Met opgestroopte mouwen wachtte hoofdredacteur Sytze van der Zee de redactie van Het Parool op, klaar om een krant te maken. Hij dankte er eind jaren tachtig zijn bijnaam aan: ‘Bulldozer van de Wibautstraat’. Van der Zee overleed op 85-jarige leeftijd.
Met Sytze van der Zee is dinsdagochtend een journalist van de oude stempel overleden. Van der Zee behoorde tot een generatie voor wie hard werken samenging met stoere verhalen, harde grappen, stevig drinken en nog steviger roken. In die tijd, tweede helft van de vorige eeuw, was de journalistiek bij uitstek een beroep voor mannen. Hij overleed op 85-jarige leeftijd aan longkanker.
Naam maakte Van der Zee vooral in de laatste fase van zijn leven met een lange reeks boeken. Daarin speelde de Tweede Wereldoorlog altijd een centrale rol. Het meest persoonlijk werd hij in Potgieterlaan 7. Daarin schreef hij over zijn jeugd in een gezin waarvan de ouders de kant van de Duitse bezetter hadden gekozen.
De ‘grootste klapper’, zoals hij dat zelf in NRC noemde, was een biografie van François van ’t Sant, een naaste medewerker van koningin Wilhelmina. Onder de titel Harer Majesteits trouwste onderdaan onthulde Van der Zee dat oorlogsheld Erik Hazelhoff Roelfzema vlak na de oorlog een staatsgreep wilde plegen. Het was een primeur die, tot zijn grote genoegen, veel ophef veroorzaakte.
Sytze van der Zee werd in 1939 geboren, een klein jaar voor de Duitse inval. De titel van het eerstgenoemde boek verwijst naar zijn adres in Hilversum. Zijn vader en moeder sloten zich al snel aan bij de NSB. Het maakte van hun zoon tot ver na de bevrijding een buitenbeentje. Potgieterlaan 7 werd daarom ook een pijnlijk zelfonderzoek.
Daarover vertelde Van der Zee zes jaar geleden in de Volkskrant: ‘Later zat ik in de klas bij de dochter van een Joodse man die had geholpen bij mijn vaders arrestatie. Toen ik dat thuis vertelde, begonnen mijn ouders op die man te schelden. Ik zei: ‘Als ik hem was, zou ik hetzelfde gedaan hebben’.
Na voltooiing van het gymnasium belandde Van der Zee in de journalistiek, zoals zijn oudere broer Henri dat al eerder deed bij De Telegraaf. Zelf begon hij zijn loopbaan bij het Nieuw Utrechts Dagblad. Echt furore maakte Van der Zee in dienst van het Algemeen Handelsblad, het huidige NRC. Hij was achtereenvolgens correspondent in Bonn, Brussel en Washington.
In 1988 werd hij bij Het Parool benoemd tot hoofdredacteur, eentje die veel van zijn ondergeschikten eiste en daarin zelf het goede voorbeeld gaf. ‘De bulldozer van de Wibautstraat’ luidde zijn bijnaam. In die Amsterdamse straat waren destijds de Volkskrant, Trouw en Het Parool gevestigd. Zijn nieuwe werkgever daalde in populariteit. Hem wachtte de taak die neergang te keren.
De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl
Elke ochtend zat Sytze van der Zee al vroeg met opgestroopte hemdsmouwen aan de zogenoemde middentafel, de machinekamer van de journalistiek. Een hoofdredacteur die zelf de productie leidde, dat sprak tot de verbeelding. Onder zijn leiding won Het Parool aan zelfvertrouwen en de neergang werd metterdaad gekeerd. Maar het aantal abonnees bleef daarna rond de honderdduizend hangen.
Ook om de kosten te drukken wilde de uitgever daarom Het Parool een meer plaatselijk karakter geven. Van der Zee verzette zich met hand en tand, maar kwam daarin steeds meer alleen te staan. In 1996 werd hij terzijde geschoven ten faveure van Matthijs van Nieuwkerk, zijn adjunct die wel brood zag in Amsterdamse nieuwsvoorziening.
In het interview met de Volkskrant, twintig jaar later, zei Van der Zee geen last te hebben gehad van verbittering. Liever dan macht uitoefenen, wilde hij er naar eigen zeggen over schrijven en dat heeft hij tot op het allerlaatst gedaan. In 2023 verscheen van zijn hand de biografie van Willi Lages, een in Nederland toonaangevende SS’er.
Twee maanden geleden kwam hij ongelukkig in het nieuws met een ingezonden brief in NRC. Daarin beklaagde hij zich over een nieuwe aanpak waarvoor hij de schuld legde bij de nieuwe hoofdredacteur Patricia Veldhuis. ‘Dat krijg je ervan als je een vrouw tot hoofdredacteur benoemt.’
Tragisch was dat zijn brief niet voor publicatie was bedoeld, maar door een misverstand toch in de krant belandde. Hoe pijnlijk ook, Veldhuis had geen spijt van publicatie. De brief stond volgens haar voor seksisme waarmee zij en vrouwelijke collega’s nog altijd kampen. ‘Dat mag best in de openbaarheid komen, zeker als het afkomstig is van iemand uit het vak’, liet ze in haar eigen krant optekenen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant