Met grote gebeurtenissen uit de geschiedenis weet je precies waar je was toen je erover hoorde. Op 11 september zat ik op de redactie van het universiteitsblad waar ik in die tijd werkte. We vertrokken naar de kantine in het gebouw aan de overkant, om op een tv-scherm dat daar aan de muur hing gezamenlijk naar teletekst te kijken.
Toen Donald Trump voor de eerste keer de verkiezingen won, liep ik om 5 uur ’s ochtends naar de wc en kwam ik in de gang mijn stiefzoon tegen. ‘Trump heeft gewonnen’, zei hij. Ik dacht dat hij een grapje maakte, of dat ik droomde, of allebei, maar het was natuurlijk de realiteit.
Die ochtend ging ik sporten en de lerares wijdde een groot deel van de les aan een woedende toespraak over Trumps winst. Daarna gingen we gewichtheffen.
De tweede keer dat Trump won, zal ik me minder scherp herinneren. Weer ging ik vroeg in de ochtend naar de wc, daarna keek ik op mijn telefoon. Ja, Trump ging winnen, dat was al duidelijk, zag ik op mijn scherm.
Woensdagochtend ging ik ook sporten. (Het lijkt nu alsof ik altijd aan het sporten ben, dat valt erg mee. Ik sport in ieder geval altijd nadat Trump heeft gewonnen.) In de les had niemand het over de uitslag van de verkiezingen. We gingen roeien en burpees doen, dat zijn oefeningen waarbij je eerst in de lucht springt en erna jezelf plat op de grond werpt.
Wat ik probeer te zeggen is: alles went. Toen Pim Fortuyn opkwam in Nederland, schrokken linkse mensen zich helemaal kapot. Als ik hem nu zie in oude beelden, vind ik hem best een keurige heer die niet al te shockerende dingen zegt.
Alles went – dat klinkt geruststellend, maar dat is het juist niet. In de herfstvakantie zat ik in de trein vlak bij twee puberjongens die de hele reis dingen aan het roepen waren naar elkaar, in het kader van conversatie. Op een gegeven moment gooide een van de twee jongens een broodkorstje in mijn richting, en ik zei dat ik dat vies vond. Ze keken me glazig aan. Na een uur roepend converseren riep de ene jongen tegen de andere: ‘Vrouwen moeten zich nederig opstellen. Ze moeten in de keuken staan en kinderen baren! Ze zijn ondergeschikt aan de man!’
Die jongens hebben te veel TikTokfilmpjes gekeken, dacht ik, en bovendien zijn ze heel erg dom. Dat is geen goeie combinatie. Daarna vertrok ik naar een andere coupé.
Ik had ze uiteraard opnieuw de les moeten lezen, en veel langer en fermer dan over dat broodkorstje, maar dat deed ik niet. Je went aan pestkoppen en dommeriken en compleet kwaadaardige gekken. Misschien kun je je oefenen in het talent om niet te wennen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant