Home

Misschien hebben alle excentrieke mensen sinds 1975 de kunst afgekeken bij deze twee vrouwen

In een klein bioscoopje waar ik al decennia niet was geweest, bleek de film Grey Gardens te draaien. Grey Gardens is een klassiek geworden documentaire over een aan lager wal geraakte moeder en dochter, allebei genaamd Edie, die in een prachtig huis in de Hamptons wonen en nabije familie zijn van Jackie Onassis.

Ik ben dol op adel-achtigen in verval – er zijn er ook zo veel van, heb ik altijd het gevoel – dus ging naar de bioscoop.

De film stamt uit mijn geboortejaar en is dus erg oud. Hij voldeed aan alle verwachtingen die ik had: verval, gestoorde moeder-dochterrelatie, excentriciteit, zeer vies huishouden, veel katten en kattenvoer dat niet in bakjes, maar rechtstreeks op de houten vloer gedeponeerd werd.

Hoewel ik snel vies ben van dingen, trok ik deze gorigheid prima – op één close-up van de blote voet van de moeder na –, want de vervuiling was zeer esthetisch in beeld gebracht en in je achterhoofd wist je dat Edie en Edie uit een zeer rijke familie kwamen, dus dat het leven in zooi en op blikjes tonijn misschien meer een lifestylekeuze was dan een noodzaak.

De twee vrouwen deden alles wat je verwacht van een moeder en dochter die ooit mooi, rijk en veelbelovend waren, of in ieder geval rijk en mooi: ze zongen met een rare stem mee met Tea for Two, lagen een groot deel van de tijd in bed of dansten experimenteel door de kamer en er werden aanhoudend hoofddoeken met broches erop gedragen. Ook werd er veel voorgelezen uit obscure boeken over sterrenbeelden, met een gigantische loep.

Het leek haast alsof ze het erom deden. Excentriek zijn uit het excentriek-handboek. Of misschien hebben alle excentrieke mensen ter wereld sinds deze film uit 1975 de kunst afgekeken bij deze twee vrouwen.

Dit alles werd afgewisseld met shots van hun vele katten, die de twee dingen uitstraalden die katten altijd uitstralen, maar die in deze context bijzonder goed klopten: puur dedain en pure onverschilligheid. Godzijdank, dacht ik, dat ze geen honden waren, want katten redden zichzelf altijd wel. Als er op gezette tijden een berg natvoer op de grond geleegd wordt, vinden ze alles best.

Het fijne aan een film als deze, en excentriekelingen als deze, is dat je jezelf ongelofelijk goed op orde vindt, zonder dat het ten koste gaat van een ander, want deze twee vrouwen hadden ervoor gekozen om met blikjes tonijn in een landhuis te wonen, en ze zijn bovendien allang dood.

Ik fietste naar huis, ging in mijn frisse bed liggen, waarin geen vlooien, halflege borden en oude kranten lagen, en viel tevreden met mezelf in slaap. Al was mijn laatste wakkere gedachte wel: ik moet een of meerdere katten.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next