Ongeveer de helft van de moslims in de EU heeft te maken gehad met discriminatie, blijkt uit nieuw Europees onderzoek. Nederland is bovengemiddeld islamofoob. ‘We zien een zorgwekkende toename van moslimdiscriminatie.’
is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over asiel, migratie en de multiculturele samenleving.
Ahlam Benali stond twee jaar geleden in een Haags winkelcentrum op de lift te wachten, met in de kinderwagen haar 2-jarige dochter, toen ze werd aangesproken door twee oudere vrouwen. ‘Wat sta je daar nou, ga eens aan de kant’, zei een van de vrouwen tegen de in Nederland geboren en getogen Benali. ‘Rot op naar je eigen land.’
Er ontstond een woordenwisseling, waarna de tweede vrouw opstond uit haar scootmobiel, op Benali afstoof en haar hoofddoek aftrok. ‘Ze schopte me en krabde me in het gezicht’, vertelt de nu 34-jarige Benali. ‘Gelukkig schoten omstanders te hulp.’ Benali deed huilend haar hoofddoek weer op zijn plek en ging naar huis. ‘Ik was totaal in paniek.’
Benali’s verhaal staat niet alleen, blijkt uit onderzoek dat de European Union Agency of Fundamental Rights (FRA) donderdag publiceert. FRA, de officiële EU-instantie die racisme, antisemitisme en andere vormen van discriminatie monitort, nam in 2021 en 2022 enquêtes af onder bijna tienduizend moslims in dertien EU-landen. 47 procent zei in de vijf jaar daarvoor te maken te hebben gehad met discriminatie, in 2016 was dat nog 39 procent. Er wonen zo’n 26 miljoen moslims in de EU, ze vormen ongeveer 5 procent van de bevolking.
‘Het onderzoek toont een zeer grimmig beeld’, zegt Vida Beresneviciute, onderzoeker bij FRA en auteur van het onderzoeksrapport. ‘Ruim een kwart van de moslims is vanwege geloof of etniciteit uitgescholden of lastiggevallen’, zegt ze. ‘Online-uitingen hebben we daarbij niet meegeteld.’ Bovendien kreeg 4 procent van de moslims te maken met fysiek geweld. Vrouwen die een hoofddoek dragen, zijn daarbij relatief vaak slachtoffer.
Uit het rapport Being Muslim in the EU blijkt verder dat Nederland bovengemiddeld islamofoob is: 55 procent van de respondenten geeft aan in de vijf jaar voorafgaand aan de enquête discriminatie te hebben ervaren. Een derde werd uitgescholden of lastiggevallen, 5 procent kreeg klappen of ander fysiek geweld te verduren. Eerder bleek ook al uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek, en uit rapporten van de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme, dat Nederlandse moslims het zwaar hebben.
‘Europese moslims ervaren steeds meer uitsluiting bij het vinden van een baan of een woning’, aldus Beresneviciute. ‘Dat heeft weer gevolgen voor de gezondheid en het welzijn van zowel kinderen als volwassenen.’ 8 procent van de Europese moslims zegt dat hun kinderen op school worden gepest of uitgesloten, in Nederland is dat 15 procent. ‘We zien daarbij dat jonge moslims drie keer vaker dan gemiddeld vroegtijdig school verlaten.’
Eigenlijk zijn de gepubliceerde cijfers alweer achterhaald, de enquêtes zijn afgenomen voor de terreuraanval van Hamas op 7 oktober 2023, waarna volgens FRA naast anti-semitisme ook moslimhaat is toegenomen. ‘We zien een zorgwekkende toename van moslimdiscriminatie, gevoed door de conflicten in het Midden-Oosten en verergerd door dehumaniserende antimoslimretoriek op het hele continent’, schrijft FRA-directeur Sirpa Rautio daarover in een persbericht.
‘We krijgen veel meldingen van incidenten gerelateerd aan de aanval op Gaza’, zegt ook Ömer Karaca, sociaal-wetenschapper en bestuurslid van de stichting Meld Islamofobie, een meldpunt voor slachtoffers van moslimdiscriminatie. Karaca ziet een toename van agressie tegen met name vrouwen in de openbare ruimte: ‘Moslima’s worden door onbekenden op straat uitgemaakt voor Hamashoer.’
Er zijn ook meldingen van fysiek geweld. ‘Een vrouw liep ’s avonds met haar kinderen op straat in Rijswijk, en werd door een man gevolgd’, vertelt Karaca. ‘Dood aan Palestina’, riep de man, waarna hij Geert Wilders en de PVV roemde en op de vrouw spuugde. ‘Wat kijk je nou?’, schreeuwde hij haar vervolgens meerdere keren in het gezicht.’
Uit het onderzoek van FRA blijkt dat moslims doorgaans niet aan de bel trekken als ze worden gediscrimineerd. Slechts 6 procent doet melding bij werkgever, schoolleiding, meldpunten of autoriteiten. Vier van de tien respondenten denken ‘dat er toch niks mee gedaan zal worden’, ruim een vijfde zegt geen melding te maken van discriminatie ‘omdat het de hele tijd gebeurt’.
Ahlam Benali wilde wel aangifte doen tegen haar belager in de scootmobiel. ‘Maar op het politiebureau zeiden ze dat ik nu eenmaal in een wilde buurt woon, dat er heel veel vrouwen met scootmobiels zijn en dat ze de capaciteit niet hadden om videobeelden te analyseren.’ Onverrichterzake keerde ze terug naar huis, waar ze de woede voelde opborrelen en tijdschrift De Kanttekening belde. ‘De politie beweerde vervolgens tegen de journalist dat ik het verkeerd had begrepen’, aldus Benali. ‘Toen mocht ik alsnog aangifte doen.’
Europese moslims hebben onder meer te maken met discriminatie op de arbeidsmarkt, bij het zoeken naar woningen, en bij het krijgen van medische zorg, blijkt uit het FRA-onderzoek. Dat probleem is groeiende. In 2016 kreeg 31 procent van de moslims die een baan zoeken te maken met discriminatie, inmiddels is dat 39 procent. Onder jonge vrouwen (16 tot 24 jaar) die een hoofddoek dragen gaat het zelfs om 58 procent.
Daar kan de 21-jarige Samia Boukhizzou uit Den Haag over meepraten. In het eerste jaar dat ze op het mbo voor onderwijsassistent studeerde, werd ze op de school waar ze stage wilde lopen geweigerd vanwege haar hoofddoek. ‘Ik ben van jongs af aan gewend dat moslims gediscrimineerd worden in Nederland’, vertelt ze. ‘Maar dit was de eerste keer dat ik besefte dat moslimhaat invloed zou kunnen hebben op mijn carrière.’
Boukhizzou verdiepte zich erin en vond het beleid tegen stagediscriminatie zeer matig. ‘Er wordt gepleit voor anoniem solliciteren. Maar waarom zou ik mijn identiteit moeten weglaten omdat anderen zich niet kunnen gedragen? Daar maakte ik me kwaad over.’ Ze werd bestuurslid van JOB MBO, de landelijke belangenorganisatie voor mbo-studenten, en ontfermde zich over de portefeuille stagediscriminatie en gelijke kansen.
Ook in die rol liep ze geregeld tegen discriminatie aan. ‘Op congressen werd ik aangezien voor iemand van de bediening’, vertelt ze. ‘En we waren een keer uitgenodigd op een evenement waar koningin Máxima aanwezig was. Daar werd ik vijf keer gecheckt door beveiligers. Mijn witte collega-bestuursleden konden na de eerste controle doorlopen.’
Na een televisieoptreden waarin Boukhizzou als vertegenwoordiger van mbo-studenten kwam vertellen over de impact van de coronamaatregelen, kreeg ze op sociale media de volle laag. ‘Het was bevreemdend’, aldus Boukhizzou. ‘Het ging alleen over mijn hoofddoek. Alsof wie ik verder ben en waarover ik die avond had gesproken helemaal niet bestonden.’
Het maakte haar alleen maar strijdbaarder. ‘Ik voelde me ontzettend alleen op dat soort momenten’, aldus Boukhizzou. ‘Ik bedacht me hoeveel andere moslims dit meemaken en hoe eenzaam zij zich waarschijnlijk ook voelen en besloot dat ik er iets aan wilde doen.’ Ze richtte anderhalf jaar geleden het bedrijf Hizzou (‘geworteld’ in het Berbers) op, waarmee ze workshops en trainingen over inclusie en discriminatie aanbiedt aan scholen en bedrijven.
Boukhizzou merkt dat mensen zich sinds de verkiezingswinst van Wilders en zijn PVV vrijer voelen hun moslimhaat te uiten. ‘Het is nu heel normaal om te zeggen dat migranten weg moeten, het taboe is er helemaal af.’ Ook FRA concludeert dat het discrimineren van moslims in Europa ‘bijna normaal is geworden’. FRA-onderzoeker Beresneviciute benadrukt de verantwoordelijkheid van politici: ‘Discriminatie van minderheden neemt toe als politici zich negatief over hen uiten.’
Ook Karaca van Meldpunt Islamofobie ziet dat het politieke klimaat van invloed is. ‘83 procent van de moslims die het afgelopen jaar een melding hebben gedaan, voelt zich onveiliger dan een jaar eerder’, vertelt hij. ‘De verkiezingswinst van Wilders wordt, naast de aanval op Gaza, vaak genoemd als reden.’
