Er was veel politie op de been, donderdagnacht in de hoofdstad. Maar die kon niet verhinderen dat voetbalfans uit Israël op gewelddadige wijze werden belaagd. Wat ging er aan die uitbarsting vooraf? ‘De stad is vol hooligans, inclusief Israëlische soldaten’, klinkt het op sociale media. Een reconstructie.
Het is vlak na middernacht als Maccabi-fans Jesse Cohen en Yotam Asher de Amsterdamse Stadhouderskade oversteken, op weg naar hun hotel. Te voet hebben ze het hele stadscentrum doorkruist, en twee vrienden afgezet bij andere hotels. De sfeer was gespannen, groepjes vijandige mannen hebben ze ontweken. Maar nu, dichtbij hun hotel, lijkt het alsnog mis te gaan.
Een zwarte Mercedes blokkeert hun route. Er zitten vijf mannen in. De ramen schuiven open, Arabische muziek wordt keihard afgespeeld.
‘Omdraaien’, zegt Cohen (41) tegen zijn kameraad. Snel lopen ze terug, op zoek naar bescherming. Er staat een politieauto, maar die is leeg. Met een groepje voorbijgangers nemen ze een omweg. Vanuit een taxi wordt er naar ze geschreeuwd. Vlakbij het hotel duikt de zwarte Mercedes weer op. Cohen en Asher bonzen op de hoteldeur, die op slot zit. Snel doet iemand open. Binnen zijn andere fans, sommigen zijn gewond. Ze hebben, concluderen ze, nog geluk gehad.
Amsterdam beleefde van donderdag op vrijdag ‘een gitzwarte nacht’, zei burgemeester Femke Halsema vrijdagmiddag op de ingelaste persconferentie. ‘De oorlog in het Midden-Oosten bedreigt nu ook de vrede in onze stad.’ De politie hield 62 relschoppers aan. Twintig tot dertig supporters raakten lichtgewond en vijf mensen moesten in het ziekenhuis worden behandeld.
Ajax tegen Maccabi Tel Aviv was geen hoog-risico-wedstrijd. Althans, niet in klassieke zin van hooligans die elkaar te lijf gaan. De harde kern van de Israëlische club is relatief klein, en staat bovendien niet op vijandige voet met die van Ajax. Toch hield de stad de adem in voor ongeregeldheden. Meer dan 800 politiemensen waren op de been. Uitzonderlijk veel, zelfs voor Amsterdam. En alsnog sloeg de vlam in de pan.
Wat gebeurde er donderdagavond? En wat ging er aan de geweldsuitbarsting vooraf?
‘Draag deze week geen pro-Palestijnse symbolen in Amsterdam’, klinkt het in pro-Palestijnse appgroepen. ‘Er zijn hooligans in de stad.’ De adviezen volgen op de mishandeling van een pro-Palestijnse demonstrant, zaterdagavond op het Centraal Station in Amsterdam. Hij bekritiseert de komst van Maccabi Tel Aviv naar de stad en wordt door Ajax-supporters in elkaar geslagen.
Verschillende organisaties roepen op om te demonstreren bij de Arena donderdagavond, voorafgaand aan de wedstrijd tussen Ajax en de club uit Tel Aviv. Ze vinden dat Israëlische clubs uit de competitie moeten worden gezet, zoals ook is gebeurd met Russische clubs na de inval in Oekraïne, en vragen zowel Ajax als de gemeente Amsterdam de supporters buiten te houden.
Op woensdag zijn er al veel Maccabi-supporters in de stad, er leeft angst onder pro-Palestijnse activisten. ‘De stad is vol hooligans, inclusief Israëlische soldaten’, aldus een vaak gedeeld bericht op pro-Palestijnse kanalen op sociale media. ‘Maccabi steunt openlijk oorlogsmisdaden en genocide in Gaza. (...) Stel jezelf de vraag, ben je fysiek en mentaal voorbereid om het op te nemen tegen een massa hooligans? Als je thuis blijft, maakt dat je geen minder goede activist.’
De Amsterdamse driehoek (politie, justitie, burgemeester) besluit woensdagavond om de pro-Palestijnse demonstratie bij de Arena te verbieden. De demonstranten mogen wel naar het Anton de Komplein in Amsterdam, enkele honderden meters verderop. ‘Week 4Palestine’, initiatiefnemer van het protest, roept deelnemers op niet alsnog naar de Arena te gaan: ‘Het zal een gevaarlijke plek zijn.’
