Politici die de rellen in Amsterdam aangrijpen om Marokkanen en moslims tot zondebok te maken, doen dit doelbewust om morele paniek te zaaien in de samenleving. En dat is geen onschuldige tactiek, betoogt Nadia Bouras.
Dit is wat we tot nu toe weten volgens het feitenrelaas van de Amsterdamse driehoek: supporters van Maccabi Tel Aviv hebben zich voorafgaand, tijdens en na de wedstrijd tegen Ajax ernstig misdragen in en rondom de Arena en in de binnenstad, zoals het aanrichten van vernielingen, intimidatie, het uiten van racistische spreekkoren en een groepsaanval op een taxi.
De nacht ontaardde vervolgens in hit-and-runacties door tegenstanders van Maccabi-fans: Amsterdamse jongeren zochten de supporters op, dwongen hen hun paspoort te tonen, en wie een Israëlisch paspoort bezat moest ‘Free Palestine’ zeggen of werd mishandeld.
Wat hierna volgde is een klassiek voorbeeld van morele paniek, een fenomeen waarbij een gebeurtenis wordt gezien als een ernstige bedreiging voor de normen en waarden van de samenleving. Dit leidt tot buitensporige angst en verontwaardiging, versterkt door media en politici.
Over de auteur
Nadia Bouras is historicus aan de Universiteit Leiden, gespecialiseerd in de Marokkaanse migratiegeschiedenis. Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Hoewel morele paniek soms voortkomt uit reële zorgen, is de reactie vaak buiten proportie en zelden gebaseerd op feiten. In de dagen na de ongeregeldheden werd de term ‘Jodenjacht’ gretig omarmd door politici en media. De oprechte angst binnen de Joodse gemeenschap werd niet alleen aangewakkerd, maar ook uitgebuit door gebeurtenissen te dramatiseren en selectief historische referenties in te zetten.
Premier Dick Schoof kwam vervroegd terug van een bezoek aan de Hongaarse premier Orbán, nota bene berucht om zijn antisemitisme, om zijn bezorgdheid te uiten over de ‘antisemitische aanvallen’ in Amsterdam. PVV-leider Geert Wilders sprak op X zelfs over een ‘pogrom in de straten van Amsterdam’ en noemde Nederland het ‘Gaza van Europa’. Als ongeregeldheden na een voetbalwedstrijd al een ‘pogrom’ worden genoemd, hoe kan de verwoesting in Gaza dan nog worden beschreven?
Een kenmerk van morele paniek is het creëren van een stereotiep vijandbeeld, de zogenaamde ‘folk devils’. In dit geval werden Marokkaanse jongeren tot zondebok gemaakt, wat een voedingsbodem creëerde voor oproepen tot harde maatregelen en repressief beleid. Zo drong VVD-leider Dilan Yesilgöz in het radioprogramma Sven op 1 erop aan dat Wilders zijn belofte om antisemitisme te bestrijden moest waarmaken. Zijn oplossingen maakte hij direct helder: ‘tuig deporteren en denaturaliseren’.
Deze uitspraken zijn niet slechts oprispingen van Wilders; er bestaat een breed politiek en maatschappelijk draagvlak voor ‘keihard aanpakken’. Politici verschenen in talkshows om de gebeurtenissen schaamteloos te gebruiken voor eigen politiek gewin en een strengere aanpak te rechtvaardigen. BBB-leider Caroline van der Plas schreef op X over Marokkaanse en Noord-Afrikaanse mannen dat ‘de lust om Joden in elkaar te slaan en nog erger: te willen te doden’ bij ‘een deel van de bevolking heel diep zit’.
CDA-leider Henri Bontebal zag in de onrust in Amsterdam een integratiecrisis die ‘onze democratische waarden’ bedreigt. Yesilgöz pleitte voor ‘een stevige maar realistische integratieagenda’, en ziet antisemitisme als een probleem van nieuwkomers die zich niet aanpassen aan ‘onze waarden’. Wat deze integratieplannen precies inhouden, houden Bontebol en Yesilgöz bewust vaag om hun repressieve politieke agenda te verhullen.
Oud-politicus Rob Oudkerk (PvdA) stelde in WNL op Zondag dat de rechtsstaat ‘haar grip op een deel van de bevolking volkomen kwijt is’. Hiermee verwees hij naar Marokkaanse Amsterdammers, een groep die hij in 2004 nog bestempelde als ‘kut-Marokkanen’. Zijn uitspraak impliceert dat deze groep eigenlijk buiten de wet staat en dus geen recht meer heeft op bescherming door de rechtsstaat. Een gevaarlijke gedachte nu premier Schoof openstaat voor een Kamerdebat over ontneming van Nederlanderschap op andere gronden dan terrorisme.
Vicepremier Eddy van Hijum (NSC), die ook te gast was in het tv-programma, sloot zich volledig bij Oudkerk aan. In de media droegen figuren als Wierd Duk bij aan het klimaat van haat door te stellen dat de samenleving wordt ‘vergiftigd door moslims’. Op X beweerde hij: ‘De islamitische vijfde colonne is overal: van taxichauffeurs tot Kamerleden en redacteuren bij de NPO.’ Deze bewust gekozen term versterkt een beeld van moslims als ondermijnende vijand, wat moslimdiscriminatie in Nederland verder aanwakkert, een probleem dat minstens zo urgent is als het antisemitisme dat men zegt te willen bestrijden.
De verspreiding van angst vormt het sluitstuk van de morele paniek, en dat is niet zonder reden. Hoe groter de verdeeldheid in de samenleving – in dit geval bange Joden tegenover gewelddadige Marokkanen – en hoe sterker de crisissfeer wordt opgeklopt, hoe sneller het kabinet de geesten rijp kan maken voor invoering van repressief beleid.
Wat zich werkelijk in die bewuste nacht in Amsterdam afspeelde, was een giftige mix van hooliganisme, racisme, antisemitisme, gevoed door de enorme woede over de situatie in Gaza en de onverschilligheid van het Westen, Israëlische bemoeienis en politiek opportunisme.
Door deze bredere context volledig te negeren, hebben Haagse politici de spanningen alleen maar verergerd. Nieuwe filmpjes op sociale media en ooggetuigenverklaringen bieden inmiddels een genuanceerder beeld van de gebeurtenissen. Toch blijven politici in Den Haag, in plaats van de-escalatie, olie op het vuur gooien, waarmee zij zich de ware politieke hooligans van dit verhaal tonen.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant