Home

Voor de coalitie waarin NSC’ers zijn opgesloten is het ­buitenland een hinderlijk vlekje op het tafelblad

De mensen die zich vol vuur aansloten bij Nieuw Sociaal Contract – de instroom van sollicitanten voor een plek op de lijst was schier onbeheersbaar, ruim 2.400 mensen voelden zich geroepen, negentien uitverkorenen haalden samen met Pieter Omtzigt euforisch de bankjes van de Tweede Kamer – deden dat omdat ze dachten dat het beter moest en kon. Dat denken mensen die iets nieuws beginnen altijd, dat ze het beter weten en kunnen dan degenen die er al zijn, dat ze de boel gaan fiksen. Anders waren ze er nooit aan begonnen.

De verkozen NSC’ers zijn allemaal heel erg expert ergens in: hoe de rechtsstaat zou moeten werken, hoe je de pensioenuitkeringen moet uitrekenen, wat er komt kijken bij de verdediging van een land, hoe het is om hardhandig in aanraking te komen met een disfunctionerende overheid die zich door racistisch afgestelde algoritmen laat leiden, hoe rechtvaardigheid en goed bestuur eruit zouden moeten zien, wat het verschil is tussen een boerderij runnen in Groningen en hetzelfde doen in Brabant, of hoe je goed wegkomt bij het CDA als je daar een beetje bent vastgelopen.

Over de auteur

Sheila Sitalsing is podcastpresentator en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Ze kwamen voor Pieter Omtzigt en voor het bestormen van de hemel, ze kregen een naargeestig document vol rare coalitieafspraken die ze moeten helpen uitvoeren. Er was ze weliswaar iets verteld over lekker eigenzinnig extraparlementair je eigen ding blijven doen, maar dat valt in de praktijk niet altijd mee, want dan wordt Wilders boos of gaat Van der Plas roddelen dat Omtzigt heeft gehuild, en zo kon het komen dat Isa Kahraman een tragische man werd.

Kahraman moet als NSC-parlementariër het paragraafje ‘buitenland’ uit de coalitieafspraken helpen stutten. Hij is een vriendelijk ogende man die vanuit Zuidoost-Turkije naar Rijssen vluchtte, in Parijs een opleiding in ‘internationaal leiderschap’ deed en lange tijd werkte voor een Amerikaans adviesbureau met klandizie in 52 landen en een hoofdkantoor in belastingvriendelijk Dublin. Een man, kortom, die heus wel weet dat er een buitenland bestaat en dat dit meer is dan een verzameling exotische gerechten en strandbestemmingen.

Daarom doet het een beetje zeer als je hem warrige betogen hoort afsteken over ‘de opt-out’ die Nederland volgens hem gaat binnenslepen in Brussel – een onzinoptie, allang afgeserveerd, iedereen weet het, hij ook, en toch.

Of als je hem het – definitieve – kabinetsbesluit hoort verdedigen om het laatste plukje achtergebleven Afghaanse bewakers die Nederlandse militairen en diplomaten hebben bijgestaan in Afghanistan te laten. De Afghanen zijn het slachtoffer geworden van het nieuwe eigen-volk-eerstbeleid, ze hierheen halen kost 76,60 euro per dag, zo rekenden ambtenaren uit in de dragende motivering om ze daar te laten, in weerwil van een eerdere belofte.

Zijn eigen Omtzigt pleitte eerder nog hartstochtelijk vóór de overtocht van de Afghaanse bewakers en het inlossen van een ereschuld, en nu werd Kahraman erop uitgestuurd om namens de coalitie het tegendeel recht te praten. Dat viel hem niet mee, hij sprak in het Nederlands Dagblad van een ‘moeilijk ethisch dilemma’: enerzijds voelt hij de verantwoordelijkheid om Afghanen die in gevaar zijn te helpen, anderzijds zegt hij dat Nederland ‘niet de hele wereld kan redden’.

Daar kun je om lachen, je kunt er geduldig op wijzen dat het eerste en het tweede deel van dit ‘dilemma’ vrijwel niks met elkaar te maken hebben, maar waar het om gaat is dat Kahraman angst en walging moet inboezemen voor het grote, gekke, verre, gevaarlijke, boze buitenland en de mensen die daar wonen.

Dat tragiek van Kahraman en zijn medehemelbestormers die dachten dat ze iets groots kwamen verrichten, is dat ze zich hebben laten opsluiten in een coalitie waarin het buitenland is gereduceerd tot een hinderlijk vlekje op het tafelblad. Dichte grenzen moeten ongewenste reizigers tegenhouden, Nederlandstalige colleges en bezuinigingen moeten het onderwijs buitenlandervrij houden, hulpgelden moeten hier blijven, Europese en internationale verdragen worden als nodeloze ballast ontdoken, diplomatieke posten worden onnodig verklaard.

Het buitenland is grondig uit de mode, tenzij je er asielzoekers aan kunt verhandelen. Aan de wartaal van Kahraman en de van gêne gebogen ruggen van zijn collega’s merk je dat ze dit nooit zó hadden bedoeld met hun begeesterde betogen over een nieuw sociaal contract.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next