Melkveehouderij en natuur: het lijkt een onhoudbare combinatie. Maar in een fabriek in Ommen wordt sinds kort ‘eerlijke’ zuivel gemaakt van melk uit natuurgebieden. ‘We moeten die melkveehouders helpen verduurzamen.’
is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over landbouw en voedsel.
Zuivelfabriek ‘De Vechtstreek’ in Ommen lijkt op het eerste gezicht een zuivelfabriek als vele andere. De schoorsteen van het ruim honderd jaar oude bakstenen gebouw reikt naar het grauwe wolkendek. Een tankwagen komt rauwe melk afleveren op het fabrieksplein. Bij de ingang staat een bord van Ausnutria, een fabrikant van kindervoeding op basis van geitenmelk.
Maar Ausnutria is niet langer de eigenaar van deze fabriek. Dat is het bedrijf ikwileerlijkezuivel.nl, dat op de eigen website een ‘disruptieve uitwerking op de zuivelmarkt’ aankondigt.
Die ontwrichting is geen doel op zichzelf, maar is wel nodig, zegt algemeen directeur Rik Hoogenberg. ‘Het gaat er uiteindelijk om dat we met elkaar een transitie maken en die melkveehouders helpen verduurzamen’, zegt hij in een vergaderruimte waar een van de muren nog volledig in beslag wordt genomen door een foto van drie geiten. ‘Als dat even wat irritatie oplevert, het zij zo.’
Zelf is Hoogenberg een nieuwkomer in de zuivelbranche. De voormalige IT-ondernemer woont op het Twentse platteland, omringd door melkveehouders en natuurgebieden. ‘Ik ga wel eens mee op jacht, dan hoor je hoe lastig het is voor boeren in natuurgebieden. En ik zie ook dat het in alle opzichten steeds slechter gaat met de natuur, dat we haast moeten maken.’
Ikwileerlijkezuivel.nl richt zich op melkveehouders in en rondom Natura2000-gebieden, omdat zij een sleutelrol spelen in het stikstofprobleem. Door hen een opslag te bieden op de melkprijs voor duurzaamheidsprestaties, hoopt Hoogenberg ze aan te sporen een stapje extra te zetten. Omdat de neerslag van ammoniak dicht bij de uitstootbron het hoogst is, is juist rondom natuurgebieden veel winst te behalen.
De melkveehouders in die gebieden lopen bovendien een aanzienlijk risico in de problemen te komen door rechtszaken van milieuorganisaties. De verduurzaming zou hun positie moeten verstevigen.
De boerenerven in Hoogenbergs omgeving zijn vaak honderden jaren oud en zijn in veel gevallen al generaties lang in de familie. Hij hoopt dat ze behouden blijven voor volgende generaties, net als de natuurgebieden.
De prestaties van de melkveehouders worden gemeten naar dertien factoren, van het aantal uren weidegang en de ammoniakuitstoot per hectare, tot het aandeel kruidenrijk grasland en de aanwezigheid van heggen, sloten en andere landschapselementen.
Melkveehouders vullen die gegevens zelf in. Hoogenberg erkent dat een vergelijkbaar systeem, de kringloopwijzer, ook bekendstaat onder de naam ‘sjoemelwijzer’. Maar, zegt hij, ‘het is op dit moment het beste wat er is. Uiteindelijk wil je meten met sensoren en satellieten.’
Op basis van de gegevens krijgt een melkveehouder de beoordeling brons, zilver, goud of platina. Dat vertaalt zich naar een opslag van 3 tot 12 cent per liter melk bovenop de toonaangevende garantieprijs van FrieslandCampina, momenteel zo’n 52 cent per liter.
Dat maakt overstappen en verduurzamen al snel aantrekkelijk. 208 melkveehouders staan inmiddels op de wachtlijst van ikwileerlijkezuivel.nl. Sinds oktober verwerkt het bedrijf in Ommen de melk van acht boerderijen. Twee van hen zitten in brons, vier in zilver en twee zelfs al in goud. ‘Dat is heel mooi, want hun kennis kunnen we delen’, zegt Hoogenberg. ‘Er zijn biologische boeren, of boeren die zijn aangesloten bij On the Way to PlanetProof (een onafhankelijk duurzaamheidskeurmerk, red.) die geen zilver halen.’
De fabriek in Ommen kon ikwileerlijkezuivel.nl kopen dankzij private investeerders, financiering door provincies, en leningen. Net als buiten de fabriek is er binnen nog weinig veranderd sinds de productie begin deze maand begon: door de gigantische stalen vaten en buizen stroomt vooral geitenmelk die in opdracht van Ausnutria wordt verwerkt tot kindervoeding.
De melk uit natuurgebieden wil het bedrijf gaan verwerken tot Griekse yoghurt voor het huismerk van Superunie, de inkooporganisatie van onder meer Plus, Spar en Dirk. Jaarlijks gaat het om 11 miljoen kilo melk. Stapsgewijs wil het bedrijf de fabriekscapaciteit van 100 miljoen vullen. De eerste ‘eerlijke’ yoghurt moet in februari in de schappen liggen, maar zal in niets te onderscheiden zijn van het reguliere huismerkproduct.
Hoe kan Hoogenberg zijn melkveehouders dan toch die verduurzamingsopslag betalen? ‘Supermarkten betalen nu al vijf cent extra voor PlanetProof en andere keurmerken. Dat percentage hebben ze ons ook beloofd’, zegt Hoogenberg.
Daarnaast hebben ze hun eigen productieproces gestroomlijnd. ‘Eigenlijk net als Tesla: zo eenvoudig mogelijk. We hebben één melkstroom, geen tien zoals grote fabrieken, en één product, Griekse yoghurt. Dat doen we in emmertjes van een kilo en that’s it.’ Omdat ze leveren onder een huismerk zijn er geen kosten voor marketing of productontwikkeling.
Het idee achter ikwileerlijkezuivel.nl past bij de ‘gebiedsgerichte aanpak’ waar provincies al een paar jaar aan werken. Daarin maakten ze plannen om natuur-, water- en klimaatdoelen te halen. In en rondom natuurgebieden zou gewerkt worden aan verlaging van de milieudruk van de landbouw. Maar in september zette minister van Landbouw Femke Wiersma (BBB) een streep door de plannen en het bijbehorende fonds van 24,3 miljard euro.
De milieudoelen staan nog steeds overeind, constateert Hoogenberg. ‘En de tijd om ze te halen wordt steeds korter. Dat zien melkveehouders ook. Het vertrouwen in de politiek is niet zo groot meer.’
Hoogenberg wil dat melkveehouders het heft in eigen hand nemen. ‘Ze worden nu gezien als onderdeel van een probleem. Wij zeggen: ‘Je bent ook rentmeester van de mooiste gronden die we hebben, die we moeten beschermen. Je kunt onderdeel zijn van de oplossing.’’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant