Home

Na honderd jaar zijn deze dieren weg uit Nederland

Hoe is de afname van biodiversiteit te stoppen? Daar wordt deze weken over gesproken op een top in Colombia. Ook in Nederland neemt het aantal soorten af. Vijf diersoorten die de afgelopen eeuw uit ons land zijn verdwenen.

De afgelopen honderd jaar zijn talloze diersoorten uit Nederland verdwenen. Alleen al aan vlindersoorten raakten we er vijftien kwijt. Onderstaande soorten vormen een greep uit het biodiversiteitsverlies in ons land.

Maaimachines maakten in 2020 grotendeels een einde aan het leefgebied van het donker pimpernelblauwtje. En het ging al niet goed met de vlinder.

In de jaren zestig en zeventig leefde het donker pimpernelblauwtje nog op meerdere plekken in Brabant en Limburg. Maar zoals aan de grafiek hieronder is te zien: het aantal donkere pimpernelblauwtjes kelderde in een aantal decennia enorm.

Tijdens het maai-incident leefden ze nog maar op één plek: een wegberm in het Limburgse Posterholt. De klap van vier jaar geleden zijn de vlinders eigenlijk nooit te boven gekomen. Vorig jaar werden er nog vijf donkere pimpernelblauwtjes in Posterholt gezien, maar afgelopen zomer geen een.

We blijven in Limburg, want tot 1984 kwam in het zuiden van de provincie de kleine hoefijzerneus voor. De vleermuis gebruikte in Nederland oude gebouwen als kerken en kloosters om te slapen. Jagen deed hij in de bossen.

De kleine hoefijzerneus verdween uit ons land door meerdere factoren. Erik Broer van de Zoogdiervereniging noemt pesticidengebruik, het dichten van kieren en gaten in gebouwen, lichtvervuiling en versnippering als oorzaken.

"Een verlichte weg tussen slaapplaats en jachtgebied kan een enorme barrière zijn voor vleermuizen", legt Broer uit. "Als we herstellen wat we afgelopen decennia hebben verwaarloosd, dan acht ik de kans aannemelijk dat ze terugkeren."

Dat geldt ook voor zijn grote broer, de grote hoefijzerneus, die ook in de jaren tachtig uit Nederland verdween. En waarom ze hoefijzerneuzen heten? Dat blijkt wel uit de foto hieronder.

In de duinen van West-Nederland broedde tot eind jaren vijftig de griel. Begin vorige eeuw broedden tientallen paren in de duinen, maar door veranderingen in de omgeving verdween de steltloper met de opvallende felgele ogen.

Doordat in de duinen steeds meer bos kwam, verdwenen open zandplekken. En daar broedt de griel juist graag. Ook de toenemende recreatie in de duinen deed de vogel geen goed.

Tijdens de trektijd wordt de vogel nog weleens gezien, maar dat gaat dan om doortrekkende individuen. Overigens is de griel niet de enige soort die als broedvogel uit Nederland is verdwenen. Onder meer de klapekster, duinpieper en ortolaan brengen hier geen jongen meer groot.

Ooit zwom in de Nederlandse rivieren de meterslange Europese steur. Maar door steeds viezer water, overbevissing en barrières als sluizen en dammen is de steur sinds 1953 uit Nederland verdwenen.

Een volwassen steur is met zijn 5 meter en woeste kop enorm imposant. Maar gevaarlijk voor mensen is de vis niet. "Een steur heeft geen tanden en eet visjes of krabbetjes van de bodem", zegt Maarten Bruns, visonderzoeker bij RAVON.

Er wordt geprobeerd om de steur terug te krijgen in de Nederlandse wateren. Meer daarover kun je lezen in het verhaal hieronder. Er zijn wel wat flinke hobbels. "We richten ons op na 2030 om de steur te herintroduceren", vertelt Bruns.

De grote ijsvogelvlinder (foto hieronder) vliegt sinds 1972 niet meer in Nederland. Het is niet helemaal duidelijk wat daarvan de oorzaak is. De grote ijsvogelvlinder was de grootste vlinder van Nederland.

In Nederland kwamen honderd jaar geleden vijftien vlindersoorten meer voor dan nu het geval is. Het aantal insecten is de afgelopen decennia met 75 procent afgenomen. Dat is een zorgwekkende ontwikkeling.

Veel dier- en plantensoorten hebben elkaar nodig om te kunnen blijven leven. En uiteindelijk zorgen al die soorten (biodiversiteit) voor onder meer schoon water, een schone lucht en bestuiving van planten. En dan lijkt het misschien niet veel uit te maken dat we dat ene zeldzame vlindertje missen, maar je weet nooit hoeveel kaarten je uit een kaartenhuis kunt trekken voor het instort.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next