In Spanje slaat de wanhoop om in woede na de watersnoodramp in Valencia. Tijdens een bezoek aan het rampgebied werden het Spaanse koningspaar, premier Pedro Sánchez en de Valenciaanse regiopresident Carlos Mazón bekogeld met modder en objecten.
is correspondent Spanje, Portugal en Marokko van de Volkskrant. Hij woont in Madrid.
‘Asesinos, moordenaars’, riepen inwoners van het zwaar getroffen Paiporta terwijl ze het koninklijk paar en de twee politici bekogelden. Het bezoek was bedoeld om de inwoners een hart onder de riem te steken, maar viel volledig verkeerd in Paiporta, waar zeker tientallen mensen om het leven kwamen door de apocalyptische overstromingen.
Vrijwel meteen na het uitbreken van de onrust werden premier Sánchez en regiopresident Mazón in veiligheid gebracht door de massaal aanwezige politie. Koning Felipe VI en koningin Letizia bleven nog enige tijd en gingen in gesprek met de ontredderde bewoners.
Op beelden van de Spaanse tv is te zien hoe Felipe enkele inwoners troost en hen omhelst. Letizia, huilend en met modder op haar gezicht, moet op haar beurt zelf tot bedaren worden gebracht door omstanders. ‘Het is niet vanwege jullie’, zegt een van hen tegen haar. Naast de koningin staat een beveiliger met een bebloed gelaat.
Twitter bericht wordt geladen...
De woede, niet alleen in Valencia maar ook in de rest van Spanje, is vooral gericht op de regiopresident, Carlos Mazón. Zijn regioregering is er volgens velen verantwoordelijk voor dat het dodental, dat inmiddels op 210 staat, zo hoog is uitgevallen.
Onder Mazóns leiding werd het noodsignaal dat de bevolking moest waarschuwen voor het noodweer pas verstuurd toen de eerste Valencianen al door de modderstroom werden meegesleurd. Ook kwam de hulp van de reddingsdiensten, die in het decentraal bestuurde Spanje niet vanuit Madrid maar door Valencia zelf wordt gecoördineerd, tergend langzaam op gang.
Pas zaterdag, vijf dagen na het uitbreken van de ramp, vroeg Mazón het leger om de inzet van nog eens vijfduizend militairen, die zich inmiddels hebben gevoegd bij de tweeduizend die al in het gebied actief waren. Op dat moment was al dagen duidelijk dat de noodhulp tekortschoot. Een Franse brandweerman, afgereisd naar Valencia om verlichting te bieden, toonde vrijdagmiddag zijn verbazing toen hij in een straat in het overstroomde Alfafar hoorde dat hij de eerste hulpverlener ter plekke was.
Twitter bericht wordt geladen...
Hoe kan het in hemelsnaam zijn, vroeg in het weekend ook de krant El Mundo zich af, dat de noodhulp ‘in de vierde economie van de EU, een ontwikkeld land en een volwaardige democratie’ zo traag van de grond is gekomen? Niet alleen Valencia, maar ook de staat is kopje onder gegaan in deze rampzalige dagen, concludeerde de krant.
Als gevolg van de onvrede klinkt steeds harder de oproep aan premier Sánchez om de teugels van Mazón over te nemen. Dat zou hij kunnen doen door de noodtoestand uit te roepen.
Zelf houdt Sánchez de boot vooralsnog af. ‘De Valenciaanse autoriteiten kennen het terrein beter dan wie dan ook’, zei de premier zaterdag in een toespraak aan de natie. ‘Als ze meer middelen nodig hebben, hoeven ze daar maar om te vragen.’
Intussen groeit de ongerustheid over hoeveel doden er zullen volgen. De Valenciaanse en landelijke regering publiceren geen cijfers over het aantal vermisten. Dat voedt de vrees dat het dodental de komende week over de kop zal gaan.
In het rampgebied staan ondergrondse parkeergarages met duizenden plaatsen nog altijd onder water. Niemand weet hoeveel slachtoffers zich daar binnen bevinden. Vrijdag stelde de nieuwswebsite ElDiario.es dat Valencia zou werken met een lijst van 1.900 vermisten, maar dat getal werd onmiddellijk tegengesproken door de autoriteiten.
Vanuit Madrid wordt ontkend dat er informatie zou worden achtergehouden. ‘Dat zou nergens op slaan’, schreef zondag Óscar Puente, de minister van Transport die als praktisch de enige Spaanse politicus lof krijgt voor zijn daadkrachtige optreden sinds de ramp. ‘Wat men weet, wordt gecommuniceerd. De dood van mensen is een onderwerp dat te serieus is om er maar over te gaan speculeren.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant