Van een degelijke middenmoter groeide De Zwarte Hond uit tot een toonaangevend ontwerpbureau, dat nu gekroond is tot Architect van het Jaar. Stedenbouwkundige en creatief directeur Jeroen De Willigen speelde een sleutelrol in deze ontwikkeling. Wie is hij?
schrijft voor de Volkskrant over architectuur, landschapsontwerp en stedenbouw.
Elke maand organiseert stedenbouwkundige Jeroen de Willigen een etentje. Hij nodigt dan twee personen uit de architectuurwereld uit die hij nog niet kent. ‘Schrijvers, historici, jonge ontwerpers; hij is nieuwsgierig naar alle soorten mensen’, vertelt architectuurcriticus Michiel van Raaij, die De Willigen tijdens zo’n avond leerde kennen als ‘charmant, praatgraag en inhoudelijk gedreven’.
Zijn leer- en nieuwsgierigheid volgend, heeft De Willigen zijn werkveld de afgelopen 25 jaar voortdurend uitgebreid, van stedenbouwkundige naar bureaupartner en creatief directeur bij ontwerpbureau De Zwarte Hond (DZH), stadsarchitect van Groningen, ontwerpdocent, supervisor en voorzitter van de Branchevereniging voor Nederlandse Architectenbureaus (BNA).
Aan dat lijstje mag hij sinds woensdag de titel Architect van het Jaar toevoegen. DZH won de door Architectenweb georganiseerde verkiezing, waarbij de vakgemeenschap kan stemmen op vijf genomineerde architecten. De jury stelt dat het bureau met houten gebouwen als de multifunctionele Superhub in Groningen ‘vooroploopt in de materiaaltransitie’ en noemt het ‘bewonderenswaardig dat De Zwarte Hond een brede rol in het veld op zich neemt’. En dat terwijl DZH – in 1985 opgericht in Groningen - lange tijd gold als een middenmoter, die met zijn bakstenen woningbouwprojecten braaf afstak tegenover conceptuele Superdutch-bureaus als OMA en MVRDV met hun spektakelgebouwen.
Grofweg 2011 – het jaar dat De Willigen directeur wordt - komt daar verandering in. Het bureau, dat tegen die tijd ook een kantoor heeft in Rotterdam, opent dan een nieuwe vestiging in Keulen, en neemt in 2012 Bonnema Architecten uit Friesland over. Het groeit uit tot een groot en toonaangevend bedrijf, waar nu door zo’n 120 medewerkers wordt gewerkt aan stedenbouwkundige plannen en gebouwen door het hele land. Welke rol speelt De Willigen in deze ontwikkeling?
De Willigen (1968) studeerde aan de TU Delft waarna hij in 1996 zijn loopbaan begon bij het Rotterdamse landschapsbureau West8. Daarna richt hij de stedenbouwkundige afdeling op bij De Zwarte Hond, waar hij in 2001 partner wordt. ‘Die combinatie van architectuur en stedenbouw is interessant en slim’, zegt Van Raaij. ‘Het bureau doet veel stedenbouwkundige studies voor gemeentes, die vaak leiden tot vervolgopdrachten voor gebouwen.’ Zo maakt DZH in Assen het masterplan voor het stationsgebied en bouwt het vervolgens – samen met het beginnende bureau Powerhouse Company – het nieuwe, iconische station: een gigantische houten kap over het spoor.
De Willigen zoekt vaker samenwerking met jong talent. Enerzijds om hen ‘op weg te helpen’; jonge architecten kunnen door de eisen die bij aanbestedingen gesteld worden aan omzet en referenties moeilijk aan grotere opdrachten komen. Anderzijds omdat het bureau frisse ideeën kan gebruiken. Een win-winformule dus, die prijswinnende projecten oplevert, waaronder de basisschool Prins Constantijn in Leeuwarden, door DZH samen met Studio Nauta gerenoveerd.
In een interview met vakblad De Architect vertelt De Willigen over ‘een fout’ die hij in 2014 maakte bij de aanstelling van nieuwe bureaupartners. ‘We kozen alleen maar mannen. Terwijl je alle perspectieven nodig hebt om een goede leefomgeving te bouwen.’ In 2018 trekt hij alsnog een vrouw aan als ceo en bureaupartner: Ellen Schindler. Zij hervormt de zakelijke strategie en bureaucultuur, en profileert DZH als een bedrijf dat niet alleen ontwerpt, maar zich ook inzet voor een klimaat waarin architectuur kan bloeien.
De Willigen was al in 2011 begonnen met het bureaumagazine Out There, waarmee hij het debat over architectuur wil stimuleren. Schindler publiceert in 2022 de graphic novel Metro 010, over de geschiedenis en de toekomst van Rotterdam; de gemeente verspreidt het (gratis) boek als lesmateriaal op scholen. In adviserende rollen willen de bureaupartners hun kennis delen. Schindler zit sinds 2021 in de Raad voor Cultuur, bureaupartner Daan Zandbelt is tussen 2016 en 2020 rijksadviseur voor de fysieke leefomgeving, De Willigen is in die periode stadsbouwmeester van Groningen.
Onder zijn supervisie groeit Groningen uit tot een ‘voorbeeldige stad’, zoals het boekje heet dat hij bij zijn afscheid schrijft. Met een autovrij centrum en spraakmakende gebouwen als De Kunstwerf – het resultaat van een ontwerpprijsvraag die De Willigen organiseert – trekt de stad internationaal aandacht. Dat succes straalt ook af op DZH.
Als de BNA in 2023 in een bestuurlijke crisis belandt, nadat de voorzitter en directeur tegelijkertijd zijn gestopt, wordt De Willigen gevraagd als interim-voorzitter. Hij brengt rust in de tent en tekende afgelopen maart bij voor een jaar. Hij wil de positie van architecten verbeteren; die worden nauwelijks bij ruimtelijke vraagstukken betrokken. In een position paper aan de Tweede Kamer pleitte hij onlangs voor een bouwmeester in elke stad, die de opgaven voor woningbouw, klimaat en zorg bij elkaar brengt. ‘Een integrale aanpak is wat nu mist, daarom bouwen we nu 60- in plaats van de beoogde 100 duizend woningen per jaar’, stelt De Willigen.
Of hij doorgaat als BNA-voorzitter weet hij nog niet. De verkiezing tot Architect van het Jaar klinkt als een aanmoediging om te blijven.
3 × gebouwen door De Zwarte Hond
Station, Assen (2018). Een nieuw icoon voor Assen, ontworpen in samenwerking met Powerhouse Company.
Theater Zuidplein, Rotterdam (2020). Het gebouw moest een ‘huiskamer voor Rotterdam Zuid’ worden. De 3D-geprinte wanden van de grote zaal zijn ontwikkeld door Studio RAP.
Herontwikkeling Rode Weeshuisstraat, Groningen (2023). Appartementengebouw met een bijzondere keramische gevel en transformatie van het voormalige V&D-pand, ontworpen samen met architect Frank Loer.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant