuizen, waaronder Marni en Miu Miu, toonden afgelopen winter jassen van shearling. Marni maakte er kort, glad pantervel van, Miu Miu een dik beverachtig bont.

Op het gebruik van schapenvel komt minder vaak kritiek, omdat het een restproduct is van de vleesindustrie, meent Schoenmakers. Dat maakt het voor Bont voor Dieren ook een andere kwestie dan de pelshouderij, waarin dieren worden gefokt voor hun vel alleen. Tegen het gebruik van schapenvel voert Bont voor Dieren geen actie. Schoenmakers: ‘We moedigen het dragen ervan niet aan, zeker niet. Maar met dit onderwerp meng je je in het debat over de vleesindustrie, en dat is een andere discussie.’

Labbont

Er worden ook andere dierlijke materialen gebruikt om bont te imiteren zonder huiden te gebruiken. Zo presenteerde ontwerper Gabriela Hearst een collectie met bont van geweven kasjmier, en maakte Saint Laurent bont van marabou-veren. Daarvan is nog steeds de vraag hoeveel ethischer het is. Zoals een vertegenwoordiger van Peta zei in een artikel in The Guardian over veren in de mode: ‘Wanneer er delen van dieren worden gebruikt in de mode-industrie (…) is misbruik gangbaar.’

Dus wordt er ook hard gewerkt aan het ontwikkelen van alternatieven voor bont waar geen dieren aan te pas komen, en waar ook geen plastic in zit. Luxeconglomeraat LVMH, waar ook Louis Vuitton onder valt, werkt in samenwerking met Imperial College London en Central Saint Martins – University of the Arts aan de ontwikkeling van laboratoriumbont op basis van keratine, een proteïne uit haar.

Bedrijven met namen als Ecopel, Biofur en Biofluff zijn bezig met bontalternatieven op basis van plantaardige materialen, zoals maïsvezels, hennepvezels en vezels uit houtpulp. Dat is wel uitdagend, want hoe krijg je plantenvezels zo zacht als bont, en hoe bereik je de variëteit aan kleuren en texturen die echt bont kent?

Verboden vrucht

Daar zou je een andere vraag bij kunnen stellen: waarom wil men zo graag bont of bontachtige materialen blijven dragen? Behalve praktisch is bont natuurlijk mooi en voelt het prettig, maar dat geldt voor andere materialen ook.

Wat bont onderscheidt is vooral de associatie met luxe en rijkdom. ‘Die is al eeuwenoud’, zegt Madelief Hohé, conservator mode en kostuum bij Kunstmuseum Den Haag, dat honderden historische bontkledingstukken in de collectie heeft. ‘Het is nu eenmaal een materiaal waaraan je niet makkelijk kunt komen.’ Bont werd vooral gedragen door mensen met status, zoals edelen of de kooplieden die vanaf de 17de eeuw fortuinen verdienden in de trans-Atlantische bonthandel.

Ook in boeken, muziek en films is bont een teken van luxe en exclusiviteit. Denk aan de vileine bontmagnaat Cruella De Vil in 101 Dalmatiërs, of Gloria Wandrous in Butterfield 8 die wraak neemt op haar rijke minnaar door de royale bontjas van zijn vrouw te stelen. Of denk aan het lied Gee Baby, Ain’t I Good to You, waarin Ella Fitzgerald en Louis Armstrong luxe liefdescadeaus bezingen: een diamanten ring, een Cadillac en – inderdaad – een bontmantel.

De status die bont door de eeuwen heen heeft gekregen, laat zich niet zomaar weer wegprotesteren. Bont is schaarser geworden, maar daarmee ergens ook exclusiever en uitzonderlijker. Dat bont de laatste jaren zo weinig is gebruikt, maakt wellicht dat een bontlook nu juist frisser en nieuwer oogt. Tegelijkertijd heeft vooral echt bont nog iets stouts, iets gevaarlijks. ‘Het voelt als de verboden vrucht van de mode’, zegt Bis, eigenaar van de konijnenbont-tas.

In West-Europa, in elk geval – want een ‘verboden vrucht’ is bont lang niet overal. In Rusland, Japan, China en Korea bijvoorbeeld is de markt voor bont nog steeds sterk, aldus Oaten van de International Fur Federation. Op sommige plekken moet de discussie nog beginnen.

Hermelijn

De waarde van een bontjas werd, en wordt, vooral bepaald door het type bont, zegt conservator Madelief Hohé. Hoe schaarser en kleiner het dier, hoe exclusiever de bontjas. Een witte hermelijnen mantel, zoals gedragen door historische koningen en keizers, is niet voor niets het toppunt van luxe: voor een mantel zijn tientallen hermelijnen nodig. Tel de zwarte puntjes maar eens in de kroningsmantel van koning Willem-Alexander. Elk zwart puntje is een hermelijnenvel. Hermelijnen zijn overigens alleen in de winter wit, wat het witte bont nog exclusiever maakt.

Uit onderzoek van het Rijksmuseum blijkt dat er in de 17de eeuw mogelijk al imitatie-hermelijnbont werd gemaakt. Dat imitatiebont is te zien op zes schilderijen van Johannes Vermeer, waarop een vrouw staat in een geel jasje dat met bontranden is afgezet. De zwarte stippen zijn waarschijnlijk katten- of muizenbont.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next