Enkele uren later, op woensdagavond, komen de eerste berichten binnen over vandalisme en geweld van Maccabi-supporters. Op beelden is te zien hoe Israëliërs een Palestijnse vlag van een gebouw op het Rokin trekken en in brand steken en ruiten van de woning kapotslaan. De verontwaardiging op sociale media is groot, ook omdat een politieauto langs de hooligans rijdt en naar het schijnt niet ingrijpt.
Er gaan ook beelden rond waarop te zien is dat hooligans met een ijzeren ketting inslaan op een taxi, en een chauffeur schoppen. Na die mishandeling heeft een groep taxichauffeurs de supporters een casino op het Max Euweplein ingejaagd. Een supporter belandt in het water en wordt gedwongen ‘Free Palestine’ te roepen.
De volgende ochtend gaan in de appgroepen, waarin pro-Palestijnse activisten van verschillende pluimage sinds 7 oktober nieuws en informatie over demonstraties delen, opnieuw dringende oproepen rond om die avond niet naar de Arena te gaan vanwege het gevaar van agressieve hooligans.
Maar niet iedereen is van plan daar gehoor aan te geven: ‘Gaza wordt platgebombardeerd en wij zeuren om een beetje bloed?’ Er ontstaat discussie. ‘Wat doe je als ze wapens bij zich hebben?’ vraagt iemand zich af. Een vrouw waarschuwt voor ‘de gevolgen voor de islamitische gemeenschap, die de schuld zal krijgen’. Verschillende activisten benadrukken de zinloosheid van geweld.
‘Het gaat sowieso gebeuren’, zegt iemand. ‘Ook zonder pro-Palestijnse supporters. De strijd is aan. Het is nu de Amsterdamse jeugd tegen deze IOF (Israeli Occupation Forces, red.) hooligans.’ Diezelfde persoon stelt dat ‘we gisteravond al hebben gezien waartoe de Amsterdamse jeugd in staat is’, en heeft het over ‘niet-openbare groepen’ waarin plannen worden gemaakt.
Op donderdagmiddag verzamelen de Maccabi supporters in de binnenstad van Amsterdam. Ze zwaaien met Israëlische vlaggen, bejubelen de acties van het Israëlische leger, zingen ‘fuck de Arabieren’, dragen banners met afbeeldingen van Israëlische soldaten, en plakken de Dam vol stickers van deze ‘helden’.
Die avond verschijnt een groep van nog geen honderd pro-Palestijnen op het Anton de Komplein, niet ver van de Arena. ‘Het is een ander publiek dan normaal bij pro-Palestijnse demonstraties’, ziet een Volkskrant-fotograaf ter plaatse. ‘Het zijn vrijwel uitsluitend pubers en jonge mannen, geheel in het zwart gekleed en met de gezichten bedekt.’ Ze belanden in een kat- en muisspel met de ME.
In het stadion is van de spanning buiten weinig te merken. In het volle uitvak, met zo’n 2.600 fans, blijft het rustig, afgezien van het geschreeuw van de Maccabi-fans tijdens de minuut stilte ter nagedachtenis aan slachtoffers van de natuurramp in Valencia. Het komt ze op een fluitconcert van de rest van het stadion te staan.
Na de wedstrijd reizen de supporters van Maccabi naar de binnenstad, waar ze veelal in hotels verblijven. Daar wachten, zo meldt de Amsterdamse driehoek vrijdag op de persconferentie, relschoppers de fans op. ‘Jongens op scooters’, in de woorden van burgemeester Halsema, ‘die hit-and-run-acties uitvoeren’.
Op tientallen video’s die online circuleren is te zien hoe Maccabi-supporters worden opgejaagd, aangevallen en in elkaar getrapt door mannen met capuchons en Palestijnse vlaggen op de rug. ‘Vanavond gaat de wereld zien dat de Volksleger die Israelische honden niet moeten (sic.)’, is te lezen op Snapchat.
De politie onderzoekt in hoeverre taxichauffeurs bij het geweld betrokken zijn geweest. ‘Spelersbus blokkeren van die kankerjoden’, zegt iemand in een Telegram-groep voor taxichauffeurs met ruim 3.700 leden. ‘Hang in de stad Palestijnse vlaggen’, zegt een ander. ‘Ze gaan als ratten erheen komen.’
Rond vier uur ’s nachts wordt David Beesemer wakker gebeld. Hij is de voorzitter van Maccabi Nederland, een netwerk van sportverenigingen bestaande uit duizenden Joodse Nederlanders. ‘Er werd me verteld over een lynchpartij, een aanval op Joden’, zegt hij. ‘Ik besloot meteen om een opvang te regelen.’
Binnen een mum van tijd weet hij via diverse appgroepen honderd vrijwilligers op de been te krijgen. Met particuliere auto’s halen zij de voetbalsupporters op uit de stad en brengen ze naar een kantoorpand in Amstelveen. ‘Daar hebben we ze voorzien van eerstelijnshulp: medisch, psychisch, juridisch, logistiek.’
Uiteindelijk vangt Beesemer zo’n 150 supporters op. ‘Velen zijn totaal in shock. Ze voelen zich onveilig in de stad, durven geen taxi meer in. Er zitten veel gewonden tussen. Een heleboel mensen kwamen met schrammen en bulten binnen, bij sommigen waren al hun tanden uit de mond geslagen.’
‘Ze vertelden dat ze belaagd werden, vooral door taxichauffeurs. Ze werden uitgescholden in het Arabisch en er werd 'Free Palestine' geroepen. Ze werden geschopt, geslagen, achterna gezeten, bespuugd, bedreigd. Noem maar op. Dit gebeurde allemaal onderweg van de Arena naar de hotels.’
In een lunchroom op de Keizersgracht eten Maccabi-fans Cohen, Asher en hun vriend Roni Menashe (46) vrijdagochtend een bagel, hun eerste voedsel in 16 uur tijd. Op hun telefoons komen voortdurend berichten binnen over andere fans die gewond zijn geraakt. ‘Het was een warzone’, zegt Asher. ‘Ze waren op zoek naar Joden. En er was niemand om ons te beschermen.’
Hoe groot de chaos donderdagnacht moet zijn geweest, blijkt vrijdagochtend ook bij hotels in de buurt van De Dam. Een Israëlische hotelmanager, die uit angst voor repercussies alleen wil spreken als zijn naam en die van het hotel niet worden genoemd, vertelt dat gasten hem in paniek belden. ‘Ik heb niet geslapen en ben de hele nacht bezig geweest mensen in veiligheid te brengen’, zegt hij.
Vrienden van hem, die in een ander hotel verbleven, heeft hij om drie uur ’s nachts zelfs naar Schiphol gereden. ‘Ze waren bij Centraal Station aangevallen en achtervolgd’, zegt hij. ‘Ze hebben keihard moeten rennen. Ze wilden vannacht nog maar één ding: de stad uit.’
In hotel Rho aan de Nes zijn vrijdagochtend vroeg al vertegenwoordigers van de Israëlische ambassade geweest, vertelt de receptionist. ‘Onze gasten durfden niet meer weg’, zegt hij. ‘Ze zijn gisteravond aangevallen door zo’n twintig supporters van de Turkse club Fenerbahçe (dat diezelfde avond in Alkmaar tegen AZ speelde, red.). Ze durfden geen taxi’s meer te nemen. Vanochtend zijn ze hier met busjes van de ambassade opgehaald.’
Veel Maccabi-fans hebben donderdagnacht gevreesd voor hun leven. ‘In Israël zijn we door alle dreigingen mentaal altijd voorbereid om te vechten’, zegt Menashe in de lunchroom. ‘Daar is ook altijd back-up van het leger of Shin Bet (de binnenlandse veiligheidsdienst, red.). Maar hier, in een vreemde stad, heb je geen vangnet. We stonden er alleen voor.’
‘Ik ben woedend’, zegt burgemeester Femke Halsema vrijdagmiddag om half een op de persconferentie. ‘Dit is een uitbarsting van antisemitisme zoals we die nooit meer hoopten te zien in Amsterdam. Onder Joodse Amsterdammers heerst ontzetting en ongeloof.’
Een verslaggever van Al Jazeera vraagt haar naar de context van de gebeurtenissen, in het bijzonder de provocaties van de Maccabi-supporters. ‘Provocaties’, reageert de burgemeester, ‘zijn nooit een excuus. Dit heeft niets met protesten of demonstraties te maken. Het gaat om crimineel gedrag.’
Rond diezelfde tijd draaien drie witte touringcars het bovendek van Schiphol op. Onder zware politiebegeleiding verlaten Maccabi-supporters de bussen.
Er is een afgeschermde corridor ingericht rond de incheckbalies 31 en 32 voor de middagvluchten naar Tel Aviv. Wie naar binnen wil, moet kunnen aantonen dat hij er iets te zoeken heeft.
Een Israëlische vader en zijn tienerzoon ogen geschrokken. ‘We dachten dat we een leuke tijd zouden hebben in Amsterdam’, zegt de vader die vertelt dat hen niets is overkomen. Toch willen ze nu maar een ding: ‘Zo snel mogelijk naar huis.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant