Het kabinet-Schoof oogde maandenlang instabiel en verweesd, maar het asielakkoord tussen PVV en NSV verraadt dat er nog genoeg krachten zijn die het gelegenheidsverbond bij elkaar houden. Ook Geert Wilders heeft dit kabinet nodig.
is politiek verslaggever en onderzoeksjournalist van de Volkskrant.
Geert Wilders liet zich intern graag voorstaan op zijn churchilliaanse standvastigheid – never give in – maar die luxe kan hij zich als leider van de grootste regeringspartij in de Tweede Kamer niet meer veroorloven. Een rechte rug in de strijd met NSC over de asielnoodwetgeving had waarschijnlijk het einde van het kabinet-Schoof betekend. Wilders durfde die verantwoordelijkheid uiteindelijk niet aan en koos voor de – in zijn eigen woorden – ‘ruggengraat van een banaan’.
Aanvankelijk klonken in zijn retoriek juist de oude instincten nog door. De noodknop moest en zou er komen, anders wist Wilders niet of hij nog wel ‘gezellig’ zou doorgaan. Hij wees erop dat zijn kiezers bereid waren om opnieuw naar de stembus te gaan en verweet NSC het kabinet te ‘slopen’ door zich te blijven verzetten tegen noodwetgeving.
Alles over politiek vindt u hier.
Was het allemaal strategie? Wilders heeft met zijn onverzoenlijke houding wellicht een verdere aanscherping van het asielbeleid bereikt, maar daar betaalt hij ook een prijs voor. De volgende keer dat Wilders nog dreigt met een kabinetscrisis zal niet iedereen hem meer serieus nemen. Als hij bereid is om een compromis te sluiten op het voor hem allerbelangrijkste onderwerp – asiel – hoeveel meer zal hij dan nog toegeven?
De coalitiepartners kunnen hem misschien vaker op de proef stellen in onderhandelingen, maar tegelijkertijd is al langer duidelijk dat VVD, NSC en BBB niet zitten te wachten op een kabinetcrisis. De VVD wordt al verantwoordelijk gehouden voor de val van het vorige kabinet en kan zich dat als zelfverklaarde verantwoordelijke bestuurderspartij niet nog een keer permitteren. BBB moet bestuurlijk toeslaan nu de partij nog een kracht van jewelste vormt in de Eerste Kamer. Dat machtsinstrument zal in 2027 waarschijnlijk verloren gaan. NSC is in de peilingen gedecimeerd; nieuwe verkiezingen kunnen fataal zijn.
NSC ging nu toch de confrontatie aan, omdat de inzet van het noodrecht lijnrecht indruist tegen de eigen staatsrechtelijke principes van zorgvuldig en juridisch houdbare wetgeving. Tijdelijk fractievoorzitter Nicolien van Vroonhoven mag hopen dat kiezers die moed zullen waarderen, al zal er ook nieuwe discussie ontstaan over de hardvochtigheid van sommige nieuwe asielmaatregelen die in het uitonderhandelde pakket staan.
Zonder politieke calculatie was het verzet van NSC niet. Wilders kan moeilijk breken op een onderwerp dat zich niet leent voor een volgende verkiezingscampagne. Er is geen meerderheid voor in de Eerste Kamer en alle geopenbaarde adviezen maken ook nog eens duidelijk dat de rechter de noodmaatregel waarschijnlijk ongedaan zal maken. Hoe kan Wilders zijn kiezers dan beloven dat er na nieuwe verkiezingen wél noodrecht zal komen?
Een kabinetscrisis is ook om andere redenen niet aanlokkelijk voor Wilders. Na de val Rutte I, het kabinet dat de PVV gedoogde, verbleef hij ruim een decennium in politiek isolement. Een nieuwe breuk kan hem opnieuw de reputatie opleveren van iemand die niet in staat is om samen te werken en dat terwijl de PVV-leider zichtbaar geniet van zijn nu internationaal gegroeide status. Op basis van de huidige peilingen lonkt er voor Wilders bovendien geen route naar een andere of betere coalitie.
Wilders heeft zijn lot verder aan dit kabinet verbonden en neemt op de koop toe dat zijn eigen PVV-minister van Asiel en Migratie, Marjolein Faber, de afgelopen week werd gedegradeerd tot een onwetende figurant. Faber verklaarde nog doodleuk dat de coalitie al aan het onderhandelen was over haar gedragen motivering van de invoering van noodwetgeving, terwijl Wilders toen al op zoek was naar een compromis. ‘Ze moet zich versproken hebben’, merkte de PVV-leider glimlachend op.
Ook de PVV-fractievoorzitter in de Eerste Kamer, Alexander van Hattem, staat in de kou. Tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen in de senaat maakte de PVV’er gehakt van het idee dat spoedwetgeving een alternatief zou kunnen zijn voor de door zijn partijleider gewenste noodknop. Van Hattem waarschuwde dat de spoedwetgeving formeel ‘helemaal niet bestaat in ons staatsrecht’, dat de Raad van State geen haast hoeft te maken, dat de oppositie kansen te over heeft om zand in de motor te gooien met bijvoorbeeld hoorzittingen en schriftelijke vragenrondes. ‘Het is vrijwel zeker dat ze gebruik zullen maken van deze mogelijkheden, waardoor de veronderstelde spoed als sneeuw voor de zon verdwijnt’, aldus Van Hattem. ‘Je bent zo één of twee jaar verder.’
Wilders, die zelf zich publiekelijk nooit zo negatief uitliet over de optie van spoedwetgeving, had zijn mede-PVV’er niet ingeseind dat er mogelijk toch een compromis in maak was. Nu zal Van Hattem in navolging van zijn partijleider alsnog ‘heel blij’ moeten zijn met de spoedwetgeving die hij eerder affakkelde.
Het lot van Faber en Van Hattem maakt opnieuw duidelijk dat alle PVV’ers zich moeten schikken naar de wensen van Geert Wilders. En één wens van Wilders is na het compromis van woensdag voorlopig duidelijk: het kabinet-Schoof moet overeind blijven.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant