Home

Opinie: Beste journalisten, doe normaal over abortus. Zoals de rest van Nederland

Abortus is, anders dan vaak in de media gepresenteerd, niet controversieel en wordt bovendien breed geaccepteerd. Waarom blijven media dan toch steeds de (nep)controverse opzoeken?

Vorige week stelde interviewer Coen Verbraak in de radioshow De Publieke Tribune de vraag: ‘Je beviel (...) in een abortuskliniek?’

Een misplaatste vergelijking, want een abortus is geen bevalling. Is dit onwetendheid of stemmingmakerij?

Als ervaringsdeskundigen worden wij vaker door verschillende media benaderd voor interviews of achtergrondverhalen over abortus. Opvallend is dat de focus vaak ligt op dramatische, moreel beladen verhalen. Hoewel ook zeldzame verhalen aandacht verdienen, wordt veelal niet genoemd dat dit om een uitzondering gaat. Zo vroeg een meidenblad eens: ‘Hebben jullie een verhaal over iemand die gedwongen werd tot abortus?’

Daarbij wordt vaak gezocht naar iemand die tegen abortus is, zogenaamd voor het ‘evenwicht’. Begin dit jaar beweerde een arts in het AD onterecht dat abortus tot onvruchtbaarheid kan leiden, zonder factcheck. Hoe kunnen we zeggen dat abortus een normale, gerechtvaardigde zorgoptie is, als veel media bijgedragen aan het verspreiden van misinformatie en abortus telkens weer wordt geproblematiseerd?

Over de auteurs
Alina Chakh is jurist en consultant. Daarnaast is zij voorzitter bij Ava, de Nederlandse cliëntenbelangenorganisatie voor anticonceptie en abortus. Eva de Goeij is neurobioloog en expert seksuele gezondheid. Daarnaast is zij hoofdonderzoeker bij Ava, de Nederlandse cliëntenbelangenorganisatie voor anticonceptie en abortus.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Positief

Abortus is, anders dan vaak wordt voorgesteld, niet controversieel. De saaie (en geruststellende) waarheid is dat de meeste Nederlanders al jaren positief zijn over abortus. Slechts 5 procent van de bevolking staat uitgesproken negatief tegenover abortus. Daarbij is abortus een van de veiligste medische behandelingen die er bestaat, worden de meeste vrouwen gesteund door hun omgeving in hun keuze en kijken vrijwel alle vrouwen positief terug op hun besluit.

Als abortus zo breed wordt geaccepteerd, waarom dan toch steeds de (nep)controverse rond abortus opzoeken?

Deze (nep)controverse vindt haar oorsprong in de tijd dat de abortuswetgeving ontstond, toen Nederland verdeeld was over abortus. Abortus was vóór de komst van de wet verboden: het stond – en staat nog steeds – in het strafrecht. De abortuswet die in 1984 van kracht werd, was een politiek compromis, waarin abortus alleen onder strenge eisen werd toegestaan. Het werd dus geen ‘gewone’ zorg, en is dat juridisch nog steeds niet.

Bij het opstellen van de abortuswet stonden de behoeften en rechten van vrouwen niet centraal. Ironisch genoeg wordt deze wet nog steeds geprezen, terwijl deze zogenaamde strafbaar-tenzij-constructie vrouwen eerder beperkt dan ondersteunt. Voorstanders van de wet beweren dat deze vrouwen beschermt, terwijl de toenmalige premier Dries van Agt destijds helder was over zijn intenties: het wetsvoorstel bevatte ‘zo veel beperkende maatregelen’, zoals de onderliggende strafwet, dat van volledige legalisering ‘geen sprake was’.

Deze restricties − zoals het criterium van een ‘noodsituatie’ − wekken bij vrouwen gevoelens van schaamte, ontkennen hun autonomie en bestendigen het hardnekkige stigma rond abortus. Onderzoek toont aan dat dit stigma abortus voor vrouwen moreel kan belasten, ook wanneer het voor hen de juiste keuze is. Die wet was dus nooit bedoeld om vrouwen optimale abortuszorg te bieden, maar om tegenstanders tegemoet te komen.

Door die verouderde, vrouwonvriendelijke wet blijft het taboe rond abortus bestaan, terwijl de steun in Nederland juist toeneemt. Veel media spelen hierin een sleutelrol door moreel beladen invalshoeken te benadrukken, waardoor de tegenstelling wordt versterkt. Belangrijke vragen, zoals hoe we de reproductieve autonomie van vrouwen kunnen vergroten en de toegang tot zorg kunnen optimaliseren, worden vaak niet gesteld.

Radicale minderheid

Het wordt tijd dat media zich losmaken van dit verouderde frame. De Amerikaanse presidentsverkiezingen deze week laten zien hoe sterk abortus kan worden gepolitiseerd, met gruwelijke gevolgen voor vrouwen. Volgens de Amerikaanse auteur Jessica Valenti geeft de mythe van verdeeldheid over abortus een kleine groep conservatieven meer invloed dan zij horen te hebben. Als we echt beseffen hoe groot de steun is voor abortusrechten, dan zouden we inzien dat slechts een radicale minderheid beperkingen wil of oplegt die niet overeenkomen met de wensen van de samenleving. Willen media echt meegaan in de koers die deze kleine anti-abortusgroep hun voorschrijft?

Deze boodschap is ook relevant voor Nederland. Onder kiezers van vrijwel elke partij, van GroenLinks-PvdA tot NSC en FvD, is er brede steun voor abortus. Let wel, dus óók bij de achterban van partijen die zich negatief uiten over dit onderwerp. Toch wordt er nauwelijks aandacht besteed aan deze discrepantie. Die informatie zou politieke partijen kunnen stimuleren de achterhaalde abortuswetgeving vrouwvriendelijker te maken.

Door een beeld van diepe tegenstellingen te blijven herhalen, worden de werkelijke opvattingen van de samenleving over abortus genegeerd. Dus journalisten, presenteer abortus zoals het is: een normaal en essentieel onderdeel van de gezondheidszorg dat vrouwen in staat stelt volwaardig deel te nemen aan de samenleving. Maak van abortus geen drama. Doe normaal over abortus, zoals de rest van Nederland.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next