In tien jaar is Videoland uitgegroeid tot de grootste Nederlandse streamingdienst na Netflix, door een mix van eigen dramaseries, ‘bikini-reality’ en het vroegtijdig uitzenden van hitseries als B&B vol liefde en Gooische vrouwen. Nu hebben zelfs gelauwerde tv-makers als Thomas Erdbrink en Danny Ghosen zich aan de dienst verbonden.
is tv-recensent voor de Volkskrant.
Zondag startte het langverwachte zesde seizoen van Gooische vrouwen. Niet op SBS 6, wat je bij een Talpa-productie wellicht zou verwachten, maar op streamingdienst Videoland, waar de serie twee weken eerder is te zien dan op televisie. Op het moment dat de serie op zondag 10 november de tv-première beleeft, staan de eerste drie afleveringen al lang online.
Kijkcijferkenner en voormalig SBS-programmadirecteur Tina Nijkamp verwonderde zich op haar Instagramkanaal eerder al meermaals over die strategie. Telefonisch licht ze toe: ‘SBS loopt enorm achter de feiten aan, want dit is natuurlijk een prestigeproject: een comeback van een zeer geliefde serie. Ik denk dat iemand bij SBS heeft liggen slapen tijdens de onderhandelingen over het moment van uitzenden, want daardoor lijkt het nu alsof SBS een serie van Videoland (en dus RTL) herhaalt. Heel bijzonder.’
De ‘uitzendvoorsprong’ van Videoland is tekenend voor de veranderende machtsverhoudingen. Wat ooit exclusief was voorbehouden aan klassieke tv-zenders is nu een stuk dynamischer geworden. Neem bijvoorbeeld kijkcijferhit B&B vol liefde: met ruim een miljoen kijkers is de serie een televisiesucces, maar wie er écht op tijd bij wil zijn, kijkt de afleveringen alvast een week vooruit op Videoland.
Hebben de streamingdiensten daarmee de macht van de tv-zenders overgenomen? Dat hoeft niet per se, volgens formatontwikkelaar en podcastmaker Kirsten Jan van Nieuwenhuijzen, die in zijn podcast Content Wars de ontwikkelingen in tv- en streamingland analyseert. ‘Uiteindelijk kan zo’n samenwerking, ook tussen Videoland en SBS, meer kijkers opleveren, waardoor het totale bereik groeit. Dat is voor adverteerders enorm interessant. Maar RTL en Videoland hebben daarin echt een voorsprong: SBS heeft de boot gemist, omdat zij het tien jaar geleden niet aandurfden om flink te investeren in een eigen streamingdienst. Ze hadden Gooische vrouwen natuurlijk veel liever willen uitzenden op hun eigen platform.’
Het is nu ruim tien jaar geleden dat RTL de laatste overblijfselen van de uitstervende videotheekketen Videoland overnam. Het waren de jaren waarin Netflix de streamingrevolutie in gang zette met ‘bingewaardige’ series als House of Cards, en dat leidde tot een periode waarin ook RTL meer wilde experimenteren met ‘on demand’.
RTL gebruikte Videoland vanaf 2014 in eerste instantie als platform waar tv-programma’s konden worden bekeken nog voordat ze werden uitgezonden. Over de naam werd lang nagedacht, want deed Videoland niet te veel denken aan ouderwetse videobanden en te weinig aan de toekomst van het kijken? Uiteindelijk werd gekozen voor de naamsbekendheid en in 2015 lanceerde Videoland de eerste ‘Original-serie’: Zwarte Tulp, over twee families met rivaliserende tulpenbedrijven.
In de jaren daarna bouwde Videoland de portefeuille langzaam uit. De streamingdienst investeerde in eigen dramaseries, documentaires over spraakmakende artiesten als Famke Louise en André Hazes jr. en trok een jong publiek met het (vroegtijdig) uitzenden van populaire programma’s als Temptation Island. De grootste klapper volgde vanaf 2018, toen Videoland begon met het uitzenden van Mocro Maffia. De serie werd een enorme hit en bleek een springplank voor allerlei nieuwe makers en acteurs. Begin november dit jaar komt de serie, na zes seizoenen, definitief tot een einde.
Dat investeren in eigen drama loont, bleek eerder dit jaar ook uit het succes van dramaserie Máxima, die inmiddels is verkocht aan zo’n vijftig landen. Van Nieuwenhuijzen: ‘Wat Videoland goed deed bij Máxima is dat ze heel internationaal hebben gedacht. Los van het onderwerp – koningshuizen spreken wereldwijd enorm aan – hebben ze ook veel gedraaid op buitenlandse locaties, met acteurs uit verschillende landen én veel scènes in het Spaans en Engels. Zo creëer je iets aansprekends voor talloze landen.’
Het succes van eigen dramaseries, populaire realityseries en de mogelijkheid om een programma als B&B vol liefde vooruit te kijken, leiden tot steeds grotere ambities. Met bijna anderhalf miljoen betalende abonnees is Videoland na Netflix de grootste streamingdienst in Nederland, en Videoland wil doorgroeien naar nummer 1. Chief marketing officer Ellen van den Berghe tijdens het RTL Content Event in september: ‘Onze grootste droom is dat iedereen in Nederland een beetje verliefd wordt op Videoland.’
Naast het ontvouwen van de plannen voor nieuwe dramaseries, datingshows en een exclusieve samenwerking met de populaire makers van YouTubekanaal StukTV gebeurde er tijdens die presentatie nóg iets opvallends: Videoland kondigde aan exclusieve samenwerkingen aan te gaan met gelauwerde documentairemakers als Thomas Erdbrink en Danny Ghosen.
Vooral de overstap van Erdbrink – die zich voor twee jaar exclusief verbindt aan Videoland – is opvallend, aangezien hij met zijn VPRO-series Onze man in Teheran en Onze man bij de Taliban tweemaal de Zilveren Nipkowschijf won. Voor Erdbrink kwam de overstap naar Videoland op het juiste moment, vertelt hij aan de telefoon: ‘Als maker hoor je het liefst: je kunt iets gaan maken, en dan komen we er wel uit. Maar binnen de NPO en de VPRO was er altijd een nieuwe reden waarom het niet doorging: ik ben wel twintig keer op en neer geweest. Het leek alsof er te weinig bezieling was, en het niet belangrijk genoeg was.’
Hij vervolgt: ‘Toen hebben we maar een hengeltje uitgegooid bij andere partijen. Videoland was enthousiast en gaf vrij snel aan: je mag drie series gaan maken, je hebt journalistieke vrijheid en we gaan niet elk stapje in het proces controleren. Binnen de NPO ben je toch meer aan het vergaderen en zitten er allerlei mensen bovenop. Ik denk dat er op die manier behoorlijk wat programmamakers verstrikt raken in de bureaucratie.’ (De hoofdredactie van de VPRO voelt geen behoefte om te reageren op het vertrek van Erdbrink.)
Van Nieuwenhuijzen noemt het logisch dat Videoland na reality, BN’er-documentaires en dramaseries nu ook investeert in meer journalistieke producties: ‘Prestige speelt hier een rol: diensten als Videoland vinden het interessant om hooggewaardeerde content te hebben, waarmee ze prijzen kunnen winnen. En een zo breed mogelijk publiek is ook voor adverteerders interessant. Die willen in alle doelgroepen en sociale klassen kijkers hebben.’
Nijkamp: ‘Videoland is heel groot geworden met ‘bikini-reality’, programma’s als Temptation Island, waarmee ze de jongere doelgroep aan zich hebben gebonden. Die is nu wel verzadigd en dus is het logisch dat ze zich nu ook een wat serieuzere kant op bewegen.’
Erdbrink noemt de nieuwe strategie van Videoland ook ‘een kwestie van durf’. ‘Videoland wil in tegenstelling tot veel andere streamingdiensten betalen voor journalistiek. Het is natuurlijk makkelijk om allerlei buitenlandse truecrimeseries aan te kopen, maar het is veel moeilijker om te investeren in eigen journalistiek. Streamingdiensten willen een zo divers mogelijk aanbod, maar journalistiek is duur, gevaarlijk en moeilijk, waardoor ze het vaak liever links laten liggen.
‘Kijk maar naar Netflix: die hebben nauwelijks goede journalistieke documentaires, omdat ze in hun broek poepen voor reputatieschade. Als je documentaires maakt over gevoelige onderwerpen kan dat ook leiden tot kritiek, of mensen die het niet eens zijn met de manier waarop je een beeld van bijvoorbeeld een land of groep mensen probeert te schetsen. Videoland begrijpt volgens mij goed dat kijkers in die zin juist ook iets meer authentieks willen.’
Dat laatste is ook wat Van den Berghe aangaf op het RTL Content Event, toen ze sprak over de nieuwe producties van Videoland: ‘Tien jaar geleden kozen we ervoor om te investeren in de beste lokale verhalen, zoals Máxima en Mocro Maffia. Deze verhalen zijn groot, talk of the town en herkenbaar. We blijven pionieren en dromen groot, met als doel een langdurige relatie op te bouwen met onze fans en de nummer 1-plek in hun harten te veroveren.’
Met die strategie wil Videoland zo veel mogelijk diverse kijkersgroepen bereiken: van de vooruitkijkers van B&B vol liefde en Gooische vrouwen tot de liefhebbers van het werk van makers als Erdbrink, die hoopt dat hij met zijn series ook weer een heel nieuw publiek kan aanboren. Dat Erdbrink daarvoor de publieke omroep moest verlaten, voelt inmiddels steeds logischer: ‘Ik ben echt een publiekeomroepjongen: ik heb er jarenlang gewerkt als journalist en mijn televisiesuccessen beleefd, maar ik ben ook steeds meer gaan geloven in streaming, omdat er veel meer ruimte en veelzijdigheid is, en Videoland echt wil investeren.’
Hoewel Videoland de ambitie heeft om marktleider Netflix in te halen, zitten er volgens Van Nieuwenhuijzen wel degelijk grenzen aan de potentiële groei: ‘Het gevaar komt voor Videoland vooral vanuit de achterhoede, nu Amazon en Disney steeds meer investeren in Nederlandse producties. Disney investeert met Nemesis nu ook in Nederlandse dramaseries en ook Netflix komt bijvoorbeeld met de dramaserie Amsterdam Empire met Famke Janssen en een realityserie met Yolanthe Cabau. Ik denk dat het echt projecten zijn die Videoland óók graag had willen hebben. Steeds meer streamingdiensten azen op de Nederlandse kijker, en voortdurend nieuwe content maken kost gewoon heel veel geld. Er zit uiteindelijk een limiet aan de hoeveelheid nieuwe abonnees die je kunt blijven binnenhalen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant