Home

Na een gitzwarte nacht mag het debat nu niet worden teruggebracht tot de vraag of er wel genoeg politie was

Dit is het resultaat als mensen hun weerzin over het Israëlische geweld in Gaza niet weten te scheiden van hun kennelijke afkeer van Joden in het algemeen.

Er kwam veel samen donderdagnacht in Amsterdam. Eens temeer werd duidelijk dat de Gaza-oorlog ook in de Nederlandse samenleving diepe sporen trekt en dat er te veel mensen zijn die daar ook op uit zijn. Prominente politici als PVV-leider Geert Wilders, die meteen hun oordeel klaar hadden, burgemeester Femke Halsema grote verwijten maakten en prompt opriepen tot ‘denaturalisatie van criminele moslims’. Andere politici, zoals Denk-leider Stefan van Baarle, die slechts wijzen op ‘racistische en genocidale leuzen’ door supporters van Maccabi Tel Aviv en daarin kennelijk de rechtvaardiging zien voor het grove geweld waarmee die supporters te maken kregen. Een land waarvan de politieke leiders bij een uitslaande brand niet toesnellen met water maar met benzine, mag zich grote zorgen maken over de nabije toekomst.

De woede van een deel van de Kamer en de Amsterdamse gemeenteraad richtte zich meteen op het gemeentebestuur, dat onvoldoende zou hebben gedaan om het geweld te voorkomen. De meeste signalen wijzen in een andere richting. Er waren zes pelotons mobiele eenheid op straat, meer dan achthonderd agenten aan het werk. Wie vindt dat Halsema de komst van Israëlische fans naar Amsterdam dan maar simpelweg had moeten verbieden – omdat het daar voor hen in deze tijden klaarblijkelijk te gevaarlijk is – dient zich af te vragen hoe dáárop zou zijn gereageerd.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Lange tijd lukt het donderdagavond bovendien wel degelijk om betogers weg te houden bij de Israëlische bezoekers, totdat die als groep uit elkaar vielen en alsnog werden belaagd, zo massaal en onverwacht dat zij kansloos waren en de politie ook.

Het waren, in de woorden van Halsema, gerichte ‘hit-and-run-acties door haatdragende antisemitische relschoppers’ die herinneringen opriepen aan de zwartste dagen van de pogroms. Zo gericht bovendien dat er wel enige vorm van organisatie en coördinatie achter moet hebben gezeten.

Het gevaar is nu dat de onvermijdelijke debatten in de Tweede Kamer en de Amsterdamse raad volgende week weer vooral zullen gaan over het optreden van politie en justitie. Dat is concreet en overzichtelijk, maar het houdt de aandacht weg van de vraag waarom te veel relschoppers hun weerzin over het Israëlische geweld in Gaza niet weten te scheiden van hun kennelijke afkeer van Joden in het algemeen.

Dat is niet los te zien van de onderzoeken waaruit blijkt dat inmiddels een kwart van de Nederlandse jongeren en jongvolwassenen de Holocaust bagatelliseert. Op sociale media en op een populair Instagramaccount als Cestmocro wemelt het van de antisemitische uitingen. Veel leraren in de grote steden durven de vernietigingskampen van de nazi’s niet meer te bespreken in hun klassen.

Er is donderdagnacht veel kapotgemaakt, zei Halsema vrijdag terecht, maar dat is niet pas donderdag begonnen. Om de trend te keren en mensen weer met elkaar in gesprek te brengen, zullen langdurige inspanningen nodig zijn. En als het debat wordt gedomineerd door politici die op hun beurt aandringen op deportaties van mensen, komt het land geen stap verder. Dit is het moment waarop minister-president Dick Schoof – de zelfverklaarde ‘premier van alle Nederlanders’ – zal moeten laten zien wat hij waard is.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next