Moslimhaat tiert welig op sociale media, en ook in de traditionele media gaat het geregeld mis. ‘Toen Mona Keijzer op televisie insinueerde dat antisemitisme bijna inherent is aan de islam, kregen moslims de volgende dag op hun werk de vraag waarom ze Joden haten’, aldus Karaca.
‘Dit fenomeen staat bekend als racialisering’, legt hij uit. ‘Dat betekent dat een dominante groep negatieve en onveranderlijke kenmerken toekent aan alle leden van een andere groep, die daarmee als minder wordt bestempeld. Moslims worden al heel lang neergezet als terroristen, als veiligheidsprobleem en nu ook als antisemitisch.’
In Nederland ligt de meldingsbereidheid met 11 procent relatief hoog, maar ook hier heerst onder moslims groot wantrouwen in overheid en instanties. Dat was een van de redenen dat in 2015 Meld Islamofobie is opgericht. ‘Een meldpunt georganiseerd vanuit de gemeenschap wekt meer vertrouwen’, legt Karaca uit. ‘Maar we zien dat veel mensen ook bij ons pas na het zoveelste incident melding doen.’
‘De meeste moslims blijven stil als ze gediscrimineerd worden’, ziet ook Benali, die zich als columnist van tijdschrift De Kanttekening en in ingezonden brieven juist wel geregeld laat horen. ‘Ze zijn bang om niet serieus genomen te worden, en vrezen nog meer discriminatie.’ Ze begrijpt dat goed: ‘Moslims hebben een kwetsbare positie in Nederland. Als je kritisch bent, krijg je doorgaans een enorme lading bagger over je heen. Dan zeggen ze dat je je maar moet aanpassen of anders moet oprotten.’
Dat terwijl Benali haar kritiek als uiting van liefde ziet. ‘Ik houd van Nederland, een land waar iedereen gelijke rechten heeft, of je nu moslim, jood, of lhbti’er bent. Ik ben opgegroeid met de overtuiging dat er vrijheid van religie en meningsuiting moet zijn.’ Benali houdt even stil en lijkt een brok weg te slikken. ‘Dus als ik iets zeg over islamofobie is het niet uit haat jegens witte Nederlanders, maar omdat ik me zorgen maak. Zoals ik ook mijn kinderen aanspreek als ze iets doen dat tegen onze normen ingaat: in de hoop ze de juiste richting in te duwen.’
Benali won de rechtszaak, ook in hoger beroep kreeg ze gelijk: de vrouw in de scootmobiel is veroordeeld en moest een boete betalen wegens mishandeling en strafbare belediging. ‘Het belangrijkste vind ik dat de rechter erkende dat er een racistisch motief was’, aldus Benali. ‘Toen is bij mij het besef ingedaald dat ik echt in een goed geregelde rechtsstaat woon, dat houdt me hoopvol.’
De toegang tot de rechtsgang kan nog wel wat beter, vindt ze. ‘Drempels om aangifte te doen moeten omlaag, en het zou goed zijn als de politie wordt getraind in het herkennen van moslimhaat.’ Inspanningen van het kabinet om de strijd tegen antisemitisme te intensiveren, juicht ze toe. ‘Maar wat voor antisemitisme geldt, moet ook voor moslimhaat gelden. We voeren dezelfde strijd.’
Boukhizzou merkt tijdens het geven van haar workshops hoeveel emoties loskomen bij studenten met een biculturele achtergrond. ‘Het ontbreekt op scholen en in bedrijven vaak aan een luisterend oor.’ Bij witte Nederlanders stuit ze nog geregeld op muren. ‘Het komt voor dat deelnemers me eindeloos doorzagen over mijn hoofddoek, dat ze in twijfel trekken of iemand met een hoofddoek wel een Nederlander kan zijn.’
Het raam van haar kantoor kijkt uit over Den Haag, de stad waar ze is opgegroeid. In de verte torenen de ministeries boven de gebouwen uit. ‘Afgelopen zomer gooide een oudere man daar in het centrum van de stad een brandende peuk tegen me aan’, vertelt ze. ‘Hij schold me uit voor pinguïn en zei dat ik het land uit moest. Op dat soort momenten zakt de moed me in de schoenen.’
Toch blijft ze geloven dat verandering mogelijk is. ‘Maar we moeten het wel samen doen’, zegt ze. ‘Nederlanders moeten erkennen dat er verschillen zijn tussen ons, en dat we allemaal gelijke rechten hebben. En dat de Nederlandse cultuur zich niet beperkt tot plat gezegd mensen met blauwe ogen en blond haar dat los wappert in de wind.’
Geselecteerd door de redactie
‘Een Afrikaan zal zich toch anders verhouden tot een journalist van kleur’
Judith de Kom over haar vader Anton: ‘Ik ben jarenlang door hem geobsedeerd geweest’
Source: Volkskrant