Het gerechtshof in den Haag doet vanochtend na maanden van beraadslagingen uitspraak in het hoger beroep van de klimaatzaak tussen Milieudefensie en Shell. De zaak zit vol dilemma’s. De uitkomst is van groot belang voor Shell, voor Milieudefensie en voor het klimaat. Of toch niet?
is economieredacteur voor de Volkskrant en specialist op het gebied van de energietransitie.
De klimaatzaak begon in 2018, toen Milieudefensie Shell (toen nog een deels een Nederlands bedrijf, nu volledig Brits) aansprakelijk stelde voor de gevolgen van de uitstoot van broeikasgassen door het fossiele-energieconcern. De milieuorganisatie vindt dat Shell ‘als een van de grootste klimaatvervuilers ter wereld’ 45 procent minder broeikasgassen moet uitstoten in 2030. De rechter gaf Milieudefensie in 2021 gelijk.
Shell, totaal overvallen door deze uitkomst, ging enkele maanden later in hoger beroep, dat afgelopen voorjaar diende. De uitspraak hiervan is dinsdagochtend in alle vroegte, nog voor de Europese beurzen opengaan, die mogelijk zullen reageren op de uitkomst.
Shell levert een grote bijdrage aan de uitstoot van CO2 die leidt tot gevaarlijke klimaatverandering, stelt Milieudefensie. De wereldwijde uitstoot van Shell via auto’s, vrachtwagens en vliegtuigen bedroeg 517 megaton CO2-equivalent aan broeikasgassen in 2023. Ter vergelijking: in Nederland was de totale uitstoot in 2021 ongeveer 168 megaton. De klimaatverandering, die mede het gevolg is van Shells toedoen, brengt mensenlevens in gevaar en daarmee mensenrechten, aldus de milieuorganisatie.
Dat klimaatverandering een gevaar is voor het leven op aarde weet Shell al heel lang. ‘Onlangs zagen we het nog in Spanje’, zegt Donald Pols, directeur van Milieudefensie, verwijzend naar de verwoestende overstromingen in de regio Valencia. Doordat Shell dit al zolang weet en heeft nagelaten alternatieve energievormen voldoende te ontwikkelen, kan de multinational worden gehouden aan de afspraken die landen hebben gemaakt tijdens het klimaatverdrag van Parijs uit 2015, en moet het concern zijn uitstoot vóór 2030 terugbrengen met 45 procent.
Om dit doel te bereiken, mag Shell geen fossiele bezittingen verkopen, want dan nemen partijen als ExxonMobil of BP deze over en is er alleen sprake van een boekhoudkundige verschuiving. Daar schiet het wereldwijde klimaat niets mee op. Shell zou al een aardig eind op weg zijn om het doel te halen als het geen nieuwe olie- en gasvelden meer in ontwikkeling neemt, stelt Milieudefensie.
Shell ziet het totaal anders. Er is ‘geen juridische verplichting in de Nederlandse wetgeving die individuele bedrijven verplicht om emissies met 45 procent te verminderen tegen eind 2030’, aldus het concern. Anders gezegd: er is geen wet die de uitstoot van CO₂ verbiedt. Althans, nu nog niet. Binnenkort valt bijvoorbeeld de uitstoot van benzine en diesel wel onder het emissiehandelssysteem ETS, dat de uitstoot van CO2 beperkt.
Shell moet dus wel handelen naar het ETS, maar kan niet worden gehouden aan afspraken (zoals in Parijs) die door staten zijn gemaakt. Niet de rechter gaat over het beleid van een bedrijf als Shell, maar overheden, stelt het energieconcern.
Als de uitspraak uit 2021 blijft staan, is dit schadelijk voor het investeringsklimaat en daarmee voor de werkgelegenheid, verwacht Shell. Industrieën zullen vertrekken naar locaties waar de wetgeving minder streng is, waardoor de energietransitie en het klimaat er juist slechter aan toe zullen zijn.
Het energieconcern heeft ook vragen over de reikwijdte van de eerste uitspraak. Die geldt wereldwijd, stelde de Haagse rechter. Het energieconcern vraagt zich af of een Nederlandse rechter iets kan zeggen over bijvoorbeeld China of de zeventig landen, met allemaal hun eigen klimaatbeleid, waar Shell werkt. Het concern zegt achter het Europese Fit for 55 te staan, maar wijst erop dat zelfs dit strenge klimaatplan niet in de buurt komt van een reductie met 45 procent voor de producten die Shell levert.
Tijdens het hoger beroep kwam een nieuw twistpunt naar voren: als het vonnis standhoudt, mag Shell niet zomaar bezittingen verkopen om aan de reductieplicht te voldoen, maar moet het volgens Milieudefensie onderdelen ontmantelen of nieuwe olie- en gasvelden niet in productie nemen.
De advocaten van het energieconcern reageerden als door een wesp gestoken en noemen de eis van Milieudefensie een nieuw onderdeel in de zaak, waar ze zich niet op hebben kunnen voorbereiden en dat geen onderdeel is van het hoger beroep. Shell stelt dat een eventuele toewijzing van deze eis een verslechtering betekent ten opzichte van de eerdere uitspraak en daarom juridisch aangevochten zal worden, mocht het hof hiertoe besluiten.
Na de eerste rechtszaak heeft Shell een plan gepresenteerd, Powering Progress, om zijn uitstoot terug te dringen. Maar onder de nieuwe bestuursvoorzitter Wael Sawan zijn enkele van de doelstellingen uit het plan afgezwakt tot ‘ambities’ en een enkel doel is geannuleerd.
Doordat Shell vooral kijkt naar CO2-intensiteit en niet naar absolute reducties, kan het zelfs meer fossiele energie produceren dan nu, door de uitstoot daarvan ‘aan te lengen’ met een component duurzame energie zonder CO2-uitstoot. Het energieconcern kondigde afgelopen voorjaar wel een absolute reductie aan met 15 tot 20 procent voor 2030 voor de uitstoot van broeikasgassen van klanten.
Wat het arrest van het gerechtshof gaat brengen, is afwachten. De uiterste hoeken van het speelveld zijn:
1) Shell verliest en moet 45 procent absoluut reduceren en een deel van zijn bezit ontmantelen;
2) Shell verliest en moet 45 procent minder CO2 uitstoten, maar mag wel bezittingen verkopen;
3) Milieudefensie verliest en Shell hoeft alleen de ‘eigen’ uitstoot te reduceren met 45 procent, en dus niet de zogenoemde scope 3, de uitstoot veroorzaakt door klanten die benzine, aardgas en kerosine kopen;
4) Milieudefensie verliest en Shell krijgt geen enkele reductieverplichting.
Hierop zijn talloze variaties mogelijk, zegt Machiel Mulder, hoogleraar energie-economie aan de Rijksuniversiteit Groningen, die het functioneren van energiemarkten onderzoekt. Het hof kan bijvoorbeeld ook iets zeggen over de snelheid waarmee het concern moet reduceren. ‘Kijk naar de elektriciteitssector. Die kan veel sneller vergroenen dan bijvoorbeeld zwaar transport en luchtvaart.’ Het kan zijn dat Shell juist meer tijd krijgt, omdat het veel transportbrandstoffen verkoopt, stelt Mulder.
Verder geldt de uitspraak uit 2021 wereldwijd, maar het hof kan ook een geografische beperking aanbrengen, bijvoorbeeld dat de uitspraak alleen geldt voor Europa, of voor Nederland. Of alleen iets zeggen over bepaalde ketens waarin het energieconcern actief is, bijvoorbeeld over de winning van olie en gas en niet over onderdelen als raffinage, handel en marketing. Of Shell wordt juist beperkingen opgelegd in de verkoop van zijn producten.
Shell heeft al laten weten dat het naar de Hoge Raad stapt als (delen van) de uitspraak uit 2021 blijven staan die ongunstig zijn voor het concern. Zelfs als Shell alleen de eigen uitstoot hoeft terug te dringen (wat het al zegt te doen), is de kans groot dat het concern in cassatie gaat, omdat het vindt dat niet rechters, maar overheden bedrijven verplichtingen kunnen opleggen.
Milieudefensie wacht de uitspraak af, maar de kans is groot dat de zaak bij de Hoge Raad belandt, omdat delen van elke uitspraak door het hof vermoedelijk onacceptabel zullen zijn voor een van beide partijen.
Een gang naar de Hoge Raad vertraagt het proces met minimaal anderhalf jaar. Maar het kan ook dat een deel van de zaak wordt doorverwezen naar het Europees Hof van Justitie, vanwege de verknooptheid met Europese wetgeving. Dan komt er nog eens anderhalf jaar bij. En als de Hoge Raad later oordeelt dat delen van de uitspraak van dinsdag niet goed zijn onderbouwd, kan ze de zaak doorverwijzen naar het Amsterdamse gerechtshof.
Een van de hete hangijzers is wat er gebeurt als Shell gedwongen wordt de uitstoot van broeikasgassen met 45 procent te reduceren. Shell zelf betoogt dat klanten dan naar het tankstation van de concurrent zullen rijden.
Hoogleraar Mulder verwacht ook dat andere in het gat zullen springen. ‘Er zijn honderden bedrijven actief in bijvoorbeeld de oliemarkt. Kijk maar op de Noordzee, waar naast grote bedrijven ook veel kleinere actief zijn en soms de positie overnemen als grotere bedrijven vertrekken.’
Belangrijker is dat het overgrote deel van de olie- en gasvelden in staatshanden is. Die zullen een van de vele andere partijen inschakelen als Shell moet stoppen. Sterker, stelt Mulder: Shell zal zijn productievergunningen bij overheden moeten inleveren, die vervolgens op zoek gaan naar andere bedrijven.
‘Dit zag je ook tijdens de recente energiecrisis’, zegt Mulder. Toen plotseling grote hoeveelheden Russisch gas wegvielen, vond Europa snel andere manieren om aan zijn aardgas te komen, onder meer in de vorm van vloeibaar lng dat per schip wordt aangevoerd.
Ook op de oliemarkt werden aanvoerlijnen verlegd, waardoor Russische olie meer naar bijvoorbeeld India en China werd verscheept en landen uit het Midden-Oosten meer olie naar Europa transporteerden.
Zolang de vraag naar fossiele energie niet afneemt, blijft het aanbod bestaan, zeggen sommige analisten. Volgens Mulder is maar één manier echt effectief: het door overheden beperken van vergunningen voor de winning van olie. ‘Het aanpakken van bedrijven die op verzoek van regeringen olie- en gasvelden exploiteren, is slechts goed voor de bühne. Het geeft de indruk dat we goed bezig zijn, maar de winning en dus de uitstoot zal gewoon doorgaan.’
Milieudefensie stelt juist dat het verwijderen van een grote speler uit het systeem er zeker toe zal leiden dat er minder fossiele energie wordt verbruikt. Ze wijst daarbij op de energiecrisis, toen er door krapte juist enorm werd bespaard op bijvoorbeeld aardgas. Dit effect is ook nu nog merkbaar, omdat mensen hun huizen hebben geïsoleerd of zonnepanelen hebben gekocht.
Ook stelt de milieuorganisatie dat het aanpakken van staten niet altijd effectief is, omdat Shell wereldwijd opereert en vaak actief is in landen met een bestuur dat niet is opgewassen tegen de macht van grote olieconcerns. Het aanpakken van deze landen heeft daarom geen effect op het klimaat, en zeker niet op de korte termijn waarop ingrijpen nodig is.
Milieudefensie noemt de rechter ‘het laatste bastion’ als landen die het klimaatverdrag van Parijs hebben ondertekend falen in het voeren van effectief klimaatbeleid. ‘Als uw rechtbank nu niet ingrijpt, wie dan wel? En als uw rechtbank nu niet zou willen ingrijpen, wanneer dan wel?’, aldus de advocaat van Milieudefensie tijdens de rechtszaak.
In 2021 ging de rechtbank van Den Haag mee in de argumenten van Milieudefensie en gebood Shell zijn uitstoot te reduceren. Dinsdag wordt het oordeel van het hof duidelijk.
Correctie: aanvankelijk stond hier dat raffinaderijen ‘binnenkort’ onderdeel worden van het Europese emissiehandelsysteem ETS. Raffinaderijen maken al sinds het begin van het zogenoemde EU ETS onderdeel uit van dit systeem.
Geselecteerd door de redactie
Energieprijzen al twee avonden flink verhoogd, ook morgen stijging verwacht
Drill, baby, drill: terugkeer Trump kan vijf jaar CO₂-besparingen wereldwijd tenietdoen
Drill, baby, drill: terugkeer Trump kan vijf jaar CO₂-besparingen wereldwijd tenietdoen
Spaanse overstromingen zijn een waarschuwing: Europa moet zich schrap zetten voor meer klimaatgeweld
Source: Volkskrant