Home

Hedwigepolder bloeit als moddervlakte: 'Wat een wolken vogels!'

Twee jaar geleden stroomde het eerste water van de Westerschelde de Hedwigepolder in. Na jarenlange discussies werd het gebied teruggegeven aan zee. Inmiddels stikt het er van de vogels en ecologen zijn blij met de ontwikkelingen.

Flots, flots, flots, klinkt het als het slik van de Hedwigepolder aan de laarzen trekt. Of polder, dat is het niet meer. Sinds twee jaar geleden de dijken volledig waren weggehaald, stroomt het water van de Westerschelde elke vloed over de voormalige akkers.

Dat water neemt slib mee en als het water tijdens eb weer terugstroomt, blijft het slib liggen. Twee jaar na de ontpoldering lijkt de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen een grote moddervlakte van 500 hectare (zo'n duizend voetbalvelden).

Maar als je iets beter kijkt, zie je in de verte duizenden stipjes op vlakte de staan. Het zijn bergeenden, goudplevieren, wulpen, bonte strandlopers. "Kijk eens wat een wolken vogels", roept Wannes Castelijns vol bewondering als de duizenden vogels opvliegen. Hij is hoofd Ecologie, Landschap en Erfgoed bij het Zeeuwse Landschap, dat de polder beheert.

Dat de vogels massaal voedsel zoeken op het slik is goed te zien aan de afdrukken van hun pootjes.

De modder zit barstensvol voedsel voor de duizenden vogels. Uit onderzoek is gebleken dat in de bodem van sommige stukken van de Hedwigepolder dertienduizend wadkreeftjes per vierkante meter zitten. Vorige week werden er op één moment 4.500 wintertalingen geteld. En tijdens een eerdere telling zaten er ook al zevenduizend bergeenden in het gebied.

"Geweldig!", roept Castelijns ineens als hij door zijn verrekijker het gebied afspeurt. "Het zit daar helemaal vol met smienten en krakeenden. Fantastisch!" Hij wijst naar een geul die honderden meters van de Westerschelde is verwijderd.

De vogelsoorten in het gebied vlak bij de haven van Antwerpen zijn geen erg opvallende soorten. Toch is het belangrijk dat de Hedwigepolder is teruggegeven aan de zee, zegt Sonja Weeda van Vogelbescherming Nederland.

"Juist die soorten die veel mensen niet zo bijzonder vinden, staan onder druk", vertelt ze. "Door de Deltawerken zijn we al 40.000 hectare van dit soort natuur verloren in de zuidwestelijke delta van ons land. En dat proces is nog steeds in volle gang. Daarom is het twee jaar geleden zo'n belangrijke stap geweest."

Het ontpolderen van de Hedwigepolder ging niet zonder slag of stoot. Al in 2005 werd afgesproken dat de Westerschelde vrij spel zou krijgen. Toen groeiden er nog tarwe, aardappelen en bieten op. Dat zag er toen zo uit.

Grond teruggeven aan zee, dat was tegen het zere been van veel Zeeuwen. Er is zo lang geknokt om het water tegen te houden en dan gaat het ook nog eens om vruchtbare grond, was de gedachte.

Toch werd na lang juridisch gesteggel twee jaar geleden het laatste stukje dijk van de Hedwigepolder afgegraven. De verdieping van de Westerschelde moest worden gecompenseerd met natuur.

Die verdieping was nodig om de Antwerpse haven via de zeearm bereikbaar te houden voor de almaar groeiende schepen. Dat die haven vlak bij de Hedwigepolder ligt, is te zien op de afbeelding hieronder.

Niet alleen steltlopers en eendensoorten profiteren van het nieuwe gebied, maar ook verschillende vissoorten. Baars, bot, brakwatergrondel, paling en sprot werden er al aangetroffen. En dat trekt weer soorten als kleine zilverreiger en lepelaar.

De honderden hectares slib breken via chemische reacties ook stikstofverbindingen af. En het slaat ook koolstof op, legt Jim van Belzen uit. Hij is kustecoloog bij het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) en Wageningen Marine Research (WMR). "Daarmee zijn dit soort ecosystemen heel belangrijk voor de waterkwaliteit", vertelt hij.

Inmiddels groeien ook de eerste planten weer op de moddervlakte. Het zijn zeeaster en nopjeswier. Pionierssoorten die zich op dit soort open plekken waar ook zout water stroomt als eerste vestigen.

De komende tientallen jaren zullen daar steeds meer plantensoorten bij komen, weet Van Belzen. Zeker als het gebied steeds hoger komt te liggen door het aangevoerde slib en het zoute water er daardoor moeilijker bij komt.

Uiteindelijk gaat de Hedwigepolder lijken op het naastgelegen Verdronken Land van Saeftinghe. Dat loopt qua ontwikkeling meer dan honderd jaar voor op de Hedwigepolder.

Op een luchtfoto, zoals die hieronder, is het verschil tussen beide gebieden goed te zien. In het Verdronken Land van Saeftinghe (links) heeft de Westerschelde een netwerk van geulen getrokken. In de Hedwigepolder (rechts) zijn nog maar heel voorzichtig die contouren te zien.

Castelijns tuurt nog maar eens door zijn verrekijker. Boven hem vliegen luid roepend honderden brandganzen. Hij kijkt naar een paal die honderden meters verderop staat. Nu zit er een zwarte kraai op, maar de ecoloog hoopt dat er snel zeearenden op gaan broeden.

Nog niet alle soorten waar Castelijns op hoopt hebben het gebied gevonden. "Maar we kunnen nu al wel zeggen dat het echt effect heeft om dit soort natuur aan te leggen."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next